Latexallergie

Laatst bijgewerkt: april 2019

dossier Latexallergie is een toenemend probleem. Minstens 5 procent van het medisch personeel zou hieraan lijden. Bij de algemene bevolking wordt dit geraamd op minder dan één procent.
De oorzaken van de toename van latexallergie in de afgelopen vijftien jaar zijn niet geheel duidelijk. Een van de mogelijke verklaringen is de zogenaamde preventieparadox. Ter bescherming tegen infectieuze aandoeningen zoals aids en hepatitis, is men meer handschoenen gaan gebruiken. Evenredig aan deze toename zijn er ook meer allergische klachten in relatie tot deze producten ontstaan.
Volgens een andere hypothese heeft de toename te maken met veranderingen in de kwaliteit van latexhandschoenen en condooms. Door de grotere behoefte is de industriële productie versneld en worden er minder bewerkingsstappen uitgevoerd. Daardoor blijft er meer eiwit achter in de latex.

Wat is latex?

Latex, het melkachtig sap van de rubberboom, is de basis van natuurlijke rubber, de grondstof voor de productie van talloze artikelen zowel in huishoudelijk als medisch gebruik. In latex zitten rubberpartikels, maar ook bepaalde eiwitten (onder meer heveïne). Aan deze latex worden chemicaliën toegevoegd (thiuram, mercaptanen, p-fenyleendiamine...) om het productieproces te versnellen en de rubber een grotere soepelheid, een grotere sterkte en een langere houdbaarheid te geven. Personen kunnen zowel voor de latexeiwitten als voor de chemicaliën allergisch worden. Ook aan synthetische rubbers (polyvinylchloride, polybutadieen, copolymeren van styreen/butadieen, chlorobutadieen/chloropreen, acrylonotril/butadieen, enz.) wordt vaak latex toegevoegd waardoor die latexeiwitten bevatten.

Contacteczeem & latexallergie

f-123-contacteczeem-handen-allerg-03-19.png

Contact eczeem

Veel mensen hebben huidproblemen bij het dragen van rubberhandschoenen. Soms berust dit niet op een echte allergie, maar wel op een mechanische irritatie. Door het zweten van de handen ten gevolge van het afsluitend effect van de handschoenen en het schurend effect van het poeder ontstaat irritatie-eczeem ("irritant contact dermatitis"). Dit eczeem is niet te onderscheiden van allergisch contacteczeem, maar men kan geen allergie aantonen met bijkomende huidtests.


Allergisch contacteczeem (ook vaak genoemd: "contactdermatitis") ontstaat door een allergie voor de chemicaliën. Dit is een zogenaamde type IV-allergie. Dit houdt in dat enkele dagen na contact roodheid en jeuk op de handrug optreden, die dagen aanhouden. Bij herhaald contact worden de handen roodschilferig, met kloven (chronisch eczeem). Deze reacties blijven beperkt tot de handen (soms al eens tot de onderarmen) en zijn op zich niet gevaarlijk.
Zij berusten niet op latexallergie. De symptomen van dit type allergie, eenmaal opgetreden, kunnen voorkomen worden door het gebruik van hypoallergene handschoenen zonder de irriterende chemicaliën.

Een echte latexallergie is minder frequent, maar potentieel veel ernstiger. Het is een allergische reacties op de latexeiwitten. Het gaat hierbij om een type I-allergie waarbij IgE-antistoffen tegen latex gevormd worden. Bij contact met latex treden onmiddellijk - dit is binnen de minuten - symptomen op.

Risicogroepen

In het algemeen vormen atopici (mensen met een genetisch bepaalde predispositie voor IgE-gemedieerde allergie) een risicogroep.
Daarnaast zijn er twee bijzondere risicogroepen: werknemers in de gezondheidszorg (artsen, verpleegkundigen, tandartsen, en vooral operatiekamerpersoneel) en patiënten die door operaties of catheterisatie vaak in aanraking komen met latex.

