Wat is een aangeboren halscyste, en wat kunt u eraan doen?

Laatst bijgewerkt: november 2019

dossier

Een zwelling in de hals kan soms veroorzaakt worden door een aangeboren cyste die op een bepaald moment in volume toeneemt. Een cyste is een ballonvormige holte gevuld met vocht. Ze ontstaat ten gevolge van een ontwikkelingsstoornis tijdens de groei van de foetus. 

De drie bekendste cystes zijn een branchiogene cyste, een thyreoglossuscyste en een dermoïd cyste.

1. Schildklierkanaal (Thyreoglossus)- of mediane halscyste

huidz-ductus-thyreoglossus-cyste-11-18.jpg

Thyreoglossal duct cyste of fistel (bron: huidziekten.nl)

Tijdens de groei van het embryo zakt de schildklier af in de hals. Als het traject zich niet volledig sluit, ontstaat er een schildklierkanaal- of thyreoglossuscyste. Deze cyste is zichtbaar als een zwelling in het midden aan de voorzijde van de hals, ongeveer ter hoogte van het tongbeen, net boven de adamsappel. De zwelling beweegt mee met slikken en het uitsteken van de tong. Het is een van de meest voorkomende aangeboren halsafwijkingen.

Verschijnselen
De schildklierkanaalcyste is van bij de geboorte aanwezig, maar wordt meestal pas op kinderleeftijd vastgesteld na bijvoorbeeld een luchtweginfectie (verkoudheid), en soms pas op volwassen leeftijd. 

Normaal veroorzaakt een schildklierkanaalcyste geen klachten, behalve als ze geïnfecteerd raakt. Dan kan een grote zwelling optreden, die gepaard gaat met heesheid, hoesten, slikproblemen en een gevoel van benauwdheid.

Er bestaat een klein risico (ca 1%) op ontwikkeling van een kwaadaardig gezwel in de cyste (schlidklierkanker). Om onduidelijke redenen is de kans hierop bij vrouwen groter. Meestal wordt deze kanker pas achteraf, dus bij weefselonderzoek van een verwijderde cyste, ontdekt. 

Diagnose
Naast een lichamelijk onderzoek van de hals, zal meestal ook een echografie of schildklierscan worden uitgevoerd om na te gaan of de schildlier op de correcte plaats is aangelegd. Eventueel zal ook bloedonderzoek gebeuren om de schildklierfunctie te beoordelen.

  • Ter voorbereiding van een operatie kan een CT-scan of MRI van nut zijn. 
  • Met een dunne naald kan eventueel vocht uit de cyste worden opgezogen (punctie) en onderzocht worden. 
Behandeling
De cyste zal meestal helemaal verwijderd worden om infectie met verettering en de daarmee samenhangende complicaties te voorkomen. Dat gebeurt met een operatie onder algemene narcose.

2. Branchiogene of laterale halscyste of kieuwboogcyste

wikip-kieuwboogc-Preauric_sinus-11-18.jpg

Kieuwboogcyste (bron: https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Preauricular_sinus.jpg

Kieuwbogen en –spleten zijn primitieve hoofd-, nek- en halsweefsels waaruit verscheidene structuren van het hoofd en de hals ontstaan. Branchiogene of laterale cysten ontstaan wanneer er overblijfselen van kieuwbogen en –spleten blijven bestaan. Men spreekt daarom ook van kieuwboogcyste. In de meeste gevallen gaat het om afwijkingen van de tweede, derde en vierde kieuwboog. 

De cysten zitten aan de zijkant in het bovenste deel van de hals of onder de kaak, en kunnen wisselen in vorm en grootte. Soms is er een kleine uitwendige opening in de hals (fistel) aan de voorrand van de grote halsspier. 

Verschijnselen
De cyste manifesteert zich meestal op jeugdige of jongvolwassen leeftijd als een pijnloze weke zwelling aan de zijkant van de hals. Afscheiding van vocht, slijm of etter uit een porie in de hals wijst op een fistel. 

Tijdens luchtweginfecties (verkoudheid) kan de zwelling toenemen en pijnlijk worden. Afhankelijk van de grootte kunnen symptomen ontstaan zoals slikklachten, spraakstoornissen of kortademigheid. 

De cyste kan ook geïnfecteerd worden en veretteren, waarbij littekens kunnen ontstaan. Uiteindelijk kan een halsabces ontstaan. 

Diagnose
Naast een lichamelijk onderzoek, zal meestal ook een echografie van de hals gebeuren.
Indien nodig zal een CT- of MRI- scan uitgevoerd worden om de precieze uitbreiding van de cyste en de positie van naburige structuren worden beoordeeld. Dit kan soms helpen bij voorbereiding van een operatie. 

Met een dunne naald kan vocht uit de cyste worden opgezogen (punctie) en onderzocht. 
Als er een fistel (=uitvoergang naar buiten) is, kan daar een speciale contrastvloeistofstof worden gespoten. Een röntgenfoto toont dan het verloop van de fistel en de grootte van de cyste. 

Behandeling
De cyste zal meestal verwijderd worden om infectie met verettering en littekenvorming te voorkomen. Ook wordt het middelste deel van het tongbeen verwijderd omdat de cyste vaak hier doorheen loopt. Indien er een fistel aanwezig is, wordt het fisteltraject gevolgd tot aan de huid en mee verwijderd. Dat gebeurt met een operatie onder algemene narcose.

Bij een infectie van de cyste zal eerst antibiotica toegediend worden, vooraleer de cyste kan verwijderd worden. 

De kans op terugkeer van de cyste na operatie is klein. Indien de cyste voordien geïnfecteerd is geweest, is de kans op terugkeer veel groter (ongeveer 1 op 5). 

3. Dermoïd halscyste

Een dermoïde halscyste ontstaat bij het samensmelten van de kieuwbogen. Ze kunnen voorkomen aan de neus (nasale dermoïdcyste), de tong, onder de kin en in de hals. 
Ze zijn bij geboorte aanwezig maar worden pas in de loop van het leven ontdekt door de langzame groei. 

Behandeling
Operatieve verwijdering is noodzakelijk. Deze cysten laten zich meestal, eenvoudig verwijderen. Kans op terugkeer van de cyste is heel klein. 

Bronnen
www.uzleuven.be/nl/aangeboren-halscysten-en-halsfistels

www.azturnhout.be

www.nvmka.nl

www.ntvg.nl/artikelen/de-mediane-halscyste/volledig






pub