ad

Zwanger week 1: nuttige tips

Laatst bijgewerkt: januari 2019

dossier

1. Wanneer bent u vruchtbaar?

Een gemiddelde menstruatiecyclus duurt 28 dagen. De cyclus begint op de eerste dag van de menstruatie en eindigt op de dag voor de volgende menstruatie.
De menstruele cyclus begint met de folliculaire fase. Deze fase begint met de groei en rijping van een nieuwe eicel in een blaasje, de follikel, dat zich in de eileider bevindt.
De eisprong of ovulatie is het moment waarop de rijpe eicel vrijkomt. Dat gebeurt ongeveer 14 dagen na het begin van de menstruele cyclus. De eisprong zelf duurt ongeveer vijftien seconden.

Wanneer de eisprong nadert wordt:
  • de baarmoedermond zachter,
  • de baarmoedermond groter,
  • het cervixslijm overvloediger,
  • het cervixslijm helderder,
  • het cervixslijm rekbaarder.

Na de eisprong:
  • sluit de baarmoedermond zich,
  • verandert het cervixslijm weer,
  • stijgt de lichaamstemperatuur met ongeveer 0,4 graden.

De eicel is slechts gedurende 24 uur na de eisprong bevruchtbaar. Omdat de zaadcellen ongeveer een week kunnen overleven, bent u gemiddeld zeven dagen per cyclus vruchtbaar. De kans op bevruchting is op het moment van de eisprong tot een halve dag erna het grootste. Zelfs drie keer zoveel als in de zeven dagen voor de eisprong.

  • Bij vrouwen met een regelmatige cyclus van 28 dagen ligt de meest vruchtbare periode tussen dag 11 en dag 16 van de cyclus. Veertien dagen voordat u ongesteld moet worden is de eisprong. De vruchtbaarste dagen zijn twee tot drie dagen rond de eisprong, maar de geslachtsgemeenschap zou vanaf vijf dagen voor de eisprong kunnen plaatsvinden om bevrucht te raken.
  • Hebt u een onregelmatige cyclus, dan kan het meten van de temperatuur uitkomst bieden. Meet vanaf het begin van uw cyclus, vanaf de dag dat je ongesteld wordt dus, iedere dag om ongeveer dezelfde tijd je temperatuur. Zo'n 12 tot 24 uur na de eisprong stijgt je temperatuur met ongeveer 0,4 graden. Pas vlak voor de volgende menstruatie daalt uw temperatuur weer. Als u vrijt wanneer uw temperatuur toeneemt, dan is het natuurlijk te laat. De eicel is immers maar een paar uur vruchtbaar. En uw temperatuur stijgt 12 tot 24 uur nadat die eicel is vrijgekomen. U moet dus een paar maanden na elkaar uw temperatuur opnemen. Dan kunt u bepalen wanneer de eisprong plaatsvindt. Daarna kunt u vrijen een paar dagen voordat de eisprong plaats vindt. Het beste is 24 tot 48 uur ervoor.

f-123-zwkal-vruchtbaarh-menstr-cyclus-01-19.png

2. Moet u extra veel vrijen om zwanger te worden?

Wat telt is niet zozeer de frequentie, wel de regelmaat en het tijdstip. De kans op een zwangerschap is het grootst als er vlak voor of op de dag van de eisprong gevrijd wordt.

Wanneer vrijen?
Als u een normale cyclus hebt van 28 dagen, vallen de vruchtbare dagen ongeveer in het midden (rond dag 14). Zaadcellen kunnen tot 5 dagen overleven in vagina en baarmoeder, en een eicel kan bevrucht worden gedurende 12 tot 24 uur na de eisprong. De beste kansen op bevruchting hebt u dus als u om de twee dagen vrijt, vanaf vijf dagen voor tot twee dagen na de verwachte eisprong. Meestal is dit dus vanaf de tweede week, gedurende een tiental dagen. Duurt de cyclus langer, dan valt de vruchtbare periode later. Duurt de cyclus korter, dan valt de vruchtbare periode eerder.
Omdat de zaadjes van uw partner er een tijdje over doen eer ze het eitje bereiken, wordt het vanaf een dag na de eisprong zinloos om gemeenschap te hebben. Zaad heeft dan immers de tijd niet meer om het eitje op tijd te bereiken.

