Hoe kunt u zichzelf beschermen tegen baarmoederhalskanker?

Laatst bijgewerkt: november 2019
123-cx-ca-anat-170-01.jpg

nieuws Baarmoederhalskanker is de tweede belangrijkste kanker bij vrouwen in de leeftijdsgroep tussen 15 en 44 jaar. Jaarlijks worden in Vlaanderen ongeveer 350 vrouwen getroffen door deze kanker.

Baarmoederhalskanker kunt u op 2 manieren voorkomen:
• U laten vaccineren tegen het humaan papillomavirus (HPV). Baarmoederhalskanker wordt bijna altijd veroorzaakt door het humaan papillomavirus. Sinds een aantal jaren bestaan er twee vaccins tegen enkele types van het humaan papillomavirus (HPV). Vaccinatie met een van deze vaccins voordat er besmetting met het virus kan optreden, beschermt in grote mate tegen HPV en daardoor ook tegen baarmoederhalskanker. Vaccinatie beschermt niet tegen alle types HPV die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken.

• Door de voorstadia van baarmoederhalskanker te laten opsporen door een uitstrijkje en u bij een positief resultaat tijdig te laten behandelen.
In deze tip gaan we dieper in op de HPV-vaccinatie.

1. Wat is HPV?
Het Humaan Papillomavirus (HPV) is een virus dat wordt overgedragen via seksueel contact. Dit hoeft niet per se vrijen te zijn, het virus kan ook door huid-op-huidcontact worden overgedragen, vooral in de schaamstreek, maar ook via handen en vingers. Condooms verminderen de kans op besmetting maar beschermen u niet volledig tegen een HPV-infectie.
Meer dan 80% van de mensen loopt vroeg of laat een HPV-besmetting op. Die besmetting verloopt meestal onopgemerkt. Het virus komt het meest voor bij jonge mannen en vrouwen. Ook bij lesbische of homoseksuele contacten kunt u besmet worden met HPV.

2. Waarom vaccineren tegen HPV?
Baarmoederhalskanker wordt bijna altijd veroorzaakt door het humaan papillomavirus (HPV). Vaccinatie voordat er besmetting met het virus kan optreden, beschermt in grote mate tegen HPV en daardoor ook tegen baarmoederhalskanker.

• De huidige vaccins (Gardasil en Cervarix) beschermen tegen de twee meest voorkomende types HPV die baarmoederhalskanker veroorzaken. Deze types HPV veroorzaken 7 op de 10 gevallen van baarmoederhalskanker. Het vaccin Gardasil beschermt ook tegen de HPV-types 6 en 11 die genitale wratten (condylomata accuminata) kunnen veroorzaken. Binnenkort komt er een nieuw vaccin op de markt, Gardasil 9, dat tegen negen HPV-types beschermt.
• Vaccinatie beschermt niet tegen alle types HPV die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken. Ongeveer 3 op de 10 gevallen van baarmoederhalskanker worden veroorzaakt door andere types HPV waartegen de vaccinatie niet beschermt. Wie ingeënt is, kan dus nog altijd baarmoederhalskanker krijgen. Daarom blijft vroegtijdige opsporing met een uitstrijkje noodzakelijk.

3. Hoe vroeger hoe beter
Vaccinatie tegen HPV om baarmoederhalskanker te voorkomen heeft vooral zin voor wie nog niet seksueel actief is (en dus nog niet besmet kan zijn) en dus op jonge leeftijd. Een vaccinatie vòòr de eerste seksuele contacten geeft de beste bescherming. Studies tonen aan dat het vaccin het meest effectief is voor meisjes vanaf de leeftijd van 10 jaar.
De Hoge Gezondheidsraad raadt HPV-vaccinatie aan voor volgende vrouwen:

• Meisjes van 10 tot 13 jaar.
• Jonge vrouwen van 14 tot 26 jaar die nog geen seksueel contact gehad hebben.
• Bij jonge vrouwen van 14 tot 26 jaar die reeds seksuele betrekkingen gehad hebben, moet de vrouw in overleg met haar arts bekijken of vaccinatie nog zinvol is.
- Hebt u weinig seksueel contact gehad, dan is het mogelijk dat u geen HPV-infectie hebt opgelopen. In dat geval heeft vaccinatie zeker zin.
- Hebt u vaak seks gehad, dan is de kans groter dat u het virus hebt opgelopen. Vaccinatie heeft dan minder zin. Vaccinatie kan wel nog beschermen tegen de andere types HPV waarvoor het vaccin bedoeld is en waar u nog niet mee besmet bent.

4. Heeft vaccinatie op oudere leeftijd nog zin?
Het vaccin heeft geen genezende werking. Dit wil zeggen dat u er een besmetting met een bepaald HPV-type niet mee kan genezen eens u die hebt. Wel kunt u een besmetting met één van de vele andere types tegengaan.
Uit studies blijkt dat vaccinatie nog altijd kan helpen, ook al hebt u al seksueel contact gehad en bent u al met HPV besmet geraakt. Bij het ouder worden produceert het lichaam namelijk minder antistoffen tegen virussen, dus ook tegen HPV. Een oude, slapende besmetting die al een tijdje in het lichaam sluimert, krijgt door die verminderde afweer de kans om toch nog actief te worden. Dat kan deels verklaren waarom er — na een eerste piek in de jonge populatie — bij vrouwen rond de 40 à 50 jaar een tweede opflakkering van HPV-besmettingen is. Met het vaccin krijgt u een extra dosis antistoffen om het virus te lijf te gaan.
• Sommige vrouwen moeten er rekening mee houden dat hun partner hen niet altijd trouw is. Langs hun partner om kunnen ze zo toch besmet raken met andere types HPV waarmee ze nog niet waren besmet.

