Baby na vruchtbaarheidstechnieken is kwetsbaarder

Laatst bijgewerkt: augustus 2019
a-zaadcel-in-vitro3.jpg

nieuws Eén op de twintig kinderen die tussen 1993 en 2003 in Vlaanderen geboren werden, is met behulp van een vruchtbaarheidsbehandeling verwekt. Opnieuw blijkt dat reageerbuisbaby's meer risico hebben op complicaties bij de geboorte. Opmerkelijk is dat ook methoden als hormonenkuren en eierstokstimulatie met inseminatie leiden tot meer babysterfte en premature geboorten.

Tussen 1993 en 2003 werden 631.449 kinderen geboren in Vlaanderen. Vijf procent van hen werd verwekt met medische hulp, bij de tweelingen was dat 38 procent. Vier op de vijf drielingen zijn het resultaat van medische vruchtbaarheidstechnieken. Het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie heeft de cijfers van de Vlaamse ziekenhuizen verzameld. Ze staan vandaag in De Huisarts. Bijna de helft (46,5 procent) van de medisch begeleide bevruchtingen in Vlaanderen gebeurde in een ,,reageerbuis''. Bij in-vitrofertilisatie (ivf) worden bij een eicel veel zaadcellen ,,losgelaten'' om de eicel te bevruchten. Bij intra-cytoplasmatische sperma-injectie (icsi) wordt één zaadcel rechtstreeks in een eicel gespoten. Tot 2003 resulteerde twee derde van beide reageerbuistechnieken in een meerlingzwangerschap. Sinds 1 juli 2003 mag daarom na kunstmatige bevruchting maar één embryo in de baarmoeder worden geplaatst.

Bij de overige 53,5 procent van de geboorten na een vruchtbaarheidsbehandeling kwam de bevruchting niet in een reageerbuis maar in de baarmoeder tot stand. Om de slaagkans te vergroten werd de vruchtbaarheid vooraf ,,aangewakkerd'' met hormonen en werd het sperma eventueel kunstmatig binnengebracht (inseminatie). Er zijn weinig gegevens over de afloop van zwangerschappen die zo ontstaan.

Uit een analyse van de Vlaamse cijfers blijkt dat opmerkelijk meer van zulke eenlingen sterven kort voor of na de geboorte dan bij een volledig natuurlijke bevruchting. Bij tweelingen ligt de sterfte kort na de geboorte ook hoger dan normaal, komen meer baby's te vroeg ter wereld, en ligt het geboortegewicht opvallend laag. Vanwege het verhoogd aantal complicaties zijn ook voor dit soort vruchtbaarheidsbehandelingen regels nodig die vergelijkbaar zijn met de wetgeving voor proefbuisbaby's, schrijft De Huisarts. Die kunnen het meerling-risico doen dalen.

De kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht bij eenlingen is hoger na ivf dan na icsi. Maar bij icsi is het aantal doodgeborenen bijna dubbel zo hoog als bij ivf. Bij tweelingen van verschillend geslacht gaat icsi samen met een hoger risico op vroeggeboorte of sterfte kort voor of na de geboorte.


bron: Psychosenet


verschenen op : 23/04/2005 , bijgewerkt op 19/08/2019


pub