Hoe vaak vrijen?
De grootste kans op bevruchting bestaat wanneer men om de 2 dagen, dus ongeveer 2 tot 3 maal per week seks heeft. Koppels die minder dan een keer per week vrijen, hebben veel minder kans op een zwangerschap dan koppels die geregeld seks hebben. Die kans wordt geschat op zo'n 16 procent op zes maanden tijd. Bij koppels die zo'n driemaal per week vrijen zou die kans tot ongeveer 50 procent oplopen.

Hoe vrijen?
Of de vrijhouding een invloed heeft op de zangerschapskans, is niet helemaal duidelijk. Vaak wordt de zogenaamde ‘missionarishouding’ (waarbij de vrouw op haar rug ligt met de benen opgetrokken en de man bovenop haar ligt, met de hoofden aan dezelfde kant) aanbevolen omdat de penis hierbij het dichtst bij de baarmoeder komt. Ook ‘op zijn hondjes’ (waarbij de vrouw voorovergebogen zit en de man langs achter penetreert) zou een aanrader zijn voor wie zwanger wil worden. Minder geschikte standjes zijn die waarbij de vrouw bovenaan zit, of zittend of rechtstaand vrijen.
De man moet zorgen dat hij de penis tijdens de zaadlozing zo diep mogelijk in de vagina houdt, zodat er zo min mogelijk zaad wegdrupt. Na het terugtrekken van zijn penis, kan de man de schaamlippen van de vrouw zacht samendrukken om zoveel mogelijk zaad binnen te houden.
Na het orgasme van de man blijf u best nog even op de rug liggen, eventueel met een kussen onder de billen om het bekken naar achter te laten kantelen, zodat zwaartekracht het sperma kan helpen de weg naar de eileider te vinden.

3. Hoelang moet u wachten om zwanger te worden nadat u met de pil gestopt bent?

Zodra u stopt met de pil of andere hormonale anticonceptie kunt u zwanger worden in de eerste normale cyclus zonder pil. Dat de pil uw vruchtbaarheid zou verminderen, is onjuist. Ook na het verwijderen van het spiraaltje of het hormoonspiraaltje, kunt u meteen zwanger worden. Alleen bij de prikpil kan het enkele maanden duren voor u weer zwanger kunt worden.
U hoeft ook helemaal niet één of meerdere menstruaties te wachten om zwanger te worden nadat u gestopt bent met de pil of een ander hormonaal anticonceptiemiddel. Er zitten geen extra hormonen of dergelijke in uw bloed. U kunt dus onmiddellijk zwanger worden. Er bestaat geen verhoogde kans op een misval of misvormingen van de foetus als u onmiddellijk na het stoppen met de pil of een ander hormonaal anticonceptiemiddel zwanger wordt, ook niet als u al jaren de pil slikt.

Heel wat artsen raden wel aan te wachten tot de gewone menstruele cyclus zich hersteld heeft. Zo kan beter het begin van de zwangerschap bepaald worden, anders denkt u misschien dat u zwanger bent terwijl uw maandstonden enkel uitblijven omdat u net gestopt bent met de pil.
Indien u zwanger wordt terwijl u nog hormonale anticonceptie neemt, hoeft u niet te panikeren. De kans op aangeboren afwijkingen bij het kind door de hormonen is vrijwel onbestaand. Zodra u weet dat u zwanger bent, moet u natuurlijk wel onmiddellijk stoppen met de anticonceptie.

