Een reddingsvest kan je leven redden

Laatst bijgewerkt: juli 2007
reddingsvest.jpg

nieuws Zelfs de beste zwemmers geraken na enkele minuten in koud water onderkoeld , verliezen dan hun kracht en verdrinken.
Surfers, catamaranzeilers, jetskiërs en kanoërs, die geregeld in het water terecht komen, dragen het best een zwemvest. Die helpen om boven water te blijven, maar zijn niet geschikt voor mensen die niet kunnen zwemmen.
Is het normaal gesproken niet te verwachten dat u in water zult vallen, draag dan altijd een reddingvest wanneer u op het water bent. Reddingsvesten zijn speciaal ontwikkeld om verdrinking te voorkomen. Zo’n vest draait de drenkeling op de rug, zodat mond en neus boven water blijven. Zelfs wanneer je na een val overboord bewusteloos bent, is het vrijwel onmogelijk om te verdrinken met een reddingsvest aan. Dit in tegenstelling tot de zogenaamde ‘zwemvesten’, waarbij je niet automatisch op je rug gedraaid wordt. Reddingsvesten zijn al verkrijgbaar voor kinderen vanaf twee maanden.
Reddingsvesten zijn er in drie categorieën van drijfvermogens. Het drijfvermogen wordt uitgedrukt in N (newton). Hoe hoger het getal, hoe meer drijfvermogen het vest heeft en des te beter het hoofd boven water wordt gehouden. Welk reddingsvest je koopt, hangt af van het soort water dat je op gaat (hoe woeliger, hoe hoger het drijfvermogen moet zijn), wat je gaat doen en welke kleding je draagt. Het is een misverstand dat de benodigde reddingvestcapaciteit zou afhangen van uw lichaamsgewicht. Het drijfvermogen van de gedragen kleding is bepalend voor de draaikracht. Veel moderne watersportkleding is tegenwoordig waterdicht en kan bij manchetten of tailleband goed worden afgesloten. Dat kan uw zeilpak zijn maar ook lichtere kleding. Daardoor kan er gemakkelijk lucht in uw kleding opgesloten raken en hebt u meer draaikracht nodig. Voor dit soort omstandigheden wordt ook voor watersporters een reddingvest van 275N aanbevolen.
Bij reddingsvesten is ook nog onderscheid tussen zelfwerkende en niet-zelfwerkende reddingsvesten. Zogenaamde zelfwerkende reddingsvesten hoeven niet opgeblazen te worden. Deze zijn aan te raden bij jonge kinderen. Er bestaan zelfwerkende vesten met een CO2-patroon en een oplosbaar tabletje die na aanraking met water automatisch in werking worden gesteld. En er zijn zelfwerkende reddingsvesten die niet opblaasbaar zijn. Deze zijn gemaakt van dicht schuimmateriaal.

- Draag uw reddingvest in ieder geval bij: een watertemperatuur lager dan 15° C, ’s nachts, bij mist of vanaf windkracht 4 Beaufort, en als u zeeziek bent. Draag het reddingsvest over uw jas, niet eronder.

- Een kind draagt altijd een reddingsvest wanneer het meegaat op de boot. Gebruik zo’n vest liever niet wanneer je in de buurt bent van ondiep water, waar je kindje de grond kan raken. Gebruik een reddingsvest ook niet wanneer je kindje een normale wegwerpluier draait. Dat soort luiers houden lucht vast, waardoor de billen boven water komen en het hoofd kopje onder gaar. Doe je kind dus liever geen luier aan, of gebruik een speciale zwemluier.

Let bij aankoop op volgende punten:
• Heb ik te maken met een kwaliteitsproduct (Din en Iso normering)?
• Voldoet het vest aan mijn vaargebied?
• Is een automatisch opblaasbaar vest noodzakelijk?
• Kan ik me goed bewegen zonder dat het vest te ruim zit
• Is de pasvorm voor kinderen de juiste? Een reddingsvest mag ook nooit ‘op de groei’ gekocht worden. Alleen een goed passend vest funcioneert goed.
• Heeft het vest de juiste kleur in opgeblazen toestand ( rood of geel)?
• Moet er wel of niet van kruisbanden gebruik worden gemaakt?
• Is er een aansluiting voor een Lifeline (bijv. een D-ring)?

Regelmatige controle
Controleer zelf uw vest op beschadigingen. Vervang ieder jaar het tablet in de automaat (bij automatische reddingsvesten). Zorg voor een CO²-reservepatroon aan boord. Laat een nat reddingsvest goed drogen voordat hij wordt opgeborgen.


bron: Consument en Veiligheid
verschenen op : 01/07/2007 , bijgewerkt op 09/07/2007


pub