Nieuwe richtlijnen noodanticonceptie

Laatst bijgewerkt: november 2009

nieuws In navolging van de Wereldgezondheidsorganisatie heeft de huisartsenorganisatie Domus Medica haar aanbevelingen voor noodanticonceptie aangepast. De belangrijkste nieuwigheid is dat wanneer er in de eerste pilweek één pil vergeten wordt, men de volgende dag de vergeten pil samen met de pil van die dag kan innemen zonder dat er noodanticonceptie nodig is.

Wanneer noodanticonceptie?
* Bij één vergeten pil is NOOIT noodanticonceptie nodig.
* In de eerste week bij twee vergeten pillen (twee opeenvolgende dagen of twee niet-opeenvolgende dagen, maar binnen de eerste week) is noodanticonceptie WEL NODIG.
--> Ook aanvullende anticonceptieve maatregelen (condoom) of onthouding zijn nodig tot de pil opnieuw zeven dagen correct wordt ingenomen.

* In de tweede week
--> bij minder dan vier vergeten pillen: de laatste vergeten pil innemen, geen extra maatregelen
--> vanaf vier vergeten pillen aanvullende anticonceptie tot de pil weer zeven dagen is ingenomen.

* In de derde week bij twee vergeten pillen:
--> de laatste vergeten pil innemen, de strip afmaken en doorgaan met de volgende zonder pauze.
--> Een andere mogelijkheid is onmiddellijk te stoppen en een pauze van zeven dagen in te lassen te rekenen vanaf de eerste vergeten pil.

Bij vrouwen die geen anticonceptie gebruiken en onbeschermd seksueel contact hadden, zijn er geen “veilige dagen” waarbij noodanticonceptie niet nodig is. Dat komt omdat de cyclus kan variëren door stress, ziekte en er eigenlijk geen dagen zijn in de cyclus waarop een vrouw niet zwanger kan worden.

Welke methode van noodanticonceptie?
De meest gebruikte methode van noodanticonceptie is de noodpil. Zij bevat enkel levonorgestrel in hoge dosis (1 tablet 1,5 mg of 2 tabletten 0,75 mg; Norlevo®, Postinor®). De inname dient zo snel mogelijk na de onbeschermde betrekkingen te gebeuren, liefst binnen 72 uur (drie dagen) tot maximaal 120 uur (vijf dagen).
De noodpil heeft een hoge doeltreffendheid: 95% binnen 24 uur. Na 24-48 uur is dit nog 85% en na 48-72 uur nog maar 58%. De nevenwerkingen zijn mild van aard: nausea, gespannen borsten, vermoeidheid, spotting. Ze verdwijnen meestal binnen de 48 uren na inname.

Daarnaast staat het noodspiraaltje (= koper-IUD) als noodanticonceptie ter beschikking. Dit spiraaltje kan tot vijf dagen na het eerste onbeschermd seksueel contact geplaatst worden. Deze methode is zo goed als 100% doeltreffend. Het inbrengen van het spiraaltje kan een infectie uitlokken (vooral bij aanwezigheid van soa). Indien er mogelijk infectiegevaar is bij het inbrengen van het spiraaltje, is het aangewezen preventief antibiotica toe te dienen (1 g azitromycine of doxycycline 100 mg, tweemaal per dag gedurende zeven dagen).

Ondanks de minder grote doeltreffendheid, maar omwille van het gunstige nevenwerkingsprofiel, de grote toegankelijkheid (zonder voorschrift verkrijgbaar) en het gebruiksgemak is de noodpil de meest gebruikte methode en in de meeste situaties ook de eerste keus.

Toch verdient het noodspiraaltje in specifieke situaties overweging. Dit is het geval wanneer:
* de vrouw zich meer dan 72 uur na onbeschermde betrekkingen aanbiedt.
* de vrouw onder behandeling van sterke enzyminductoren staat (bv. carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne, rifampicine, ritonavir, sint-janskruid).
* geen anticonceptie bij de vrouw is ingesteld: zij kan zich het best tot haar arts richten om de situatie individueel te bekijken.
* de vrouw bij wie geen anticonceptie is ingesteld, het spiraaltje overweegt als toekomstige anticonceptie.



verschenen op : 02/11/2009 , bijgewerkt op 02/11/2009


pub