Werknemers in de gezondheidszorg
Bij werknemers in de gezondheidszorg worden de allergische reacties voornamelijk veroorzaakt door latexbevattende handschoenen. Extra risicofactoren zijn een atopische voorbeschiktheid en een bestaande handdermatitis. Een typische uiting van latexallergie in deze beroepsgroep is het optreden van astmaklachten in de operatiekamer. Latexallergenen kunnen zich hechten aan de poederdeeltjes in onderzoeks- en operatiehandschoenen. In een omgeving waar regelmatig gepoederde latexhandschoenen worden uitgetrokken, kunnen de allergeendragende poederdeeltjes gemakkelijk worden ingeademd.
In de gezondheidssector zou ongeveer 5 procent van de personeelsleden een latexallergie hebben. Bij artsen en personeel uit operatiekwartieren zou dit oplopen tot 10 à 17 procent.

Operatiepatiënten
De tweede risicogroep omvat patiënten die meerdere operatieve ingrepen onder algehele anesthesie moeten ondergaan, vooral in combinatie met frequente urinewegcatheterisaties. Dit is bijvoorbeeld het geval bij kinderen met spina bifida en bij kinderen met congenitale urogenitale malformaties. Ongeveer 50 procent van de kinderen met spina bifida blijkt gesensibiliseerd voor latex.

handsch-lates-170_400_01.jpg
Andere risicogroepen
Ook in andere beroepsgroepen die frequent handschoenen dragen, zoals keuken- en laboratoriumpersoneel, worden steeds vaker problemen met latexallergie gezien.
Kinderen kunnen klachten krijgen tijdens het opblazen van ballonnen of bij gebruik van fopspenen.

Symptomen

Bij huidcontact ontstaan onmiddellijk lokale jeukende uitslag, die soms veralgemeend kan zijn.
Bij contact met mond of neus treedt hooikoorts (niesbuien, tranende ogen) of astma (kortademigheid en piepen) op.
Soms zijn er tekenen van veralgemeende reactie met syncope, darmkrampen, bloeddrukval.
Soms doen zich onverwacht ernstige reacties voor, waarvan peroperatieve shock bij ongekende latexallergische patiënten een gevreesd voorbeeld is.

zie ook artikel : Wat is een anafylactische shock?

zie ook artikel : Omgaan met jeuk (pruritus)

Diagnose

Voor de diagnose van latexallergie zullen steeds gespecialiseerde onderzoeken gebeuren.
Opsporen van specifieke IgE-antistoffen tegen latex in het bloed door middel van een RAST-CAP-test is de eerste stap. Dit bloedonderzoek is patiëntvriendelijk en veilig, maar heeft als nadeel dat de sensitiviteit eerder laag is: 75 procent, zodat een negatieve RAST-test latexallergie zeker niet uitsluit.
Bij een negatieve RAST-test kunnen daarom huidtests geplaatst worden. Hierbij wordt een kleine prik in de huid en een druppel latexextract aangebracht. Binnen de 20 minuten verschijnt een kleine, jeukende papel bij latexgevoelige personen.
Is de huidtest negatief, en blijft er een sterk vermoeden van latexallergie, dan kan overgegaan worden tot een gebruikstest, waarbij een latexhandschoen wordt aangetrokken en de persoon zijn handen in warm water houdt.
Bij het plaatsen van huidtests is er een klein, maar reëel gevaar voor een systemische reactie. Daarom gebeurt dit best door een allergoloog in een ziekenhuis.

Hoe kan men latexallergie voorkomen?

Latexallergie is niet te genezen. Preventie is bijgevolg primordiaal. Alles moet in het werk gesteld worden om te zorgen dat zo weinig mogelijk mensen gesensibiliseerd raken.

• Bij kinderen met spina bifida blijkt dat het systematisch gebruik van latexvrije handschoenen en latexvrije katheters sensibilisatie kan voorkomen. Het is evenwel onrealistisch te verhopen dat het ganse ziekenhuismilieu latexvrij gemaakt kan worden.
• Het gebruik van latexhandschoenen bij niet-steriele vereisten dient zoveel mogelijk beperkt te worden. De voorkeur wordt gegeven aan vinyl, behoudens indien latex een bewezen betere beschermingsfunctie heeft.
• Het systematisch gebruik van poedervrije latexhandschoenen in het ziekenhuis wordt aangeraden omdat hierdoor minder latexallergeen in de omgeving vrijkomt.