123-zwkaal-koppel-zw-01-19.png

4. Hoe kunt u zich voorbereiden op een zwangerschap?

Vanaf het moment dat u zwanger wilt worden, is het verstandig om alvast een aantal gezondheidsregels in acht te nemen. U weet tenslotte nooit wanneer de bevruchting plaatsvindt.

1. Stop met roken
Roken heeft effect op de vruchtbaarheid. Rokende vrouwen hebben 23 procent meer kans op een miskraam en er is 50 procent meer kans op perinatale sterfte (doodgeboorte, sterfte bij bevalling en kort erna). Bij mannen die roken zou er een relatie bestaan tussen roken en een verminderde kwaliteit van sperma.
Vermijd ook passief roken. Daarom stopt ook de partner het best met roken. Ook na de geboorte heeft het rookgedrag van mama en/of papa een grote invloed op de gezondheid van het kindje en bestaat er een groter risico op gezondheidsproblemen en wiegendood.
Ook cannabis en andere drugs kunnen de vruchtbaarheid verminderen en ernstige problemen geven tijdens de zwangerschap.

2. Geen alcohol
Alcoholgebruik is nadelig voor de vruchtbaarheid en de ontwikkeling van de foetus tijdens de zwangerschap. Dagelijks gebruik van 1 tot 2 eenheden alcohol tijdens de zwangerschap leidt tot een toename van het aantal miskramen en doodgeboorten. Bij mannen veroorzaakt alcohol erectiestoornissen en libidoverlies. Bij mannen die meer dan 20 eenheden alcohol per week drinken, duurt het dubbel zo lang om zwanger te worden.
  • Vermijd alcohol en stop alcohol tijdens de zwangerschap. Dit geldt zowel voor de toekomstige moeder als voor haar partner.
  • Binge drinken is zowel voor als tijdens de zwangerschap afgeraden

3. Geneesmiddelen
Gebruikt u medicijnen? Dan is het goed dat uw behandelaars weten dat u zwanger wilt worden. Vaak wordt de hoeveelheid medicijnen aangepast. Of u krijgt een medicijn dat voor de zwangerschap veiliger is.
Gebruik niet zomaar medicijnen. En overleg eerst met uw arts als u wilt stoppen met medicijnen. Ook mannen moeten met sommige medicijnen stoppen omdat ze schadelijk zijn voor de zaadcellen.

4. Vitaminen
Neem nooit vitaminen op eigen initiatief, maar vraag steeds raad aan een arts of vroedvrouw. Extra vitamine A supplementen worden alleszins afgeraden aangezien dit schadelijk kan zijn voor uw baby. Het kan lijden tot misvorming van de foetus.
De enige vitamine die algemeen aangeraden wordt tijdens de zwangerschap is foliumzuur, en vaak ook vitamine D.

5. Mondzorg
Consulteer bij een kinderwens een tandarts voor een preventief nazicht. Niet alleen letsels door tandbederf, maar ook bijvoorbeeld tandvleesontstekingen worden het best behandeld voor de zwangerschap. Een slechte mondhygiëne kan de zwangerschap immers vanaf het prille begin ongunstig beïnvloeden. Vanuit een ontstoken tandomgeving worden heel wat stoffen geproduceerd die niet alleen lokaal, maar via het bloed, ook elders in het lichaam voor problemen kunnen zorgen.
Een goede mondverzorging komt dus niet alleen de gezondheid van de mama ten goede, maar vermindert ook de kans op overdracht van ziektekiemen naar de baby.

6. Verre reizen
Informeer, voor u op reis gaat, of er een verhoogde kans is op bepaalde infecties, zoals malaria, gele koorts, zika of cholera. Bespreek of dergelijke infecties schadelijk kunnen zijn voor een zwangerschap. Ook is het belangrijk te kijken welke malariatabletten wel en welke niet veilig zijn tijdens zwangerschap.
Reizen naar landen waar het zikavirus voorkomt, worden ten stelligste afraden als u zwanger wilt worden. Ook uw partner wordt afgeraden om naar die landen te reizen.

