Groeiend aantal Belgische koppels heeft hulp nodig om zwanger te raken

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws 1 op 6 Belgische koppels heeft medische begeleiding nodig om zwanger te geraken. In 1993 was dit 7 op 100.
Ongeveer de helft van de koppels die beroep doet op medische begeleiding, had vruchtbaarheidsproblemen kunnen vermijden. De negatieve impact van leeftijd, roken en overgewicht op onze vruchtbaarheid én die van het ongeboren kind, is nog steeds te weinig gekend.
Vervuiling, roken en overgewicht tasten onze vruchtbaarheid aan ... én die van het ongeboren kind. De meeste rooksters worden wel zwanger, maar het duurt langer voor ze zwanger zijn.

Bij IVF is de slaagkans bij roken (actief én passief) tot 50% lager. Ook overgewicht is een bezwarende factor waarvan de impact nog steeds onderschat wordt. Vanaf een BMI van 26 (licht overgewicht) stijgt de kans op onvruchtbaarheid met 50%, bij een BMI van over 30 stijgt die tot meer dan drie maal. Overgewicht heeft ook een versterkend effect op de aandoening PCO syndroom (Polycystisch Ovarium Syndroom). Naar schatting worstelt 5 tot 10% van de Belgische vrouwen met dit gezondheidsprobleem dat naast een sterk verminderde vruchtbaarheid ook heel wat andere gezondheidsproblemen met zich meebrengt. In de groep van onvruchtbare vrouwen treft dit syndroom naar schatting 20% van de vrouwen, bij vrouwen met een gestoorde cyclus loopt dit op tot 80 tot 90 % van vrouwen. Vrouwen die aan dit syndroom lijden en te veel wegen (vanaf een BMI van 26 of meer) verminderen bijkomend hun kans om spontaan of geassisteerd zwanger te raken. Bij een gewichtsverlies van 5 tot 10% stijgen de zwangerschapskansen gevoelig. Niet enkel bij vrouwen die worstelen met het PCO syndroom, maar ook bij vrouwen die geen gezondheidsproblemen hebben. Wie te veel weegt en graag zwanger wordt, doet er dus goed aan om eerst gewicht te verliezen.
Onderzoek heeft ook aangetoond dat overgewicht en roken ook de toekomstige vruchtbaarheid van het ongeboren kind negatief beïnvloeden.
35 is een kantelleeftijd voor natuurlijke én geassisteerde zwangerschappen. Heel wat vrouwen blijven (gewild of ongewild) hun kinderwens uistellen tot na hun 35ste. Hoe verder deze kaap overschreden wordt, hoe kleiner de kans op een spontane zwangerschap. Bij een vrouw van 35 ligt die op 15% per maand, bij 40 jarigen daalt dit cijfer tot een ontnuchterende 5% per maand. Deze kleine slaagkans wordt direct beïnvloed door het aantal (afwijkende) eicellen: vrouwen van 35 hebben zo'n 100.000 eicellen (waarvan 30% afwijkend is); vrouwen van 40 hebben er nog maar 20.000 (waarvan 80% afwijkend is). Dit bemoeilijkt niet enkel de kans om spontaan zwanger te raken, maar ook de kansen om via IVF een gezond kind te baren.
Die ligt bij vrouwen van 35 op 35%. Bij 40 jarige vrouwen daalt de kans om via IVF zwanger te worden tot 10%. Vrouwen van 40 hebben bij een uiteindelijke zwangerschap bovendien dubbel zoveel kans op het krijgen van een miskraam (30%) dan vrouwen van 35 (15%). Ook het risico op aangeboren afwijkingen zoals het syndroom van Down neemt gevoelig toe: 1/300 bij 35 jarigen tegenover 1/100 bij 45 jarigen.

“De onvruchtbaarheid in België neemt toe door vermijdbare oorzaken. De helft van de vruchtbaarheidsbehandelingen worden uitgevoerd omwille van leeftijd en lifestyle factoren. Dit cijfer moeten én kunnen we terugdringen door het creëren van fertility awareness,” zegt Prof. Dr. Petra De Sutter van het Infertiliteitscentrum, Vrouwenkliniek, Universitair Ziekenhuis Gent. “Door blijvend en doelgericht te communiceren, zullen we meer vrouwen én mannen kunnen informeren over risicofactoren en hoe deze vermeden kunnen worden. Als we daarnaast de carrièreplanning van vrouwen makkelijker maken en een maatschappelijk kader scheppen waarin het moederschap op jongere leeftijd wordt gestimuleerd, hebben we een vitale stap gezet. Ook de voorschrijdende technologie biedt een aantal oplossingen aan: ovariële cryopreservatie, eiceldonatie, reproductieve stamcellen of klonen. In de toekomst zullen deze technieken een steeds belangrijkere plaats krijgen om de kinderwens in te vullen.”
Sinds medio 2003 is fertiliteitsbehandeling grotendeels terugbetaald door de overheid. Hierdoor komen meer koppels in aanmerking voor behandeling. Tevens nam het aantal behandelingen fors toe. Door groeperen en spreiden van het aantal erkende centra voor behandeling is de toegankelijkheid voor deze technieken nu wel een feit.






pub