ad

Hoe de magnetron veilig gebruiken?

Laatst bijgewerkt: juli 2008
microgolfoven-gebruik-150.jpg

nieuws • De deur moet goed sluiten. Als de magnetron in werking is, mag de deur niet open kunnen en het apparaat moet zichzelf automatisch uitschakelen als de deur toch wordt geopend. U kunt controleren of de deur goed sluit door er een papiertje tussen te steken en de deur te sluiten. Als deze niet blijft zitten of heel erg makkelijk los te trekken is, kunt u de sluiting beter laten controleren.
• Gebruik alleen microgolfovens die aanvaard zijn door een Europees keuringsorganisme (bv. CEBEC) en die voorzien zijn van een CE-label. Dat is een garantie voor een maximale stralingsnorm.
• De deurafdichting moet schoon blijven en mag niet beschadigd zijn. Stralingslekkage ontstaat wanneer er vuil langs randen en deur van de magnetron zit, en/of bij een oude magnetron. Dit is niet zo ernstig, aangezien de stralingsintensiteit op afstand snel afneemt.
• Niet alle materialen zijn geschikt voor de magnetron, bijvoorbeeld metaal of een servies met een goud- of zilvermetalen randje. Hittebestendig glas is het veiligst.
Uit plastic kookmaterialen en verpakkingsmaterialen kunnen giftige stoffen in het voedsel terecht komen, vooral bij sterke verhitting. Als er verpakkingsmaterialen gebruikt worden is het belangrijk dat deze niet in direct contact komen met het voedsel (vooral vetachtig voedsel neemt de stoffen uit de plastic materialen makkelijk op).
Dek het eten af in de magnetron. Anders droogt het snel uit en dat maakt het eten minder lekker.
• Voor de kook- of opwarmtijden geldt dat de tijdsduur rekenkundig evenredig toeneemt met de hoeveelheid. Met andere woorden tweemaal zoveel voedsel heeft ook precies tweemaal zoveel tijd nodig. Hoe hoger het nuttig vermogen van de magnetron, des te sneller verloopt het verwarmingsproces.
• In de magnetron vindt geen gelijkmatige verhitting plaats. Bovendien is de temperatuur vrij laag (max. 100°C) en blijft het voedsel slechts korte tijd in de magnetron. Hierdoor bestaat er risico dat bij opwarmen (vooral van bevroren voedsel) bepaalde delen niet voldoende worden verhit om (ziekteverwekkende) bacteriën te doden. Omdat het doden van bacteriën een combinatie is van tijd en temperatuur en de verblijftijd in de magnetron vaak kort is en de temperatuur niet altijd op alle plekken even hoog wordt, kan deze te korte tijd en te lage temperatuur er de oorzaak van zijn dat niet alle ziekteverwekkende bacteriën worden gedood met alle gevolgen van dien.

Daarom is het van belang :
• altijd een voldoende lange tijd te kiezen
• kleine porties te gebruiken
• het voedsel regelmatig te mengen, zodat de warmte wordt verdeeld.
• de voedingswaren te laten "nagaren" waardoor de koudere zones ook op temperatuur worden gebracht.
• Bij het koken van een vloeistof moet men er op bedacht zijn dat het kokende vocht heftig gaat opborrelen en soms gaat spatten als de deur van de magnetron opengaat. Een glazen lepel of staafje in de kom voorkomt dit euvel. Gebruikt men een metalen lepeltje zorg er dan voor dat deze niet te dicht bij de wanden van de magnetron staat. Dit veroorzaakt weerkaatsing en verstrooiing van de microgolven en vertraagt het kookproces.
• Vaak kun je aan voedsel dat bereid is niet zien dat het heet is en mensen branden dus vaak hun handen als ze eten uit de magnetron halen.
• Niet alle soorten voedsel kunnen in een magnetron. Zo ontploffen eieren in een magnetron.
• Gebruik niet te veel kant-en-klaarmaaltijden: ze bevatten vaak te veel zout en (verzadigd) vet

zie ook artikel : Eten uit de magnetron is gezond




ad


pub