Waarom hebben ouderen minder honger?

dossier

Veel ouderen merken dat ze minder honger hebben dan vroeger. Dat lijkt misschien een normaal onderdeel van het ouder worden, maar een verminderde eetlust verdient aandacht. Wie langdurig te weinig eet, loopt een groter risico op ondervoeding, onbedoeld gewichtsverlies en spierverlies.

Artsen spreken soms over 'anorexia van veroudering': een geleidelijke afname van de eetlust die vaak voorkomt bij oudere volwassenen. Naar schatting ervaart 15 tot 30% van de ouderen een verminderde eetlust, vooral bij mensen die in een woonzorgcentrum verblijven of opgenomen zijn in het ziekenhuis.

Maar waardoor ontstaat die verminderde eetlust? Het antwoord is complex: biologische veranderingen, psychologische factoren en de sociale omgeving spelen allemaal een rol.

Waarom is een verminderde eetlust bij ouderen een probleem?

Minder eten betekent niet automatisch een probleem. De energiebehoefte neemt met de leeftijd immers af. Toch kan een aanhoudend verlies van eetlust ernstige gevolgen hebben.

Een verminderde voedselinname wordt in verband gebracht met:

  • ondervoeding;
  • spierverlies (sarcopenie);
  • meer kwetsbaarheid;
  • een tragere wondgenezing;
  • een hoger infectierisico;
  • verlies van zelfstandigheid;
  • langere ziekenhuisopnames.

Bovendien gaat verlies van eetlust vaak vooraf aan zichtbaar gewichtsverlies. Daardoor kan het een belangrijk vroeg waarschuwingssignaal zijn.

Waarom neemt de eetlust af met de leeftijd?

Getty_oud_vrouw_honger_eten_2026.jpg

© Getty Images

Er bestaat niet één oorzaak. Meestal gaat het om een combinatie van lichamelijke, psychologische en sociale veranderingen.

1. Veranderingen in de hormonen die honger regelen

Onze eetlust wordt voortdurend gestuurd door signalen tussen de hersenen, de maag en de darmen. Bij het ouder worden verandert dat systeem.

Onderzoek wijst erop dat sommige hongerstimulerende signalen minder krachtig worden, terwijl signalen die een verzadigd gevoel geven juist sterker kunnen worden. Daardoor voelen ouderen zich sneller vol en blijft dat gevoel ook langer aanhouden.

De belangrijkste hormonen die de eetlust beïnvloeden

  • Ghreline – het hongerhormoon: Wordt vooral in de maag geproduceerd wanneer die leeg is en stimuleert de eetlust. Na een maaltijd daalt de hoeveelheid ghreline.
  • Leptine – het verzadigingshormoon: Wordt aangemaakt door vetcellen en geeft de hersenen informatie over de energiereserves van het lichaam.
  • Neuropeptide Y (NPY): Een krachtige eetluststimulator die ook betrokken is bij stressreacties en het energieverbruik.
  • Cholecystokinine (CCK): Een hormoon uit de dunne darm dat de spijsvertering stimuleert en na een maaltijd een verzadigd gevoel helpt opwekken.

Bij ouderen lijken vooral de effecten van ghreline en neuropeptide Y af te nemen, terwijl CCK sterker kan doorwerken. Dat draagt bij aan een verminderde voedselinname.

2. De maag raakt sneller gevuld

Ook de werking van het spijsverteringsstelsel verandert met de leeftijd.

De maag wordt minder soepel en kan zich minder goed uitzetten wanneer er voedsel binnenkomt. Daardoor ontstaat sneller een vol gevoel. Bij sommige ouderen blijft voedsel bovendien langer in de maag, waardoor de verzadiging langer aanhoudt.

3. Smaak en geur worden minder sterk

Voor veel ouderen smaakt eten gewoon minder intens dan vroeger.

Met de leeftijd neemt de gevoeligheid voor smaak en geur af. Daardoor verdwijnt een deel van het plezier dat eten normaal geeft. Vooral wanneer maaltijden weinig variatie of weinig aantrekkelijke geuren hebben, kan de eetlust verder afnemen.

4. Problemen met tanden en mond

Ook de mondgezondheid speelt een belangrijke rol.

Tandverlies, een slecht passend kunstgebit, pijnlijke tanden of een droge mond maken kauwen moeilijker. Daardoor vermijden sommige ouderen harde groenten, fruit, vlees of noten, waardoor hun voeding minder gevarieerd wordt.

5. Minder spiermassa betekent minder energiebehoefte

Ouderen verliezen geleidelijk spiermassa en bewegen vaak minder dan vroeger.

Daardoor heeft het lichaam minder energie nodig. Een lagere energiebehoefte kan op zichzelf de eetlust verminderen. Dat is op zich een normale aanpassing, maar wordt problematisch wanneer ook de inname van eiwitten, vitaminen en mineralen te laag wordt.

Psychologische oorzaken van minder honger

Niet alleen het lichaam verandert. Ook de mentale gezondheid heeft een grote invloed op de eetlust.

  • Depressie: Een depressie komt relatief vaak voor bij ouderen. Mensen verliezen dan niet alleen hun interesse in activiteiten, maar vaak ook in eten. Ze hebben minder zin om boodschappen te doen of te koken.
  • Dementie: Bij dementie kunnen mensen vergeten te eten, moeite krijgen om hongersignalen te herkennen of het overzicht verliezen bij het bereiden van maaltijden. Dat kan leiden tot een onregelmatig eetpatroon.
  • 'Ik heb nu eenmaal minder honger': Veel ouderen beschouwen minder eetlust als iets waar niets aan te doen is. Daardoor zoeken ze vaak pas hulp wanneer ze al flink zijn afgevallen.