7. Werkomstandigheden
Chemicaliën en straling kunnen de vruchtbaarheid van een vrouw of man verminderen. Chemische stoffen, straling, ploegendiensten, lichamelijk zwaar werk en stress kunnen belastend zijn in de vroege zwangerschap. Ga na of er risico’s zijn op uw werk en bespreek dit dan met de bedrijfsarts. In de buurt van computers en magnetrons loopt u geen risico.

Meer lezen

www.kindengezin.be/kinderwens/
http://gezondzwangerworden.be
www.thuisarts.nl/zwanger-worden/ik-wil-mij-voorbereiden-op-gezonde-

5. Waarom mag u na terugkeer uit een risicogebied voor het zikavirus niet direct zwanger worden?

123-zika-virus-baby-04-16.jpg
Indien u of uw partner recent in een land bent geweest waar het zikavirus voorkomt, dan kunt u besmet zijn.
Raadpleeg hier de landenlijst waar het zikavirus voorkomt.

Het zikavirus wordt voornamelijk overgedragen door muggen. Maar het kan ook worden overgedragen van man op vrouw door onbeschermde seks. Het is aangetoond dat het virus tot zes maanden aanwezig kan zijn in het sperma. U kunt dus ook besmet zijn zonder dat u zelf in een risicoland bent geweest, maar als uw partner daar recent geweest is.

Een besmetting met het zikavirus kan zonder klachten verlopen. Dus ook als u geen klachten hebt gehad, kunt u het virus bij u dragen. Indien u besmet bent met het zikavirus en zwanger wordt, dan kan dit virus overgedragen worden op het ongeboren kind. Dit kan een groeiachterstand, oogafwijkingen, gehoorschade, arthrogrypose (gewrichtsmisvormingen) en schade ter hoogte van de hersenen met psychomotorische ontwikkelingsstoornissen, microcefalie (abnormaal kleine schedel) en miskramen veroorzaken.

  • Koppels met een zwangerschapswens kunnen laten testen of ze het virus hebben (gehad). Indien u ziek bent (of geweest bent), gebeurt dit het best zo snel mogelijk. Indien u geen klachten heeft gehad, laat u zich het best 3 weken na terugkeer testen. Dan kan met grote waarschijnlijkheid worden vastgesteld of u geïnfecteerd bent of niet. Contacteer uw arts, een afdeling infectieziekten of een reiskliniek voor meer informatie.
  • Indien u geen 'dringende' zwangerschapswens hebt en u zich niet hebt laten testen, moet u minstens 6 maanden wachten om zwanger te worden. Gebruik tijdens die periode een condoom.

6. Mag u zwanger worden als u besmet bent met hepatitis C?

Voor vrouwen met hepatitis C is zwangerschap normaal geen probleem, behalve wanneer ze in behandeling zijn. U kunt eventueel een behandeling tegen hepatitis C overwegen voor u zwanger wilt worden om zo de kans op overdracht op het kind te elimineren. 

Als u toch zwanger wordt tijdens uw hepatitis C-behandeling of binnen de 6 maanden na de behandeling, moet u onmiddellijk uw leverspecialist raadplegen. Hetzelfde geldt als uw partner een hepatitis C-behandeling ondergaat. 

De kans dat u de ziekte doorgeeft aan uw baby is zeer klein, minder dan 5 procent. Raakt de baby toch besmet, dan is het geruststellend te weten dat de ontwikkeling van hepatitis C bij een pasgeborene meestal goedaardig is. Een baby van een moeder die besmet is met hepatitis C moet tijdens zijn eerste levensjaar wel medisch opgevolgd worden.

