Meer tekenbeten in Wallonië

Laatst bijgewerkt: mei 2017
123-teken-teek-blad-lyme-05-17.jpg

nieuws De website en de mobiele applicatie ‘TekenNet’ van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) bieden op basis van vrijwillige meldingen van burgers een overzicht van het risico voor het oplopen van een tekenbeet in tijd en ruimte in België.

In 2016 werden er in België 9700 tekenbeten gerapporteerd. In 74% van de gevallen had de melding betrekking op één beet, in 14% van de gevallen op twee beten, in 5% van de gevallen op drie beten en in 2% van de gevallen op vier beten. De meldingen waren talrijker in Vlaanderen (57,5%) dan in Wallonië (41,6%) en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (0,9%).

Aangezien de bevolking niet overal gelijk verdeeld is, moet er rekening worden gehouden met de bevolkingsdichtheid voor een correcte interpretatie van de geografische spreiding van de tekenbeten. Om de gebieden te bepalen waar de risico’s het grootst zijn, is het aantal beten in verhouding gebracht met het aantal inwoners van elke provincie. Het aantal beten per 100.000 inwoners, lag het hoogst in de provincie Luxemburg (392/100.000 inwoners), gevolgd door de provincies Waals-Brabant (185/100.000), Namen (173/100.000) en Limburg (154/100.000). Op regionaal vlak lag de incidentie van tekenbeten hoger in Wallonië (112/100.000) dan in Vlaanderen (86/100.000).

Tuin
88% van de beten vond plaats tijdens vrijetijdsactiviteiten. In 45% van de gevallen werden de slachtoffers gebeten in hun tuin en in 37% van de gevallen in het bos.
Er zijn weinig beten geteld tijdens schoolactiviteiten (2,5%) of bij de uitoefening van een beroepsactiviteit (4,6%), al zijn personen met een risicoberoep misschien nog niet voldoende vertegenwoordigd bij de deelnemers.

Op een totaal van ongeveer 1300 personen die aan een groepsactiviteit hadden deelgenomen, zijn er 129 meldingen geteld voor in totaal 1170 beten. 49,6% van de meldingen had betrekking op tekenbeten die in Wallonië waren opgetreden (64 meldingen en 424 beten) en 48,8% van de beten was in Vlaanderen opgetreden (63 meldingen en 743 beten).
De omvang van de groepen was niet homogeen en dus is het aantal beten per individu berekend. Zowel in Vlaanderen als Wallonië lag dit aantal lager dan 1 (respectievelijk 0,92 en 0,85 beten per individu).

De beten vonden hoofdzakelijk plaats tijdens vrijetijdsactiviteiten (85%) en heel vaak in een bosrijk gebied (60% van de gevallen).
Het WIV herinnert er nog even aan dat een persoon gebeten door een teek met één of meerdere ziekteverwekkers niet noodzakelijk besmet wordt. Indien symptomen zoals een erythema migrans (verschijning en ontwikkeling van een rode cirkelvormige vlek op de plaats van de beet) of griepachtige syndromen (zoals koorts en spierpijnen) optreden na een tekenbeet wordt aangeraden om zo snel mogelijk een arts te raadplegen.

zie ook artikel : Naar de dokter na een tekenbeet?




pub