Kokos: de nieuwste healthfood hype

Laatst bijgewerkt: maart 2008
kokos-olie-150.jpg

nieuws De Amerikaanse actrice Jennifer Aniston – vorig jaar door het Guinness Book of World Records uitgeroepen tot de meest invloedrijke actrice ter wereld – eet ze om te vermageren. Bij het Engelse rugbyteam stonden ze de voorbije wereldkampioenschappen op het menu om hun stofwisseling te versnellen en spieren te kweken. Kokosnoten zijn momenteel een echte rage, de ‘healthfood hype van 2008’, volgens de Britse krant The Guardian.
De sleutel tot het plotselinge succes van deze vrucht moet gezocht worden in de olie van de kokosnoot. Die wordt geperst uit het witte, droge ‘vruchtvlees'. Kokosolie bevat hoofdzakelijk laurinezuur, een verzadigd vetzuur, wat uitzonderlijk is voor een plantaardige olie. Meestal bevatten dierlijke producten verzadigde vetzuren. Verzadigd vet heeft een ongunstig effect op het cholesterolgehalte in het bloed. Het verhoogt namelijk het (slechte) LDL-cholesterol en als gevolg daarvan neemt het risico op hart- en vaatziekten toe.

Daarom wordt kokosolie traditioneel afgeraden. Laurinezuur verhoogt weliswaar het totaal cholesterolgehalte, maar dit is ten dele te verklaren door een verhoging van het (goede) HDL-cholesterol, waardoor het negatieve effect gedeeltelijk gecompenseerd wordt. Ten tweede is uit onderzoek gebleken dat de verzadigde vetzuren, ook laurinezuur, een ongunstig effect hebben op de tromboseneiging van het bloed. Trombose is het verschijnsel dat bloedplaatjes gaan samenklonteren en aan elkaar plakken. Producten met onverzadigde vetten hebben een veel gunstiger effect op het lichaam, en genieten dus de voorkeur.

Waarom dan die hele hype rond kokosolie?
Ten eerste wordt geargumenteerd dat kokosolie geen cholesterol bevat en daarom wel een gezond vet moet zijn dat past in een cholesterolarm dieet. Dat is wetenschappelijke onzin: het verhoogt wel degelijk het totaal cholesterol.
Een ander argument is dat kokosolie de stofwisseling versnelt waardoor vetten sneller verbranden. De verzadigde vetzuren in kokosolie zijn namelijk middellangeketen vetzuren die beter verbrand worden in de lever dan verzadigde vetzuren van dierlijke oorsprong, en die dus direkt bruikbare energie leveren. Ook voor deze beweringen blijken weinig of geen wetenschappelijke argumenten te bestaan. Ook als de middellange keten vetzuren sneller verbrand worden, blijft hun totale energiewaarde hetzelfde als de andere vetten. Wie 1 g kokosolie eet, krijgt dus evenveel energie (calorieën) binnen als wie 1 g boter smeert.
Kokosolie zou ook antibacteriële en ontstekingsremmende eigenschappen hebben en heilzaam zijn voor mensen die last hebben van schimmels. Het zou de opname van vitamine en mineralen bevorderen, maag- en darmklachten verhelpen en een stimulerend effect hebben op de werking van de schildklier. Ook deze beweringen worden niet gestaafd door wetenschappelijk onderzoek.
Conclusie van het verhaal: er bestaat geen enkel bewijs voor de wondere effecten van kokosolie. Voedingskundig blijft de belangrijkste boodschap dan ook dat de hoeveelheid verzadigde vetzuren in onze voeding omlaag moet, en dat er geen enkele reden bestaat om meer kokosolie te consumeren.



verschenen op : 30/11/2010


pub