Wordt u in het begin van de zwangerschap getest op hepatitis C?
Hepatitis C is een ziekte die erg traag evolueert. De symptomen ontstaan soms pas 10 tot 20 jaar na de infectie. Het belangrijkste symptoom is overdreven vermoeidheid, maar dat is niet alleen eigen aan deze ziekte.

Tijdens de prenatale consultatie gebeurt er niet routinematig een bloedafname om u te testen op hepatitis C. Enkel vrouwen met een verhoogde kans op hepatitis C worden getest. Het gaat onder meer om:

  • vrouwen die drugs spuiten of gespoten hebben;
  • vrouwen die samenleven of hebben samengeleefd met een persoon die geïnfecteerd is met hepatitis C;
  • vrouwen die positief zijn voor HIV of hepatitis B;
  • vrouwen met afwijkende levertesten;
  • vrouwen die een tatoeage of een piercing hebben laten zetten, mesotherapie of acupunctuur hebben ondergaan waarbij geen wegwerp- of persoonlijke naalden werden gebruikt;
  • vrouwen die werden verzorgd in landen van Zuidoost-Azië, het Midden-Oosten, Afrika of Zuid-Amerika;
  • vrouwen die in de gevangenis zitten of hebben gezeten. 

Welke invloed heeft zwangerschap op uw hepatitis C-infectie?
Zwangerschap beïnvloedt het verloop van uw hepatitis C-infectie niet. Bij gevorderd leverlijden (bijv. bij gedecompenseerde levercirrosis) kan een zwangerschap wel een bijkomende belasting voor de lever vormen en risico’s inhouden. Een zwangerschap kan ook een invloed hebben op uw leverwaarden.

Mogen zwangere vrouwen een hepatitis C-behandeling volgen? 
De behandeling met peginterferon moet tijdens de zwangerschap worden onderbroken, omdat het effect op de foetus nog onbekend is. Er zijn momenteel te weinig gegevens beschikbaar om het gevaar voor de baby vast te stellen.

Vrouwen die ribavirine (Copegus of Moderyba) nemen mogen NIET zwanger worden. De fabrikant zelf adviseert dat vrouwen in de vruchtbare leeftijd doeltreffende contraceptie gebruiken tijdens de behandeling tot 6 maanden na beëindiging ervan omwille van het hoge risico op aangeboren afwijkingen bij de foetus. Deze moeders mogen ook geen borstvoeding geven omdat dit geneesmiddel voor bijwerkingen kan zorgen bij hun baby.

Ook de direct werkende orale antivirale middelen zoals daclatasvir, dasabuvir, elbasvir, glecaprevir, grazoprevir, ledipasvir, ombitasvir, paritaprevir, pibrentasvir, simeprevir, sofosbuvir, telaprevir, velpatasvir en voxilaprevir mogen bij gebrek aan gegevens over de veiligheid tijdens zwangerschap en borstvoeding niet gebruikt worden. 

Meer info
http://hepafocus.be

7. Welke voorzorgen moet u nemen als u een inflammatoire darmziekte (IBD) hebt?

123-buik-pijn-darm-9-7.jpg
Chronische darmziekten zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa komen vaak aan de oppervlakte tussen 15 en 25 jaar, de  levensfase waarin jonge vrouwen en mannen relaties aangaan of een zwangerschap plannen. Sommigen vragen zich dan af of ze er wel goed aan doen om zwanger te worden, gezien de ingrepen die ze ondergingen of de medicatie die ze moeten nemen om de ziekte onder controle te houden. 

Een IBD-patiënt heeft dezelfde kans op een zwangerschap als een vrouw die geen inflammatoir darmlijden heeft. Soms is er wel sprake van een verminderde vruchtbaarheid, bijvoorbeeld bij vrouwen die operaties hebben ondergaan in het gebied van het kleine bekken. Verminderde vruchtbaarheid komt ook voor bij vrouwen met een gecompliceerd verloop van de ziekte van Crohn, bijvoorbeeld bij abcessen en na operaties in het kleine bekken. Sommige medicijnen kunnen ook een invloed hebben op de zaadkwaliteit. 