Maatregelen

123-latexvrij-handsch-latexallergie-03-19.png

latexvrije handschoenen

Bij mensen met een gekende latexallergie dient contact met latex strikt vermeden te worden.
Volgende bronnen van natuurlijke rubber in het dagelijks leven moeten vermeden worden:

• rubberen huishoudhandschoenen: ze moeten vervangen worden door herbruikbare vinyl-handschoenen of éénmalig gebruikte nitryl-handschoenen.
Hypo-allergene latexbevattende handschoenen of condooms zijn geen geschikte vervanging voor volledig latexvrije producten, zeker als er risico op een ernstige veralgemeende reactie (anafylaxis) aanwezig is.
• condooms en Pessaria: er zijn condooms in polyurethaan op de markt (EZON).
• speelgoedballons, elastiekjes, elastieken van fietsdrager, fopspenen, zuigflessen, rubberen speelgoed, warmwaterkruiken, rubberen laarzen, handvaten van fietsen, douchegordijn, rubbermatras, plakband, postzegellijm, zelfklevende enveloppen, schoenen, e.a.
• stretch textiel, elastiek in kousen en ondergoed.
• sportartikelen: zwembril, badmuts, duikersuitrusting, surfkledij, turnmatten, e.a.
• Gezien de kruisreactiviteit met ficus dient deze kamerplant gebannen te worden. 

Patiënten met allergie aan latex vertonen vaak ook voedselallergie aan banaan, kiwi, kastanje, avocado, paprika, papaja, passievrucht, meloen, perzik, abrikoos, vijg, en rauwe aardappel, boekweit, kers, appel, amandel, pinda, mosterdzaad, tomaat. Met deze voedingsmiddelen is dus voorzichtigheid geboden en bij de minste twijfel dienen ze verboden te worden.

In medisch milieu en vooral bij ingrepen en onderzoeken dient de behandelende arts volgende voorzorgen te nemen:

 • Patiënten moeten preoperatief systematisch gevraagd worden naar klachten die op een latexallergie kunnen wijzen (urticaria bij dragen van handschoenen, bij gebruik van condooms, bij opblazen van een kinderballon ; last bij consumptie van kiwi's, bananen, kastanjes ; vroegere onverklaarde peroperatieve shock...);
• strikt vermijden van alle contact met rubberen chirurgische en onderzoekshandschoenen. Alle medici en paramedici die in de operatiezaal of elders met de patiënt contact hebben, dienen latexvrije handschoenen te gebruiken.
• de anesthesist dient alle latexhoudende attributen te verwijderen: beademingsmasker, beademingszak, rubberen verbindingen in leidingen, tandprotector e.a.
• spuiten met rubberen stamper zijn verboden; latexvrije infuusset gebruiken zonder doorprikbare rubberen sloten en injectie van vloeistoffen alleen via stopkraantje.
• drains dienen rubbervrij te zijn, evenals pleisters, urinesonden (silicone materiaal gebruiken), snoerbanden, compressieve verbanden, retentiecuff's voor lavement, stomiezakjes, ECG-elektroden, beschermdekens, bloeddrukmeter, enz.
• gezien latexpartikels via de lucht verspreid worden, mogen geen latexproducten in de operatiezaal, in de recovery-zaal of in de kamer van patiënt aanwezig zijn.
• ook de tandarts moet latexvrije handschoenen aandoen en mag geen rubberen dentale dammen of elastiekjes gebruiken.

Arbeidsongeschiktheid

Mensen met een bewezen latexallergie kunnen een aanvraag tot erkenning door het Fonds voor Beroepsziekten indienen. Indien de latexallergie erkend wordt, kan de betrokkene genieten van een financiële vergoeding (10 procent blijvende arbeidsongeschiktheid tot maximum 30 procent indien ook ademhalingsmoeilijkheden) en van een vergoeding voor terugbetaling van latexvrije handschoenen.
Mensen met een latexallergie worden het best preventief verwijderd uit het arbeidsmilieu waar ze in contact komen met latex.


bron: A.Z. Sint-Lucas Brugge, UZ Gasthuisberg KU Leuven, www.allergologie.nl
verschenen op : 10/05/2019


pub