Sociale factoren die de eetlust beïnvloeden

Eten is veel meer dan alleen voeding. Ook de omgeving speelt een belangrijke rol.

  • Alleen eten vermindert vaak de eetlust: Mensen die alleen wonen of hun partner verloren hebben, koken vaak minder uitgebreid. Samen eten stimuleert de voedselinname, terwijl alleen eten voor sommigen minder aantrekkelijk is.
  • Boodschappen doen wordt moeilijker: Verminderde mobiliteit, moeite met koken of financiële beperkingen kunnen ervoor zorgen dat gezonde voeding minder toegankelijk wordt. Daardoor kiezen sommige ouderen vaker voor kant-en-klare maaltijden of slaan ze maaltijden over.
  • Ook de woonomgeving speelt mee: In woonzorgcentra kunnen vaste maaltijduren, weinig keuze of een minder aantrekkelijke presentatie van het eten de eetlust negatief beïnvloeden.

Wanneer moet je een arts raadplegen?

Een verminderde eetlust is niet altijd onschuldig. Neem contact op met een arts wanneer:

  • je zonder duidelijke reden gewicht verliest;
  • je meerdere dagen nauwelijks eet;
  • eten pijn doet of slikken moeilijk wordt;
  • je voortdurend misselijk bent;
  • je plots veel minder eetlust hebt;
  • je merkt dat je spierkracht snel afneemt.

Een arts kan nagaan of er een onderliggende aandoening, medicijnbijwerking of voedingsprobleem meespeelt.

Wat kun je doen bij minder eetlust?

De aanpak hangt af van de oorzaak, maar enkele maatregelen kunnen helpen.

  1. Eet meerdere kleine maaltijden verspreid over de dag.
  2. Zorg dat elke maaltijd voldoende eiwitten bevat.
  3. Maak maaltijden aantrekkelijk met kruiden, kleuren en geuren.
  4. Eet zoveel mogelijk samen met anderen.
  5. Laat tand- of mondproblemen behandelen.
  6. Blijf bewegen om spiermassa en eetlust te ondersteunen.

Bij aanhoudende klachten kan begeleiding door een huisarts of diëtist zinvol zijn.

Samengevat

Dat ouderen minder honger hebben, is deels een normaal gevolg van het ouder worden. Hormonen die de eetlust regelen veranderen, de maag raakt sneller gevuld, smaak en geur nemen af en ook tandproblemen, medicijnen, eenzaamheid of depressie kunnen de eetlust verminderen.

Toch mag een aanhoudend verlies van eetlust niet zomaar worden afgedaan als 'normaal'. Omdat eetlustverlies vaak het eerste signaal van ondervoeding is, kan tijdige herkenning helpen om gewichtsverlies, spierverlies en gezondheidsproblemen te voorkomen.

Bronnen:

  Morley J, Silver A. (1988). Anorexia in the elderly. Neurobiology of Aging.;9:9–16. 
  Dismore L, Sayer AA, Robinson SM. (2024). Exploring appetite loss in older adults: a qualitative study. BMC Geriatr.;24:123.
  Pilgrim AL, Robinson SM, Sayer AA, Roberts HC. (2015). An overview of appetite decline in older people. Nurs Older People;27(5):29–35.
  Wan-Hsuan Lu, Juan Luis Sánchez-Sánchez, Philipe de Souto Barreto (2025). Appetite loss as a clinical marker of loss of function during ageing. Proc Nutr Soc.; Sep 15:1-10.
  Giezenaar C, Chapman I, Luscombe-Marsh N, Feinle-Bisset C, Horowitz M, Soenen S. (2016). Ageing and appetite: a meta-analysis. Nutrients.;8(1):28.
  Lorenzo M Donini, Claudia Savina, Carlo Cannella (2003). Eating habits and appetite control in the elderly: the anorexia of aging. Int Psychogeriatr.; Mar;15(1):73-87.
  Morley JE. (1997). Anorexia of aging: physiologic and pathologic. Am J Clin Nutr.;66(4):760–773.
  Markus Römer, Evelin Painsipp, Ines Schwetz, Peter Holzer (2005). Facilitation of gastric compliance and cardiovascular reaction by repeated isobaric distension of the rat stomach. Neurogastroenterol Motil.; Jun;17(3):399–409.
  Giezenaar C, Chapman I, Luscombe-Marsh N, Feinle-Bisset C, Horowitz M, Soenen S. (2016). Ageing and appetite: a meta-analysis. Nutrients.;8(1):28.
  Batsis JA, et al. (2021). Appetite and oral health in older adults. BMC; Geriatr.;21:123.
  Kubra Cingar Alpay, Cihan Heybeli, Irem Bilgic, Irem Tanriverdi, Sati Betul Beydilli, Andisha Behzad, Pinar Soysal (2025). Appetite loss in older adults without undernutrition: associated factors and clinical implications. BMC Geriatr.; Aug 19;25(1):641.

bron: Dr. ir. Eric De Maerteleire
auteur: Sofie Van Rossom, gezondheidsjournalist
Laatst bijgewerkt: september 2026

Artikels over gezondheid in je mailbox? Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang een gratis e-book met gezonde ontbijtrecepten.

eenvoudig terug uit te schrijven
Wij verwerken jouw persoonsgegevens conform het Privacy-beleid van Roularta Media Group NV.
volgopfacebook

volgopinstagram