Wat zijn de mogelijke risico’s van een zwangerschap? 
  • De zwangerschap heeft geen nadelige of gunstige invloed op het verloop van uw IBD, vooral als de ziekte rustig is aan het begin van de zwangerschap. Begint de zwangerschap gedurende een inactieve ziektefase, dan zal de ziekte meestal niet actief worden tijdens de zwangerschap.
    Als een IBD-patiënt zwanger wordt tijdens een actieve ziektefase, dan kan de ziekte soms moeilijk onder controle te brengen zijn. Actieve opstoten komen meestal voor in het eerste trimester van de zwangerschap en/of kort na de bevalling.
  • Het risico op een laag geboortegewicht en op vroeggeboorte is licht verhoogd, maar is afhankelijk van de ziekteactiviteit op het moment van de conceptie of tijdens de zwangerschap.
    Een opvlamming van de darmziekte tijdens de zwangerschap kan effect hebben op het kind. Door de ziekteactiviteit is er een verhoogd risico op een miskraam, maar een aanhoudende actieve ziekte kan ook leiden tot vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. Om die negatieve effecten te voorkomen is het van belang om een zo rustig mogelijke ziekte te hebben als u zwanger bent.
  • Het risico op inflammatoir darmlijden bij het kind is verhoogd en bedraagt ongeveer 10 à 20 procent voor de ziekte van Crohn en ongeveer 5 procent voor colitis ulcerosa. 

Voorzorgsmaatregelen

1. Plan uw zwangerschap
  • Vrouwen met IBD hebben de beste kans op een goede zwangerschap als ze die plannen na een ruime periode van remissie. De medicatie die nodig is om de inflammatoire darmziekte onder controle te houden – en waarvan het lage risico bekend is – mag worden doorgenomen. Een actieve opflakkering van de ziekte houdt immers het grootste risico in voor de zwangerschap, niet de medicatie. 
  • Volgende geneesmiddelen moeten drie maanden voor conceptie zeker stopgezet worden: methotrexaat en thalidomide.
    Ook uw partner moet drie maanden voor de zwangerschap stoppen met methotrexaat. 

2. Hou de ziekte in remissie tijdens de zwangerschap 
Onderbreek daarom ook nooit zomaar een behandeling! Dat kan een opstoot van de ziekte uitlokken en die opstoot houdt een groter risico op foetale problemen in dan de medicatie zelf. Het is belangrijk om preconceptiepatiënten daarover te informeren en een medicatiebeleid te bespreken. 

De meeste IBD-medicatie heeft geen nadelige effecten op de foetus.

Volgende geneesmiddelen mag u tijdens de zwangerschap nemen.
  • Mesalazine en sulfasalazine. Het gebruik van corticosteroïden bij een opvlamming tijdens de zwangerschap is mogelijk; er zijn geen negatieve effecten op het kind te verwachten. Ook thiopurines kunnen worden doorgebruikt.
  • Zowel infliximab als adalimumab (anti-TNF) kunnen worden gegeven. Wel gaat dit medicijn door de placenta naar het kind in het laatste trimester van de zwangerschap. Om de hoeveelheid anti-TNF die bij het kind komt te beperken, kan bij een langdurige rustige ziekte worden besloten met dit medicijn te stoppen rond week 22 van de zwangerschap. Dat is echter niet strikt noodzakelijk.
  • Voor andere biologicals, zoals vedolizumab en ustekinumab, zijn onvoldoende wetenschappelijke gegevens bekend over het effect op het kind. Er wordt aangenomen dat ook deze medicijnen door de placenta naar het kind gaan, maar dat ze vermoedelijk geen schadelijke effecten hebben.
Volgende geneesmiddelen mag u niet nemen.
- Metronidazole en ciprofloxacine zijn te vermijden in het eerste trimester en bij borstvoeding
- Methotrexaat en thalidomide mag u tijdens de hele zwangterschap niet nemen.

