Doet borstkankerscreening meer kwaad dan goed?

Laatst bijgewerkt: augustus 2019
123-mammografiee-rx-borstca-170_10.jpg

nieuws Regelmatig verschijnen er in de populaire en wetenschappelijke pers kritische artikelen over de zin van het systematische bevolkingsonderzoek naar borstkanker via een mammografie, bij vrouwen zonder enig symptoom dat op borstkanker kan wijzen en zonder een verhoogd risico op borstkanker, bv. omdat er veel borstkanker in de familie voorkomt.

In een recente publicatie roept een groep Deense artsen van de Nordic Cochrane Centre vrouwen op om niet langer deel te nemen aan de georganseerde borstkankerscreening. “Recent onderzoek suggereert dat borstkankerscreening niet langer effectief is om de sterfte door borstkanker te verlagen. Gezonde vrouwen die nooit symptomen van borstkanker zouden ontwikkelen worden door de screening borstkankerpatiënt. Behandeling van deze gezonde vrouwen verhoogt hun sterftekans, bijvoorbeeld door hartaandoeningen en kanker. Het lijkt daarom niet langer raadzaam om deel te nemen aan borstkankerscreening. Sterker nog, door niet aan de screening deel te nemen heeft een vrouw een kleinere kans om de diagnose borstkanker te krijgen.”

Omgekeerd worden de voordelen van de borstkankerscreening ook vaak fel overdreven. Zo is het bijvoorbeeld onjuist dat screening borstkanker kan voorkomen (het kan alleen de ziekte in een vroeg stadium opsporen en daardoor mogelijk sterfte voorkomen); of dat iedere door screening ontdekte tumor een potentieel fatale borstkanker is (borstkankerscreening ontdekt veel kleine tumoren die mogelijk onschuldig zijn); of dat screening het aantal invasieve behandelingen doet afnemen (doordat men meer kankers ontdekt, nemen de invasieve behandelingen in absolute aantallen toe). Maar momenteel gaan de meeste wetenschappelijke rapporten er nog altijd vanuit dat borstkankerscreening met mammografie in de leeftijdsgroep 50-70 jaar meer voor- dan nadelen heeft.

In Engeland heeft de Independent Breast Screening Review recent een rapport uitgebracht over de voor- en nadelen van borstkankerscreening (www.cancerresearchuk.org/cancer-info/publicpolicy/ourpolicypositions/symptom_Awareness/cancer_screening/breast-screening-review/breast-screening-review). Op basis hiervan heeft de National Health Service een patiënteninformatiefolder gepubliceerd om vrouwen te helpen bij hun beslissing om al dan niet deel te nemen aan de borstkankerscreening (www.cancerscreening.nhs.uk/breastscreen/publications/ia-02.html).
Ook in ons land werkt het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) momenteel aan zo’n keuzehandleiding.

Om met enige kennis van zaken te kunnen beoordelen of u moet deelnemen aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker (voor vrouwen tussen 50 en 70 jaar) zetten we hier de belangrijkste voor- en nadelen van een tweejaarlijkse mammografie tussen 50 en 70 jaar op een rijtje.

Nadelen

1. In een bevolkingsonderzoek wordt een grote groep getest op de aanwezigheid van kanker. Bij slechts een aantal van hen zal kanker worden ontdekt. Voor de overige deelnemers is het onderzoek een overbodige belasting (verloren tijd, pijn van de mammografie door de samendrukking van de borst enz.). Maar dat is natuurlijk pas achteraf duidelijk.

