Genen bepalen hoe goed cholesterolverlagers werken

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws Een grote studie, waarbij gegevens van 40.000 mensen onder de loep zijn genomen, heeft twee nieuwe genvarianten aangewezen die van invloed zijn op de werkzaamheid van statines. Dat publiceren onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en de Queen Mary University in Londen in Nature Communications.

Veel patiënten met een te hoog cholesterolniveau slikken statines, die het ‘slechte’ LDL-cholesterol met meer dan de helft kunnen verlagen. Dit kan de kans op hartziekten sterk verkleinen. De cholesterolverlagende statines werken echter niet bij iedereen even goed. De twee ontdekte genvarianten blijken deze verschillen in werkzaamheid tussen individuen deels te verklaren.
Om de verschillen in gevoeligheid voor statines te onderzoeken, combineerden de onderzoekers gegevens van een aantal studies waarbij het hele genoom van deelnemers in kaart was gebracht. Daaruit kwamen twee genvarianten te voorschijn die niet eerder ontdekt waren. Samen met andere universiteiten wereldwijd controleerde de onderzoekers hun resultaten in 22.000 individuen. Daarbij vonden ze naast de twee nieuw ontdekte genvarianten ook twee al eerder ontdekte, veelvoorkomende genvarianten die inderdaad invloed hebben op het cholesterolverlagende effect van statines.

Samen verklaren de vier genen ongeveer 5 procent van de variantie in de reactie op statines. Een van de nieuw ontdekte genvarianten verhoogde de werkzaamheid van statines. De tweede genvariant, die waarschijnlijk invloed heeft op de opname van statines door de lever, verlaagde de effectiviteit.



verschenen op : 05/12/2014 , bijgewerkt op 12/08/2019


pub