3. Foliumzuur
Start bij een zwangerschapswens meteen met foliumzuursupplementen met een hogere dosering bij dundarmaantasting en inname van azathioprine (4mg/d).

4. Extra opvolging en begeleiding
  • Bij vrouwen met een actieve darmziekte wordt extra echoscopische controle aanbevolen op de groei van het ongeboren kind. 
  • Soms is het nodig om een colonoscopie te doen tijdens de zwangerschap om te bepalen welke medicatie moet worden gestart bij een opvlamming. Een colonoscopie kan plaatsvinden zonder dat er nadelige effecten zijn op het kind.
5. Bevalling
Meestal is een gewone vaginale bevalling mogelijk. 
Een keizersnede is nodig bij ernstige aantasting van de anus en soms ook bij colitis-ulcerosapatiënten met een pouch.

Meer info

8. Mag u zwanger worden als u systeemlupus (SLE) hebt?

123-anatom-syst-lupus-erythemat-04-18.jpg
Systeemlupus of Systemische lupus erythematodes (SLE) is een auto-immuunaandoening die ontstekingen kan veroorzaken in de huid, de gewrichten en verschillende organen. Dat wil zeggen dat onze afweer zich op overdreven wijze tegen onszelf richt, onder andere door antistoffen te vormen die ontstekingsziekten veroorzaken.
Systemische lupus kan alle lichaamsdelen aantasten (huid, gewrichten, diverse organen). Het onderscheidt zich daarin van huidlupus (cutane of discoïde lupus), die alleen de huid aantast en meestal minder ernstig is. Huidlupus kan alleen of samen met systeemlupus voorkomen.

SLE treft vooral jonge vrouwen op vruchtbare leeftijd. Het is een van de meest voorkomende auto-immuunziekten bij vrouwen van vruchtbare leeftijd.

Vroeger werd zwangerschap afgeraden uit vrees voor verwikkelingen bij de moeder of de foetus. Bovendien zijn sommige medicijnen die gebruikt worden bij de behandeling van lupus, schadelijk voor de baby. Vandaag gaat men ervan uit dat de meeste vrouwen zonder veel problemen zwanger kunnen worden. De zwangerschap moet wel goed gepland en opgevolgd worden omdat de kans op zwangerschapscomplicaties groter is en de klachten van lupus kunnen verergeren.
Alleen wanneer meerdere organen ernstig zijn aangetast, zoals bij ernstig nierlijden of pulmonale hypertensie, wordt zwangerschap afgeraden.

Mogelijke risico’s

De prognoses voor moeder en kind zijn het meest gunstig indien SLE stabiel is gedurende ongeveer 6 maanden voor de zwangerschap en indien de nierfunctie van de moeder (bijna) normaal is 

  • Gedurende de zwangerschap kan SLE verergeren. Wanneer zes maanden vo´o´r de zwangerschap de lupus goed onder controle is, zijn er minder vaak opvlammingen. In de periode kort na de bevalling kunnen er ook extra opvlammingen optreden.
  • Bij een kwart van de zwangere lupuspatiëntes met nierproblemen, neemt de nierfunctie tijdens de zwangerschap verder af. De vermindering van de nierfunctie is bij tien procent van deze vrouwen blijvend. 
  • SLE verhoogt de kans op spontane abortus, foetale sterfte, pre-clampsie, vroeggeboorte en foetale groeivertraging. 
  • Bij aanwezigheid van SSA-antistoffen, bestaat het risico op hartprobleem bij het kind.
  • Veel lupus-patiënten hebben bloedarmoede, omdat de rode bloedcellen afgebroken worden. Bij zwangerschap heeft het kind extra ijzer nodig. Het is daarom belangrijk om bij zwangere lupuspatiënten te controleren of er geen bloedarmoede is. 
  • Ongeveer 10 procent van de vrouwen met SLE heeft kans op een baby met neonatale lupus. 

