ad

Op reis: gevaccineerd tegen mazelen?

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws De Hoge Gezondheidsraad vraagt extra aandacht voor mazelenvaccinatie nu in diverse Europese landen een mazelenepidemie heerst. Ook bij ons zijn sinds begin van dit jaar zijn er al meer dan 400 gevallen van mazelen vastgesteld ; dit is tien keer meer dan in het volledige jaar 2010. Bij de overgrote meerderheid van de gevallen gaat het over niet-gevaccineerde kinderen of volwassenen, of over kinderen jonger dan 12 maanden.

Mazelen is een zeer besmettelijke acute virale aandoening die overgedragen wordt door hoesten of niezen. Na 10 dagen treden de eerste symptomen op (hoge koorts, moeheid, conjunctivitis, rhinitis, keelpijn). Na 14 dagen begint de karakteristieke huiduitslag met rode vlekjes die zich op 3 dagen over het ganse lichaam verspreiden.
Hoewel mazelen meestal zonder verdere complicaties verloopt, kan dit bij sommige patiënten ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid, zoals middenoorontsteking, longontsteking, hepatitis, hersen(vlies)ontsteking en overlijden.

De Hoge Gezondheidsraad adviseert dat wie naar het buitenland reist zijn vaccinatiestatus en die van zijn kinderen controleert.

Wie kan zich het best laten vaccineren?
• Kinderen en jongeren worden in Vlaanderen gevaccineerd tegen mazelen, bof en rode hond als ze 12 maanden zijn en in het vijfde leerjaar. Voor wie niet of onvoldoende gevaccineerd is, wordt inhaalvaccinatie aanbevolen.

• Kinderen jonger dan 12 maanden die reizen naar een gebied met een verhoogd risico (zoals momenteel meerdere landen in Europa, o.m. Frankrijk, Spanje, Duitsland en Zwitserland): mogen vanaf de leeftijd van 6 maanden gevaccineerd worden. Omdat vaccinatie tussen 6 en 12 maanden geen blijvende bescherming geeft, dient daarna het gewone vaccinatieschema te worden gevolgd met de vaccinatie op 12 maanden (of tenminste vier weken na de extra vaccinatie) en op 10-13 jarige leeftijd.

• Personen geboren na 1970 die geen mazeleninfectie doormaakten en die nog geen mazelenvaccin kregen, of slechts één vaccin kregen: Een inhaalvaccinatie is wenselijk. Deze inhaalvaccinatie bestaat uit 2 dosissen met een minimum interval van 4 weken.

• Personen geboren vóór 1970: Deze mogen als beschermd beschouwd worden omdat ze met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de ziekte hebben doorgemaakt in het verleden, toen het virus nog volop circuleerde.

• Zwangere vrouwen mogen niet gevaccineerd worden tegen mazelen, bof en rode hond (combinatievaccin) en wie zwanger wil worden kan het best wachten tot 4 weken na de vaccinatie.




ad


pub