Waarom krijgt de ene een koortslip en de andere nooit?

dossier

Bijna twee op de drie mensen zijn besmet met het herpes simplex-virus type 1 (HSV-1), dat koortslippen veroorzaakt. Toch krijgt lang niet iedereen die het virus draagt ooit een koortslip. Hoe komt het dat hetzelfde virus bij de ene persoon regelmatig de kop opsteekt, terwijl de andere er nooit iets van merkt? Het antwoord ligt vooral bij ons immuunsysteem en onze genen.

HSV-1 komt vaker voor dan je denkt

Volgens de meest recente schattingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) draagt ongeveer 64% van de mensen jonger dan 50 jaar het herpes simplex-virus type 1 (HSV-1). Dat virus is de belangrijkste oorzaak van koortslippen. Bij de meeste mensen verloopt de besmetting ongemerkt of zijn de symptomen zo mild dat ze nauwelijks worden opgemerkt.

Lang niet iedereen met HSV-1 krijgt ook een koortslip. Naar schatting overkomt het 15 tot 40% van de mensen die het virus dragen. Bij sommigen blijft het bij één keer, anderen krijgen meerdere koortslippen per jaar.

Lees ook: Koortsblaas op lip behandelen: oorzaak en tips

Hoe ontstaat een koortslip?

Een koortslip ontstaat niet meteen op het moment dat je met HSV-1 besmet raakt. Het virus kan jarenlang in je lichaam aanwezig zijn zonder dat je er iets van merkt. Dat verloopt in drie stappen:

  1. De eerste besmetting met HSV-1 gebeurt meestal tijdens de kindertijd en verloopt vaak zonder duidelijke klachten.
  2. Na de eerste besmetting verdwijnt HSV-1 niet meer uit je lichaam. Het virus trekt zich terug in een zenuwknoop, meestal de nervus-trigeminusknoop, waar het inactief kan blijven. Dat kan jaren duren, soms zelfs je hele leven.
  3. HSV-1 kan op een later moment opnieuw actief worden. Zonlicht, koorts, een andere infectie, stress, vermoeidheid of een verminderde weerstand kunnen zo’n nieuwe opstoot uitlokken.


Die factoren verklaren echter niet waarom de ene persoon wel koortslippen krijgt en de andere niet. Twee mensen kunnen bijvoorbeeld aan dezelfde triggers worden blootgesteld en toch heel anders reageren. Het verschil zit vooral in de manier waarop ons immuunsysteem op het virus reageert.

Lees ook: Koortsblaas voorkomen: praktische tips

Wat bepaalt of je al dan niet een koortslip krijgt?

123-man-koortslip-koortsblaas-herpes-10-15.jpg
Wanneer HSV-1 opnieuw actief wordt, slaagt het immuunsysteem er bij de meeste mensen in om het virus snel onder controle te krijgen. Daardoor leidt niet elke heractivatie automatisch tot een koortslip.

Je immuunsysteem houdt het virus onder controle

Lange tijd werd gedacht dat HSV-1 na de eerste besmetting gewoon “sliep” tot iets het virus opnieuw wakker maakte. Intussen weten we dat het complexer in elkaar zit. Ook wanneer het virus inactief lijkt, kan het af en toe proberen om opnieuw actief te worden. Vaak grijpt het immuunsysteem echter in voordat er een koortslip ontstaat. Bij sommige mensen werkt die afweer zeer goed. Het virus wordt snel onderdrukt, waardoor er geen blaasjes verschijnen. Bij anderen lukt dat minder goed en krijgt HSV-1 meer kans om de huid of het slijmvlies van de lippen te bereiken. Dan kan er wel een koortslip ontstaan. Het verschil zit dus niet noodzakelijk in het virus zelf, maar vooral in hoe goed je lichaam HSV-1 onder controle kan houden.

Is een koortslip erfelijk?

Waarom slaagt het immuunsysteem daar bij de ene persoon beter in dan bij de andere? Ook je genetische aanleg lijkt daarbij een rol te spelen. Onze genen beïnvloeden namelijk hoe het immuunsysteem op virussen reageert. Ze hebben onder meer invloed op hoe goed afweercellen een virus herkennen, hoe snel de antivirale afweer op gang komt en hoe doeltreffend T-cellen een blijvende infectie onder controle houden.

Uit onderzoek blijkt dat je genetische aanleg mee bepaalt hoe gevoelig je bent voor terugkerende koortslippen. Zo werd onder meer een verband gevonden met het gen CSSG1 (C21orf91), dat op chromosoom 21 ligt. Dat betekent niet dat er één specifiek “koortslipgen” bestaat. Waarschijnlijk gaat het om een combinatie van verschillende genetische kenmerken die elk een kleine invloed hebben op hoe goed je lichaam HSV-1 onder controle houdt.

Lees ook: Kan zonnebrandcrème een koortslip voorkomen?

Dat genetische verschil kan mee verklaren waarom koortslippen in sommige families vaker voorkomen. Je erft uiteraard niet het virus zelf, maar wel een deel van de genetische kenmerken die bepalen hoe je immuunsysteem op infecties reageert. Dat kan ervoor zorgen dat sommige mensen HSV-1 makkelijker onder controle houden dan anderen en dus minder snel een koortslip ontwikkelen.

Lees ook: Een koortslip: hoe voorkom je dat je anderen besmet?

Nooit een koortslip gehad: betekent dat dat je geen HSV-1 hebt?

Als je nog nooit een koortslip hebt gehad, betekent dat niet automatisch dat je nooit met HSV-1 besmet bent geraakt. Veel mensen dragen immers het virus zonder dat ze daar ooit iets van merken. Ook zonder zichtbare koortslip kan je het virus doorgeven. HSV-1 kan namelijk soms ongemerkt worden uitgescheiden via de huid of slijmvliezen. Je kan op zo’n moment besmettelijk zijn en toch geen blaasjes of andere klachten hebben. De meeste nieuwe besmettingen ontstaan zelfs op die manier, juist omdat mensen vaak niet weten dat ze het virus dragen.

Lees ook: Koortsblaas in of op de neus

Samengevat

  • Bijna twee op de drie mensen dragen HSV-1, maar slechts een minderheid krijgt ooit een zichtbare koortslip.
  • Het verschil zit vooral in hoe goed je immuunsysteem het virus onder controle houdt. Bij veel mensen stopt een reactivatie voordat er blaasjes ontstaan.
  • Hoe goed die afweer werkt, wordt deels bepaald door je genetische aanleg.
  • Ook andere factoren spelen een rol, zoals je leeftijd, je algemene gezondheid en omgevingsfactoren.
  • Het virus kan bij veel mensen waarschijnlijk af en toe opnieuw actief worden zonder dat ze daar iets van merken. Een koortslip ontstaat pas wanneer HSV-1 er tijdelijk in slaagt om aan de controle van het immuunsysteem te ontsnappen. 

Bronnen:

Mayo Clinic News Network, Mayo Clinic Minute: 3 things you didn't know about cold sores, interview du Dr Pritish Tosh.
Kriesel JD et al. « C21orf91 Genotypes Correlate With Herpes Simplex Labialis (Cold Sore) Frequency. » J Infect Dis, 2011 ; et Human Genome Variation, 2014.
Rodriguez-Archilla A. et al. « Epidemiology of Recurrent Herpes Labialis: A Prevalence Meta-analysis. » Current Medical Issues, 2025.

auteur: Olivia Regout, gezondheidsjournalist
Laatst bijgewerkt: augustus 2026

Artikels over gezondheid in je mailbox? Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang een gratis e-book met gezonde ontbijtrecepten.

eenvoudig terug uit te schrijven
Wij verwerken jouw persoonsgegevens conform het Privacy-beleid van Roularta Media Group NV.
volgopfacebook

volgopinstagram

[ X ]

Blijf op de hoogte!

Artikels over gezondheid in je mailbox? Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang een gratis e-book met gezonde ontbijtrecepten.



Nee, bedankt