Nauwkeuriger test voor baby met gehoorbeschadiging

Laatst bijgewerkt: november 2019

nieuws Een nieuwe meettechniek laat toe om gehoorverlies bij baby’s gedetailleerd in kaart te brengen. Daardoor kan de baby sneller en preciezer hulp krijgen. De test wordt het beste uitgevoerd als het kind 1 week tot drie maanden oud is, en gebeurt gewoon tijdens de slaap. De methode werd op punt gesteld door Heleen Luts (afdeling Experimentele Oto-, Rino- en Laryngologie van de KU Leuven)
In Vlaanderen worden gemiddeld twee kinderen op duizend geboren met gehoorverlies in één of beide oren. Als dat gehoorverlies onopgemerkt blijft, kan dat zorgen voor een achterstand in de spraak- en taalontwikkeling . Daarom screent Kind en Gezin sinds 1998 het gehoor van alle pasgeborenen in Vlaanderen. Als de baby niet normaal lijkt te horen, moet hij verder onderzoek ondergaan.
Tijdens dat onderzoek wordt de hersenactiviteit van de baby gemeten als reactie op een geluidssignaal. Maar de techniek die tot nu toe het meeste gebruikt wordt (BERA), geeft te weinig informatie over de precieze gehoorproblemen van het kind. Een verkeerde diagnose blijft mogelijk en hoorapparaten kunnen op basis van de beschikbare gegevens niet nauwkeurig genoeg worden afgesteld.
Een andere, recentere methode (ASSR) kan technisch gezien een veel nauwkeuriger meting geven. Belangrijk is een heel precieze schatting van de drempelwaarden voor bepaalde frequenties: hoort de baby bijvoorbeeld nog lage, midden- of hoge tonen? De meting moet ook binnen een vrij korte tijdspanne kunnen; in dit geval lukte dat binnen het uur. De beste leeftijd is van 1 week tot 3 maanden. Dan is het mogelijk de metingen uit te voeren tijdens de natuurlijke slaap van de baby. De drempelwaarden voor vier verschillende frequenties maken een nauwkeuriger diagnose mogelijk. De meting op zo jonge leeftijd laat ook toe om sneller in te grijpen. Daardoor kunnen patiëntjes al vroeg een behandeling krijgen die beter is afgestemd op hun precieze problemen.






pub