Internationale richtlijnen pleiten voor een actieve behandeling van bedplassen

Laatst bijgewerkt: December 2011
lakens-droog.jpg

nieuws Bedplassen (enuresis nocturna) is na astma de meest voorkomende chronische aandoening bij kinderen. In België raamt men dat ongeveer 12.000 kinderen van 7 jaar last hebben van bedplassen. De helft daarvan blijft daar tot de leeftijd van 10 jaar mee verveeld. Sommigen slepen deze aandoening mee tot hun 20 jaar en ouder (het aantal wordt geschat op 25.000 volwassenen).

De International Children’s Continence Society (ICCS) heeft in het juni nummer 2004 van Journal of Urology een aantal richtlijnen gepubliceerd voor de behandeling van bedplassen. De bedoeling is het belang te onderstrepen van een pro-actieve adequate behandeling.

De richtlijnen beklemtonen dat bedplassen bij kinderen ouder dan 6 jaar geen banale aandoening is en dat een afwachtende houding die door sommige artsen wordt aangenomen niet langer gepast is. De consensus groeit dat enuresis nocturna een vroege, dynamische en efficiënte opvolging vergt. Een correcte behandeling van enuresis nocturna kan een enorm verschil uitmaken voor de levenskwaliteit van kinderen en hun ouders. Experten bevelen aan dat een kind dat behandeld wenst te worden voor bedplassen ook de mogelijkheid moet krijgen op een behandeling. Het kind moet evenwel ouder zijn dan 6 jaar vooraleer een behandeling wordt opgestart gezien jongere kinderen doorgaans noch de tijd noch de energie kunnen opbrengen die nodig is om ’s nachts droog te worden.
De begeleiding van het kind bij de aanpassing van drink- en plasgewoonten kunnen het kind reeds helpen bij het versterken van zijn zelfbeeld. Met een dergelijke begeleiding werden 18 % van de kinderen ’s nachts droog. De begeleiding bestond uit een positieve motivatie en het gebruik van een plaskalender die droge en natte nachten weergeeft.
In de gevallen waar deze begeleiding faalt bij het bestrijden van de symptomen, kan een eerstelijnsbehandeling worden voorgeschreven die gebaseerd is op een behandeling met medicatie, alarmtherapie of een combinatie van beide. Een evaluatie van de twee belangrijkste factoren (hoeveelheid nachtelijk urine en functionele nachtelijke blaascapaciteit) is bepalend voor de keuze van de behandeling.

Niettegenstaande de mogelijke schade aan het zelfbeeld van het kind en de relatieve beschikbaarheid van behandelingen wachten 1 op 3 ouders nog steeds tot een kind vijfmaal of meer per week in bed plast voor zij medische hulp zoeken.

zie ook artikel : Bedplassen (enuresis nocturna ): geen reden tot paniek


bron: Journal of Urology , juni 2004
verschenen op : 11/11/2004 , bijgewerkt op 19/12/2011
pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt