Scheenbeenirritatie / beenvliesontsteking / Shin-splints /Tibiaal Stress Syndroom (T.S.S)

Laatst bijgewerkt: oktober 2015
In dit artikel
Scheenbeenirritatie / beenvliesontsteking / Shin-splints /Tibiaal Stress Syndroom (T.S.S)

dossier Shin-splints, beenvliesontsteking of Tibiaal Stress Syndroom (T.S.S) is een veel voorkomende overbelastingsblessure aan de binnenzijde van het scheenbeen (=Tibia). Shin splints is eigenlijk een verzamelnaam voor verschillende blessures veroorzaakt door overbelasting die zich over het algemeen in het onderste tweederde gedeelte van het vooronderbeen bevinden.

Het is een typisch loopletsel, maar het kan ook voorkomen bij mensen die niet lopen. Men heeft pijn bij het stappen en bij aanraking van het scheenbeen. De pijn wordt veroorzaakt door irritatie van het beenvlies op de plaats waar de spieren zich hechten aan het bot.

Klachten

tss-been-180.jpg
Een zeurende of stekende pijn op de onderste helft van het scheenbeen aan de binnenzijde (een tiental centimeters boven de binnenenkel). De pijn kan ook lager, tot aan de binnenenkel, of hoger tot aan de knie gevoeld worden, afhankelijk van de preciese locatie van de irritatie of ontsteking
In het begin is de pijn alleen aanwezig na belasting en verdwijnt ze na rust; na verloop van tijd duurt het steeds langer en is steeds meer rust nodig voor de pijn helemaal verdwijnt. Uiteindelijk is de pijn altijd aanwezig, ook na langdurige rust.
De pijn wordt vooral gevoeld wanneer men de voet neerzet en afstoot. Soms ook wanneer men hurkt, bij aanraking (bv. wanneer men de benen kruist) en wanneer de tenen of de voeten naar beneden gedrukt worden.

Oorzaken

Het onderbeen bestaat uit 2 beenderen, het scheenbeen (tibia) aan de aan de binnen-voorzijde en het kuitbeen (fibula) aan de zij-achterkant. De 2 beenderen worden verbonden door een sterke bindweefselplaat. Onderaan vormen het scheenbeen en het kuitbeen de benige onderdelen van respectievelijk binnen en buitenenkel. De beenderen worden omhuld door een dun beenvlies (periost), dat zeer gevoelig is. Aan het onderbeen ontspringen een aantal spieren: de diepe kuitspier (m. Soleus), de achterste scheenbeenspier (m. tibialis posterior) en de lange teenbuigspier (m. flexor digitorum pedis) aan de achterzijde van het onderbeen; Aan de voorzijde van het onderbeen (m. tibialis anterior) loopt de voorste scheenbeenspier. Deze spieren spelen een belangrijke rol bij de schokdemping en het stabiliseren van de voet en de balans van het lichaam tijdens het staan, lopen en springen.
Al deze spieren spelen een rol bij scheenbeenirritatie, die ontstaat door irritatie en eventueel ontsteking van het beenvlies op de plaats van de aanhechting van de spieren aan het bot door overbelasting. Overbelasting ontstaat altijd als het lichaam niet de tijd gegeven wordt zich te herstellen van een geleverde inspanning.
De overbelasting wordt meestal veroorzaakt door een samenspel van factoren:

overpronatie-150.jpg
• In een korte tijd te veel, te vaak en te snel lopen en springen. Oppassen dus aan het begin van het seizoen of na een blessureperiode. De intensiteit van de sportinspanning moet rustig opgebouwd worden.
• Wandelen en lopen op een harde ondergrond in combinatie met slecht schokabsorberend en ondersteunend schoeisel.
• Veel en langdurig bergaf stappen
• een verkeerde looptechniek waarbij de voorvoet en niet de hiel eerst de grond raakt, of waarbij je te grote passen neemt waardoor de voet de grond raakt als de knie nog gestrekt is
onaangepaste schoenen die onvoldoende zijwaartse stabiliteit en schokdemping geven: vooral de zool en de hielkap zijn daarbij belangrijk. Een verkeerde schoen kan leiden tot een verkeerde voetafwikkeling, waardoor overpronatie ontstaat (het teveel naar binnen doorzakken van de voet tijdens de landing op de grond). Idem bij een scheef afgesleten zool. Scheenbeenirritatie zou ook in toenemende mate voorkomen bij mensen die lagdurig stappen met schoenen met platte zolen (genre ballerina’s of platte sandalen) of met zachte rubberen zolen zonder hielsteun (bv. bij aanstekers).

