Netvliesloslating (ablatio retinae)

Laatst bijgewerkt: oktober 2015
In dit artikel
Netvliesloslating (ablatio retinae)

dossier Een netvliesloslating (ablatio retinae) komt jaarlijks ongeveer bij 1 op de 10.000 mensen voor. Het kan op elke leeftijd optreden, maar bij ouderen (+ 50 jaar) is het risico groter. Bijzienden (-8 of hoger) of mensen met netvliesloslating in de familie lopen meer risico.
Een netvliesloslating kan optreden bij een netvlies met degeneratieve plekken (bij myopie of ouderdom) of ten gevolge van een trauma, meestal in combinatie met een degeneratief netvlies (ongeluk, oogoperatie).
Ook na een staaroperatie of een ernstig oogletsel is het risico toegenomen. Wanneer een netvliesloslating niet wordt behandeld kan het leiden tot slecht zien of blindheid.

Wat gebeurt er?

123-anatom-netvlieslosl-oog-300-03.jpg
Het netvlies (retina) ligt als een dunne laag tegen de binnenkant van de oogbol op een ander vlies, het vaatvlies, dat de lichtgevoelige zenuwcellen van het netvlies van steun en voeding voorziet. De zenuwcellen zetten het binnenvallende licht om in elektrische signalen die via de oogzenuw naar de hersenen gestuurd worden.
Het netvlies is een uiterst delicate structuur. Ernstige letsels kunnen niet hersteld worden en leiden tot een definitieve beschadiging van het gezichtsveld.
De oogholte is grotendeels gevuld met glasvocht , een gel-achtige substantie die op enkele plaatsen aan het netvlies vastzit. Dit glasvocht heeft met het ouder worden de neiging om gedeeltelijk te verwateren. Daardoor krimpt het en komt het geheel of gedeeltelijk van het netvlies los en kunnen er ook scheurtjes in het netvlies ontstaan. Het kan zich ook vroeger voordoen na een ernstig oogletsel of een oogontsteking.

Wanneer er eenmaal een scheurtje bestaat, dan kan er vloeistof tussen het netvlies en de diepere lagen van het oog komen. Dit noemt men netvliesloslating. Het deel van het netvlies dat is losgeraakt van de diepere laag kan niet goed meer functioneren.
De scheur en het loskomen van het stukje netvlies merkt men meestal niet onmiddellijk op. De hechtingspunten tussen het glasvocht en het netvlies zitten namelijk meestal buiten het gedeelte van het netvlies waarmee men kijkt. Een scheur op die plaats heeft daardoor meestal geen directe invloed op het gezichtsvermogen.
Een netvliesscheur kan verergeren bij elke oogbeweging door de kleine rukjes van het glasvocht dat nog aan het netvlies vastzit. Bovendien kan er verwaterd glasvocht achter het netvlies dringen. Dit vocht kan door de oogbewegingen het netvlies steeds verder losmaken van de wand van de oogbol. Er ontstaat dan een blaas in het netvlies die steeds groter wordt totdat het netvlies helemaal van de oogwand loskomt.

Wat voelt men?

De plaats van de loslating is bepalend voor de gevolgen:
• plotse daling van de gezichtsscherpte
• 'eilandjes' van gezichtsvelduitval (‘scotomen’)
• vertekeningen door vouwen of plooien in het netvlies
• lichtsensaties, lichtflitsen
• donkere zwevende deeltjes (‘mouches volantes’) veroorzaakt door bloed in het glasvocht)
• een 'gordijn' dat in het oog meebeweegt

zie ook artikel : Glasvochttroebelingen: ‘Floaters’ of zwevers in de ogen

Onderzoek

Aan de buitenkant van het oog is niet te zien of er sprake is van een netvliesloslating. Bij de hierboven genoemde verschijnselen is het raadzaam de huisarts of de oogarts te raadplegen. De arts zal met behulp van druppels de pupil verwijden om zo het netvlies goed te kunnen bekijken. In geval van een glasvochtbloeding kan met echo-apparatuur worden vastgesteld of het netvlies van zijn plaats is of niet. Dit onderzoek is pijnloos en ongevaarlijk.

Behandeling

Laserbehandeling
Als de scheurtjes niet te groot zijn en het netvlies nog niet of nauwelijks is losgelaten, kan de laser worden gebruikt om de aantaste delen van het netvlies te behandelen. Het netvlies rond het scheurtje wordt als het ware gepuntlast. Hierdoor kan worden voorkomen dat de scheurtjes zich uitbreiden of dat er vocht onder het netvlies komt.
De hele behandeling duurt een kwartiertje, waarna men dadelijk naar huis kan. Nadien moet men gedurende enkele weken nog regelmatig op controle bij de oogarts.
De kans dat het netvlies nadien nog loskomt, vermindert sterk, maar een 100% bescherming geeft dit niet. Vaak moet ook het andere oog een gelijkaardige laserbehandeling ondergaan om een netvliesloslating te voorkomen.

