Hoe een kinderautozitje kiezen?

Laatst bijgewerkt: november 2011
kindje-auto-stoel-170_400_11.png

nieuws 1. Uitrusting van de auto
• Kies een autostoeltje dat bij uw auto past. Hebt u achteraan bijvoorbeeld geen driepuntsgordel op de middenstoel, dan koopt u best een stoeltje dat u met een heupgordel kan vastmaken (of u laat toch nog een driepuntsgordel aanbrengen).
• Als uw auto niet is uitgerust met isofix-bevestigingspunten, heeft het weinig zin om een (duurder) isofix-zitje te kopen.
• Vooraleer u een autozitje koopt, is het aan te raden om het uit te proberen in uw wagen. In sommige auto's zijn de gordels te kort om een babyzitje correct vast te maken. Als dit zo is, kan u beter een ander model van zitje kopen (er bestaan modellen die minder gordellengte nodig hebben).

2. Gewicht en leeftijd van uw kindje
Kies een stoeltje dat aangepast is aan de leeftijd, het gewicht en de grootte van het kind.
Vermijd zitjes die bestemd zijn voor verschillende leeftijdscategorieën (bijvoorbeeld zowel voor pasgeborenen als voor kinderen tot 18 kg). Kleine baby’s zitten hierin niet vast genoeg en voor oudere kinderen laat het comfort van deze zitjes te wensen over. Uw kind heeft op elke leeftijd een geschikt zitje nodig.

Er bestaan 5 soorten autostoeltjes:

Groep 0: voor baby’s van 0 tot 10 kg. Dit zijn de reiswiegen voor in de wagen en bepaalde modellen van babyzitjes tegen de rijrichting in.

Groep 0+: babyzitjes tegen de rijrichting in voor kinderen vanaf de geboorte tot 13 kg.

Groep I: voor kinderen van 9 tot 18 kg. Het betreft kinderzitjes die in de rijrichting staan en waarin het kind meestal wordt vastgemaakt met 5 riempjes.

Groep II & III: voor de groep 15-25 kg en voor 22-36 kg. In de praktijk worden deze 2 groepen vaak gecombineerd: het zijn de verhogingskussens (15-36 kg). Het kind wordt op het verhogingskussen geplaatst en vastgeklikt met de gewone driepuntsgordel van de wagen. Er bestaan modellen met of zonder ruggensteun.
Voor de veiligheid van uw kind is het aangeraden om zolang mogelijk een zitje van een lagere categorie te gebruiken.

Schakel dus niet te snel over naar een "groter" zitje, maar wacht tot uw kind het maximumgewicht van het zitje heeft bereikt, of tot het hoofd over de rand van het zitje komt. Pas dan schakelt u over naar een volgende categorie. Is uw baby zo gegroeid dat zijn voetjes over de rand van het zitje komen? Dit is niet erg. Gebruik het zitje verder totdat hij het aangeduide maximumgewicht heeft bereikt.


3. Het ECE-keurmerk
Alle kinderzitjes die in België verkocht worden, moeten gehomologeerd zijn volgens de Europese norm (ECE).
Het keurmerk heeft een oranje kleur en draagt het nummer R44/03 of R44/04. Pas op: oudere keurmerken, met het nummer R 44-02, voldoen niet meer aan de veiligheidsnormen.

De hoofdletter ‘E’ gevolgd door een nummer geeft het land aan dat het keurmerk verleende (bv. 1 voor Duitsland, 6 voor België, 11 voor Engeland). Alleen de nummers 1, 2, 3, 4, 5 en 11 zijn in orde, omdat deze landen over een testlaboratorium beschikken om een goedkeuring te geven.

De gewichtsklasse staat vermeld op het label, bv. 0-10 kg, 8-18 kg, enz.

Er staat ook een goedkeuringsnummer op dat overeenstemt met het testrapport (dit nummer begint altijd met 03).
Sommige fabrikanten vermelden een uniek serienummer. Zo kunnen ze nagaan welk model bij welke klant terechtkwam.

Een ‘Y’ wil zeggen dat het zitje voorzien is van een tussenbeengordel.

Een ‘S’ wil zeggen dat het zitje aangepast is voor een kind met een handicap.

4. Comfort en gebruiksgemak
• De heupriem loopt over de heupen van het kind en niet over de buik.
• Een goede zijdelingse bescherming (vooral voor het hoofd).
• Een zitje dat breed genoeg is met een voldoende hoge rugsteun voor een langdurig gebruik.
• De lengte van de riempjes kan eenvoudig en snel worden aangepast.
• Het zitje beweegt niet als men het naar voren of opzij trekt (momenteel bestaan er op de markt zitjes met een blokkeersysteem voor de veiligheidsgordel). Voor een kinderzitje (groep 1 van 9-18 kg) kiest u bij voorkeur een zitje met een systeem om de gordel extra aan te spannen. Dit systeem zorgt ervoor dat de autostoel goed vastzit, wat veiliger is.
• Voor pasgeborenen is het aan te raden om een speciaal kussentje te gebruiken dat meer steun geeft aan het hoofd (meestal meegeleverd met het zitje).
• Moet het zitje regelmatig in een andere wagen worden gebruikt? Kies dan voor een relatief licht, eenvoudig te installeren zitje.

5. Koop geen tweedehands zitje
Koop geen tweedehands zitje als u niet zeker weet wat ermee is gebeurd. Een autozitje dat al een ongeval heeft meegemaakt, zal uw kind niet meer beschermen zoals het hoort.

Meer info:
Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV) - www.bivv.be
Kind & Gezin -
www.kindengezin.be






pub