overpronatie-pict-150.jpg

Overpronatie

overpronatie: Dit is de meest voorkomende oorzaak. Bij overpronatie kantelt de voet, waarbij de binnenrand doorzakt en de hiel onder een scheve hoek onder het onderbeen komt. Door deze beweging komt grotere rek op de achterste scheenbeenspier en op de voet-en teenbuigers te staan. De diepe kuitspier wordt asymmetrisch opgerekt. Dit geeft een grotere belasting op vooral de aanhechting aan het scheenbeen.
beenlengteverschil: geeft een asymmetrische belasting van de onderbeenspieren,
standafwijkingen van de voeten (platvoeten, holvoeten) waardoor de betrokken spieren overmatig worden uitgerekt bij het landen.
• Een instabiele of te weinig beweeglijke enkel
• Een onevenwichtige spieropbouw: dysbalans tussen de buig- en de strekspieren van de voet, verkorting van de kuitspieren (een typisch fenomeen bij fietsers of voetballes die gaan joggen)...
Overgewicht.

Behandeling

Wat kan u zelf doen?
• Indien u een zeurende pijn voelt tijdens of direct na het stappen of lopen, moet u stoppen. Doorgaan leidt van kwaad tot erger. In het beginstadium zullen de klachten misschien verdwijnen als u enkele dagen of weken niet meer gaat lopen of wandelen.
• Masseer het pijnlijke gebied enkele keren per dag gedurende een vijftal minuten met een ijsklontje. Of leg een ijspack op de pijnlijke plek (2 à 3 keer per dag gedurende 15 à 20 minuten).
• Doe rekoefeningen voor de spieren van het achteronderbeen.
• Verander van schoenen en probeer of de klachten daardoor verbeteren.

Wanneer een arts raadplegen?
Wanneer de klachten niet spontaan overgaan en/of wanneer ze u hinderen bij stappen of lopen, raadpleegt u het best een arts. De diagnose kan meestal eenvoudig gesteld worden aan de hand van de klachten, een lichamelijk onderzoek, schoeninspectie en loopanalyse.
De behandeling is afhankelijk van de ernst van de klachten.

• Rust: Meestal zal volledige rust worden voorgeschreven tot de pijn is verdwenen. Eventueel mag men wel fietsen of zwemmen.
• IJs
• Ontstekingsremmers: Indien nodig zal de arts een ontstekingsremmer voorschrijven.
• Rekoefeningen en spierversterkende oefeningen: Oefeningen om de spierkracht van de kuit en onderbeenspieren én het coördinatievermogen van de enkel te verbeteren.

Preventieve maatregelen (herhaling voorkomen)

• Een goede voorbereiding, een geleidelijke trainingsopbouw en een uitgebreide warming-up voor sportbeoefening verkleinen de kans op een scheenbeenirritatie. Loop zo weinig mogelijk op een harde ondergrond.
Geschikte (sport)schoenen met goede schokabsorbtie verkleinen de kans op scheenbeenirritatie. Versleten schoenen dienen vervangen te worden. Sterke proneerders moeten een schoen met anti-pronatie correctie aanschaffen. De hielkap dienst daarbij stevig te zijn.
• Indien de oorzaak ligt bij te platte schoenen of schoenen die te weinig steun bieden (bv. aanstekers) is het belangrijk om die zo weinig mogelijk te dragen.
Correctie van bepaalde tekortkomingen, zoals platvoeten, een beenlengteverschil, overpronatie, enz. met aangepaste inlegzolen of hielstukjes in de schoenen.



verschenen op : 14/07/2008 , bijgewerkt op 28/10/2015


pub