Welke voorzorgsmaatregelen zijn nodig?

1. Wanneer zwanger?
  • Het is verstandig te wachten met zwanger worden tot de ziekte met geneesmiddelen onder controle is en de ziekte minstens een half jaar rustig is. Dan is de kans op een opvlamming van de ziekte met verergering van de symptomen zeer klein.
    Is de lupus niet onder controle, dan kan zwangerschap wel gevaarlijk zijn. Bovendien bestaat er dan een verhoogd risico op een miskraam, een te vroeg of te klein geboren kind en ernstige zwangerschapsproblemen zoals zwangerschapsvergiftiging. 

  • Indien u medicijnen gebruikt waarmee u niet zwanger mag worden (zie verder), dan moeten deze medicijnen eerst vervangen worden door andere middelen. Na het wijzigen van de medicijnen moet de ziekte tenminste een half jaar niet meer actief geweest zijn voordat u zwanger wordt.

2. Opvolging zwangerschap
De zwangerschap verloopt meestal zonder complicaties. Wel is de kans op een miskraam of voortijdige bevalling groter. Dat risico bestaat vooral bij vrouwen die bepaalde antistoffen (anti-Ro/SSA en anti-La/SSB-antistoffen) in het bloed hebben. Bij vrouwen met die antistoffen bestaat ook een klein risico dat het kind neonatale lupus of hartproblemen krijgt.

De zwangerschap moet wel nauwgezet opgevolgd worden. 

  • Voor de conceptie of vroeg in de zwangerschap is een uitgebreid bloed- en urineonderzoek nodig om de nier- en leverfunctie te controleren en de aanwezigheid van antistoffen (anti dsDNA, anti Ro SSA, en anti La SSB antistoffen) en lupus anticoagulans op te sporen. Ook tijdens de zwangerschap gebeurt geregeld een bloed- en urineonderzoek.
  • Tot 12 weken wordt de zwangere maandelijks onderzocht door de reumatoloog en de verloskundige. 
  • Tussen 12 en 32 weken om de twee weken alternerend door de verloskundige en de reumatoloog.
  • Nadien ziet de verloskundige de zwangere wekelijks, de reumatoloog maandelijks. 
  • Bij moeders met bepaalde antistoffen in het bloed (anti Ro SSA en anti La SSB antistoffen) worden extra foetale cardiale echografieën uitgevoerd.
  • Echografie en doppleronderzoek van de foetoplacentaire vaten zijn noodzakelijk om intra-uteriene groeiachterstand en preeclampsie op te sporen. Cardiotocografie en bepaling van het biofysisch profiel worden gebruikt voor het opsporen van plotse achteruitgang van de conditie van de foetus. 

Geneesmiddelen

Tijdens de zwangerschap wordt de ziekte zoveel mogelijk met medicijnen onder controle gehouden. U kunt echter niet alle medicijnen innemen als u zwanger bent en als u borstvoeding geeft. Bespreek dit met uw arts en neem nooit geneesmiddelen op eigen houtje.

  • Sommige medicamenten kunnen veilig tijdens de zwangerschap genomen worden, zoals prednisolon, azathioprine, cyclosporine A en hydrochloroquine. Ook de pijnstiller paracetamol is veilig.
  • Andere geneesmiddelen kunnen schadelijk zijn voor de foetus en moeten drie tot zes maanden voor de zwangerschap stopgezet worden en vervangen worden door alternatieven zoals azathioprine: methotrexaat, mycofenolaat mofetil (Cellcept), en cyclofosfamide. Ook niet-steroïdale ontstekingsremmers neemt u beter niet tijdens de zwangerschap. 

zie ook artikel : Lupus (SLE) en zwangerschap

Meer info




ad


pub