Meconium in het vruchtwater: risico’s voor moeder en kind

Laatst bijgewerkt: september 2019
pasgeb-mecon-170-08.jpg

nieuws De eerste ontlasting die een baby produceert, wordt meconium genoemd. Onder normale omstandigheden wordt het meconium na de geboorte uitgescheiden wanneer het kind begint te drinken. Soms produceert de baby meconium voor de bevalling en komt het in het vruchtwater terecht. Dat is waarschijnlijk een gevolg van stress bij de baby, bijvoorbeeld door een verminderde zuurstoftoevoer. Het vruchtwater krijgt dan een bruingroene kleur.

Naarmate de duur van de zwangerschap toeneemt, neemt ook de kans op meconium in het vruchtwater toe. Bij een vroeggeboorte is die kans ongeveer 5 procent, bij een normale, bij een geboorte binnen de normale termijn kan dat oplopen tot meer dan 20 procent, bij een geboorte over tijd (na 42 weken) zelfs tot 50 procent.

Risico’s voor moeder en kind
Meestal is meconium in het vruchtwater geen probleem voor de gezondheid van de baby, zeker wanneer de zwangerschap voor de rest normaal is verlopen, en zal de bevalling normaal kunnen verlopen. Toch zal de zwangerschap en de bevalling extra opgevolgd worden omwille van de mogelijke risico’s. Zo zal de conditie van de baby opgevolgd worden met cardiotocografie (CTG). Hiermee worden (veranderingen in de) de hartslag van de foetus en bewegingen in de baarmoeder gemeten.
Indien de conditie van de foetus achteruitgaat, zal de bevalling onmiddellijk ingeleid worden. Ook wanneer de vliezen voortijdig gebroken zijn zonder dat er weeën optreden (PROM), zal de bevalling ingeleid worden (ook als er nog geen meconium in het vruchtwater zit).

• Meconiumhoudend vruchtwater verhoogt de kans op infectie van de vliezen en de vruchtzak (chorioamnionitis) en op een baarmoederontsteking (endometritis).
• Wanneer de baby tijdens de weeën en de geboorte naar adem hapt of inademt, kan het meconiumhoudende vruchtwater in de longen terecht komen (meconiumaspiratie). Dit kan ademnood veroorzaken en kan ook tot ernstige ademhalingsproblemen leiden (Meconiumaspiratiesyndroom of MAS). Dit komt voor bij naar schatting zo’n 5 à 10 procent van de zuigelingen met meconium in het vruchtwater.
• Het verhoogt de kans op een keizersnede en op perinataal overlijden.

Behandeling
• Wanneer bij de bevalling meconium in het vruchtwater wordt aangetroffen, wordt de mond- en keelholte van de baby direct na de geboorte uitgezogen.
• Het uitzuigen van de mond- en keelholte tijdens de bevalling, na de geboorte van het hoofd en voor de geboorte van de schouders, wordt afgeraden. Deze praktijk werd tot voor kort op grote schaal toegepast.
• Bij ‘niet-levendige’ baby’s (met een zwakke ademhaling en trage hartslag) wordt aanbevolen om het meconium na de geboorte uit de lagere luchtpijp te zuigen. Indien nodig zal ook een buisje in de luchtpijp worden gebracht (intubatie) om de luchtweg te beveiligen.
Bij ‘levendige’ kinderen zonder tekenen van ademnood, is dit niet nodig.
• Indien nodig zal de baby extra zuurstof krijgen of kunstmatig beademd worden.
• De kinderen worden minstens gedurende 8 tot 24 uur nauwlettend geobserveerd omdat de ademhalingsproblemen soms pas na enkele uren optreden.

Bronnen:
www.knov.nl
www.ntvg.nl



verschenen op : 26/08/2014 , bijgewerkt op 02/09/2019


pub