2. Elke test kent technische beperkingen. Er zijn altijd mensen die een ‘verkeerde’ testuitslag krijgen.
Enerzijds kan het resultaat van de test ten onrechte op kanker wijzen (‘vals-positief’), terwijl u in werkelijkheid geen kanker hebt. In dit geval kunnen u en uw familieleden zich onterecht zorgen gaan maken. Bovendien zullen bijkomende tests worden uitgevoerd, met alle last, pijn en kosten, vandien.
Op 1.000 vrouwen die gedurende 20 jaar om de twee jaar gescreend worden, zouden er uiteindelijk 200 onnodig doorverwezen worden voor verder onderzoek, zo blijkt uit de Euroscreen-studie. De Nordic Cochrane Group komt tot gelijkaardige cijfers (100 vrouwen per 1000 over een periode van 10 jaar). De Britse Independent Breast Screening Review schat dat op 100 vrouwen die getest worden, er bij 1 effectief borstkanker wordt vastgesteld en bij 3 een vals-positief resultaat wordt bekomen.
Anderzijds worden soms ook kankers gemist (‘vals-negatief) waardoor u ten onrechte gerustgesteld wordt. Het aantal vals-negatieven wordt geschat op ongeveer 1 per 2.500 gescreende vrouwen.

3. Het bevolkingsonderzoek is een momentopname en kan ook schijnzekerheid geven. Bij ongeveer 2 op de 1.000 gescreende vrouwen wordt in de 2 jaar tussen de screenings toch borstkanker geconstateerd.
Zelfs als u deelneemt aan het bevolkingsonderzoek, blijft het belangrijk om met klachten naar de huisarts te gaan.

4. Door het bevolkingsonderzoek kunnen (vooral bij oudere vrouwen) non-invasieve borstkankers worden opgespoord waar zij gedurende hun leven geen klachten meer van zouden krijgen. Dit is omdat sommige tumoren maar langzaam groeien en nooit klachten zouden geven, of omdat de patiënt voor die tijd aan iets anders overlijdt. Het is echter moeilijk te voorspellen of een langzaam groeiende tumor klachten zal geven in de toekomst. Dit leidt soms tot overbehandeling. Op 1.000 vrouwen die gescreend worden, zouden er 4 een behandeling (bestraling, chemo, borstamutatie) krijgen die achteraf onnodig blijkt; bij hen zou de borstkanker niet tot klachten hebben geleid. Volgens de Nordic Cochrane Group gaat het om 5 gezonde vrouwen over een periode van 10 jaar screening. De Britse Independent Breast Screening Review komt tot het besluit dat voor elke vrouw die haar borstkanker overleeft dankzij de screening, er drie vrouwen ten onrechte worden behandeld (of in absolute cijfers: voor elke 1300 vrouwen die overleven, worden er 4000 ten onrechte behandeld).

5. Er kunnen ook mensen zijn bij wie kanker wordt geconstateerd, maar die ondanks de vroege opsporing al uitzaaiingen hebben. Deze mensen weten dan eerder dat zij kanker hebben zonder dat daardoor de kans op genezing verbetert.

6. De straling bij de mammografie kan kanker veroorzaken Maar de kans dat u bij een mammografie om de twee jaar gedurende 20 jaar kanker zoudt krijgen, is uiterst gering.

Voordelen

1. Wanneer borstkanker in een vroeg stadium wordt ontdekt, is de kans op uitzaaiïngen kleiner, zijn er meer behandelingsmogelijkheden en is de behandeling mogelijk minder ingrijpend

2. Wanneer borstkanker in een vroeg stadium wordt ontdekt is de overlevingskans groter. In Nederland zouden circa 700 vrouwen per jaar minder aan borstkanker overlijden dankzij het bevolkingsonderzoek.

Als duizend Europese vrouwen tussen 50 en 70 jaar elke twee jaar naar de screening gaan (in totaal dus tien keer) wordt bij 71 van hen borstkanker ontdekt. Dankzij het feit dat men er vroeg bij is, worden 7 à 9 levens gered. Dat blijkt uit het Europese Euroscreen-onderzoek. De Britse Independent Breast Screening Review komt tot het besluit dat per 200 gescreende vrouwen 1 leven wordt gered. Volgens de Nordic Cochrane Group moeten 2000 vrouwen gedurende 10 jaar gescreend worden om sterfte van één vrouw door borstkanker te voorkomen.






pub