Over postnatale depressie: Vlinder van verdriet

Laatst bijgewerkt: April 2004
vlinder-van-verdriet.jpg

boeken/interviews “Ik zocht de eerste maanden in de bibliotheek en in de boekhandel naar een boek over postpartumdepressie, in de volksmond beter bekend als postnatale depressie (…) In boeken over zwangerschap vond ik dat niet; ook in boeken over depressie kon ik me slechts gedeeltelijk vinden. Vandaar dit schrijven”, constateert Inge Janssens in de inleiding van haar getuigenis ‘Vlinder van Verdriet’.
Er zijn in het Nederlands taalgebied inderdaad weinig boeken terug te vinden over onderwerp. Toch blijkt uit recente cijfers dat postnatale depressie een frequent voorkomend ziektebeeld is en 10 tot 15% van de pas bevallen vrouwen overkomt. Inge Janssens kreeg ermee te kampen na de geboorte van haar derde zoontje. Haar relaas wil een hart onder de riem zijn voor jonge moeders: ‘als dit hoopje papier iemand, al is het maar één vrouw wat steun kan bieden, dan heeft het zijn doel bereikt’, zo zegt ze zelf.
Door haar relativerende, eenvoudige en tegelijk aangrijpende manier van vertellen, slaagt Inge Janssens daar ongetwijfeld in. Haar gevoelens zullen vele pas bevallen vrouwen bekend in de oren klinken: isolatie, radeloosheid, zich onbegrepen voelen maar tegelijk een koppig ontkennen van die gevoelens omdat het ‘niet hoort’ , omdat je dankbaar moet zijn dat je een gezond kind hebt en omdat er ‘ergere dingen gebeuren in de wereld’. Haar verhaal lijdt absoluut niet aan het euvel waar sommige andere getuigenissen stiekem wel eens mee kampen, namelijk een lichte vorm van zelfmedelijden en ‘gewichtigheid’.
Daarom is het een aanrader voor alle jonge moeders, zowel zij die zelf de weg vinden in hun nieuwe leven met baby als diegene die er zonder hulp niet uit geraken. Zodat ze beseffen dat wat ‘niet hoort’ je wel kan overkomen.

Inge Janssens, Vlinder van verdriet, Lannoo 2003,ISBN: 90-209-5140-8 , EUR 16,95


verschenen op : 22/05/2003 , bijgewerkt op 19/04/2004
pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt