Foute bewegingstherapie kan CVS-patiënten nog zieker maken

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws Bewegingstherapie is totnogtoe de enige behandelvorm voor het chronisch vermoeidheidssyndroom of CVS waarvan de werking bewezen is. Maar, zo waarschuwen wetenschappers in een recente studie: een foute bewegingstherapie kan de patiënt nog zieker maken. Het is dan ook erg belangrijk om rekening te houden met de complexiteit van de aandoening.

Ondanks de aanhoudende controverse rond het chronische vermoeidheidssyndroom (CVS), zijn er ook een aantal aspecten van deze ziekte waarover wetenschappers het wel eens zijn. Zo is er internationale consensus dat bewegingstherapie voor mensen met CVS leidt tot een verbetering van de levenskwaliteit, ook al is er geen sprake van genezing. Het is daarbij erg belangrijk dat bewegingstherapie op maat van de CVS-patiënt wordt afgesteld, zoniet kan de therapie de patiënt nog zieker maken.

Dat komt doordat de malaisetoestand, die CVS-patiënten typisch ervaren na te zware vormen van lichaamsbeweging, een voornaam en uniek kenmerk van de ziekte CVS is. Recent onderzoek van de Vrije Universiteit Brussel in samenwerking met collega’s van de University of Glasgow (UK) en de Artesis Hogeschool Antwerpen, brengt klaarheid in de oorzaken van deze malaisetoestand (Journal of Internal Medicine 2010;268:249-251).

Uit het onderzoek blijkt dat er drie redenen zijn waarom mensen met CVS zieker kunnen worden van te veel of te zware lichaamsbeweging. Bij gezonde mensen wordt tijdens een lichamelijke inspanning door de hersenen een dempend systeem geactiveerd dat lichamelijke signalen als pijn en vermoeidheid onderdrukken. Dit is echter niet het geval bij CVS-patiënten, zodat zij tijdens de inspanning erg gevoelig zijn voor deze prikkels.
Ten tweede leidt een te zware lichamelijke inspanning bij deze mensen tot een reactie van het afweersysteem, waarbij een eiwit wordt geactiveerd dat er mogelijk voor zou kunnen zorgen dat het dempende systeem bij CVS niet goed functioneert.
Ten derde, zo blijkt uit het onderzoek, overschatten mensen met CVS typisch het vermogen van hun eigen lichaam om lichamelijke inspanning uit te voeren, of negeren ze de reacties van hun lichaam.

Nochtans is beweging noodzakelijk voor iedere CVS-patiënt. In tegenstelling tot de bestaande medicatie is bewegingstherapie voorlopig de enige behandeling voor CVS waarvan het succes bewezen is. Maar opdat bewegingstherapie zou leiden tot een verbetering van de levenskwaliteit, moet er rekening worden gehouden met de complexiteit van de problematiek.






pub