Operatie
Indien er vocht onder het netvlies gekomen is, zal de oogarts meestal een operatie aanraden.

Omgordelen
Deze techniek wordt bij eenvoudige netvliesloslatingen toegepast. Eerst wordt de oogbol op de plaats van de scheur aan de buitenkant bevroren. Dit veroorzaakt, net zoals bij de laserbehandeling, littekens waardoor het netvlies terug vastgroeit aan de oogwand. Daarna wordt er een bandje in siliconen-kunststof (cerclage-bandje) rond de oogbol aangebracht. Dit ringetje knijpt de oogbol enigszins samen (waardoor het oog nadien ook iets bijziender wordt). Op de plaats van de scheur wordt vervolgens een speciaal siliconenblokje aangebracht voor extra druk. Hierdoor wordt de oogwand tegen de scheur gedrukt en kan het netvlies terug aan de oogwand vastgroeien.
Om het vocht onder het netvlies weg te drukken, wordt soms ook een lucht- of gasbel in het oog gespoten. Zolang er een grote gasbel in het oog zit, kunt u weinig zien. Na verloop van tijd merkt u dat u over de gasbel heen kunt kijken en de bel langzaam uit het oog verdwijnt. Bij gebruik van gas is het meestal nodig dat u gedurende een aantal dagen na de operatie een bepaalde houding aanneemt. Zolang de gasbel groot is kunt u in ieder geval beter niet plat op uw rug liggen. De gasbel drukt dan namelijk tegen de ooglens aan. Zolang er gas in uw oog aanwezig is, moet u drukverschillen mijden, dat wil zeggen niet vliegen, duiken of bergbeklimmen.
Gemiddeld duurt deze operatie 1 tot 2 uur. Ze kan zowel onder plaatselijke of algemene verdoving. Gewoonlijk blijft men een 2 tot 3 dagen in het ziekenhuis.
De ring en de siliconenblokjes zitten onder het slijmvlies dat de oogbol omgeeft en veroorzaken geen hinder. Men voelt niet dat ze er zitten en deze worden meestal nooit verwijderd.

zie ook artikel : Refractieve oogchirurgie

loslating-totaal.jpg

Volledige loslating netvlies

Glasvocht verwijderen (vitrectomie)
Bij grote scheuren van het netvlies, een bloeding in het glasvocht of andere verwikkelingen wordt het glasvocht bijna volledig verwijderd (vitrectomie).
Bij een vitrectomie wordt eerst het bindvlies rond het oog geopend. Vervolgens worden drie kleine openingen in de harde oogrok vlak naast het hoornvlies gemaakt. Bij de operatie wordt zoveel mogelijk glasvocht en littekenweefsel verwijderd. Het glasvocht wordt meestal vervangen door een speciale vloeistof, soms door gas of olie om het netvlies stevig op zijn plaats te drukken.
Soms is het nodig om enkele dagen na de operatie een bepaalde hoofdhouding aan te houden.
De operatie kan onder algehele of plaatselijke verdoving worden uitgevoerd. Men verblijft gemiddeld drie dagen in het ziekenhuis voor de nazorg.

Resultaten

Ongeveer 95% van alle losgekomen netvliezen kunnen uiteindelijk met succes hersteld worden, zeker indien er snel genoeg ingegrepen kan worden. In 1 op 10 gevallen zijn hiervoor wel 2 of meer ingrepen nodig.
Wanneer het netvlies alleen rond de plaats van de scheur losgekomen is, houdt men vaak een beperkt gezichtsverlies over. In de meeste gevallen ligt dit gezichtsverlies echter aan de zijkant van het gezichtsveld, zodat de hinder beperkt blijft en vaak niet eens opgemerkt wordt.
Bij een netvliesloslating op de gele vlek is de resthinder groter. Men kan bv. lange tijd last hebben van een vervorming van het beeld. De omvang van het gezichtsverlies is echter van vele factoren afhankelijk en kan moeilijk individueel voorspeld worden. Het herstel en dus ook de toename van het gezicht, blijft lange tijd doorlopen. Zelfs jaren na de ingreep neemt het zicht nog zeer traag toe.
Meestal moet u enkele weken na de operatie oogdruppels gebruiken. Hechtingen hoeven als regel niet te worden verwijderd, maar ze kunnen vooral de eerste week irritatie geven. Het oog blijft enkele weken wat gevoelig, rood en gezwollen en in die tijd zult u fel licht waarschijnlijk slecht verdragen. Na één tot enkele weken kunt u al uw bezigheden weer hervatten. Wanneer een cerclage-bandje is aangebracht, wordt na 3 maanden uw brilsterkte aangepast.



verschenen op : 01/09/2014 , bijgewerkt op 29/10/2015


pub