• Vrouwen die op latere leeftijd aan een nieuwe relatie beginnen, lopen het risico om nog met een type HPV besmet te worden waarmee ze nog niet waren besmet. Ook dan hebben ze baat bij een vaccinatie.

5. Wanneer is het vaccin gratis of wordt het terugbetaald?
• Het vaccin tegen HPV (Cervarix) is gratis voor alle meisjes in het eerste jaar secundair onderwijs in Vlaanderen en aan meisjes van dezelfde leeftijd in het buitengewoon onderwijs.
• Voor oudere meisjes (van 12 tot 18 jaar) is het vaccin niet
gratis, maar wordt zowel Gardasil als Cervarix gedeeltelijk terugbetaald door de ziekteverzekering zodat het vaccin 11,80 euro per dosis (7,80 Euro bij verhoogde terugbetaling) kost. Deze vaccins moeten dan zelf aangekocht worden in de apotheek, op voorschrift van een arts. Vaccinatie gebeurt dan door de eigen arts, en niet door het CLB.
• Bent u ouder dan 18 jaar? Dan wordt het vaccin niet meer terugbetaald, behalve als u een eerste vaccin kreeg vóór uw 19de verjaardag. Dan worden ook de volgende dosissen terugbetaald.

6. Hoe gebeurt de vaccinatie tegen HPV?
Het vaccin wordt toegediend via een prik in de bovenarm.
Voor een volledige vaccinatie zijn twee of drie dosissen nodig, naargelang de leeftijd.
• voor Cervarix (van 9 tot 15 jaar): 2 dosissen (de tweede dosis minstens 5 maanden na de eerste dosis)
• voor Cervarix® (vanaf 15 jaar): 3 dosissen (de tweede dosis 1 maand na de eerste, de derde dosis 6 maanden later).
• voor Gardasil (van 9 tot 14 jaar): 2 dosissen (de tweede dosis 6 maanden na de eerste)
• voor Gardasil (vanaf 14 jaar): 3 dosissen (de tweede dosis na 2 en de derde dosis na 6 maanden).

7. Heeft het HPV-vaccin bijwerkingen?
Ieder medicijn, dus ook vaccins, veroorzaken soms bijwerkingen.
• Mogelijke bijwerkingen die regelmatig worden veroorzaakt door de HPV-vaccinatie, zijn een pijnlijke arm en een rode vlek rond de prikplek. Sommige meisjes krijgen buikpijn, misselijkheid, moeheid, hoofdpijn of koorts. De meeste klachten zijn mild en gaan vanzelf weg. Er zijn nooit ernstige, blijvende klachten gemeld die zijn veroorzaakt door het vaccin.

• Het Nederlandse bijwerkingencentrum Lareb heeft een onderzoek gedaan naar bijwerkingen die gemeld werden sinds de invoering in 2009 van de HPV-vaccinatie in Nederland. In totaal werden 1142 meldingen gedaan , met 3833 mogelijke bijwerkingen, ontvangen na vaccinatie met Cervarix®. De meest gemelde bijwerkingen zijn: hoofdpijn (409), pijn (410), koorts (366), misselijkheid (281), duizeligheid (238) en vermoeidheid (167).
Ook onderzocht Lareb 31 meldingen van langdurige vermoeidheid. Het betrof meldingen met naast vermoeidheid zeer diverse klachten met in veel gevallen indrukwekkende en ingrijpende gevolgen voor het dagelijks leven. Op basis van de analyse kon niet worden geconcludeerd dat er een mogelijke relatie was met de HPV-vaccinatie, maar deze kon ook niet worden uitgesloten.

• Zowel het Lareb als het Europees geneesmiddelenbureau (EMA) onderzoeken momenteel klachten over twee zeldzame mogelijke bijwerkingen:
- het ‘complex regional pain syndrome’ (CRPS), een chronische pijn aandoening in armen en benen
- het ‘postural orthostatic tachycardia syndrome’ (POTS), een aandoening waarbij de hartslag abnormaal versnelt na opstaan uit een zittende houding en waarbij symptomen als duizeligheid en flauwvallen, hoofdpijn en pijn op de borst kunnen optreden.
Tot nu toe werd geen oorzakelijk verband vastgesteld tussen deze meldingen en de HPV-vaccinatie. Beide aandoeningen kunnen ook optreden bij niet-gevaccineerde personen en het is belangrijk te kijken of het aantal meldingen hoger is dan verwacht kan worden.

8. Wanneer kan u zich beter niet laten inenten?
U kunt de inenting beter uitstellen als:
- u koorts hebt (38,5 graden Celcius of meer);
- u te ziek bent om naar buiten te gaan;
- u zwanger bent;
- u door ziekte of medicijnen een ernstige stoornis in uw afweersysteem hebt.

Meer lezen
www.allesoverkanker.be
www.kanker.be/baarmoederhalskanker
www.bevolkingsonderzoek.be/baarmoederhalskanker
www.zorg-en-gezondheid.be/HPV/
http://rijksvaccinatieprogramma.nl/Veelgestelde_vragen/HPV_vaccinatie
www.lareb.nl/Nieuws/2015/Gemelde-bijwerkingen-na-HPV-vaccinatie-%28Cervarix%C2%AE%29




Wil je onze artikels graag ontvangen in je mailbox?

Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief.

eenvoudig terug uit te schrijven
Wij verwerken jouw persoonsgegevens conform het Privacy-beleid van Gezondheid NV / Mediahuis.
volgopfacebook

volgopinstagram