Pijn kan gemeten worden

Laatst bijgewerkt: september 2014
CPM-pijnmeting-170-08.jpg

nieuws Het multidisciplinair pijncentrum van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA) gebruikt sinds kort kort als eerste ziekenhuis ter wereld twee nieuwe toestellen om pijn op een objectieve manier te meten. Tot nog toe kon een patiënt enkel op een schaal van 0 tot 10 weergeven hoeveel pijn hij voelde.

Voor acute pijn is er de Medasense. Via een sensor aan de vinger van de patiënt, meet het toestel de intensiteit van acute pijn. Er worden daarbij zeven parameters van het autonoom zenuwstelsel gemeten, zoals de doorbloeding en de weerstand van de huid. Die parameters hangen nauw samen met het sensorisch zenuwstelsel, waarin gevoel – en dus ook pijn – geregistreerd wordt. Dat levert samen een cijfer op (de zogenaamde pijn-index) dat iets zegt over de pijnintensiteit die de patiënt gewaar wordt. De Medasense meet bijvoorbeeld of de pijn effectief vermindert als men bepaalde pijnstillers toevoegt tijdens een pijnbehandeling of als men een neurostimulator ter behandeling van acute pijn aanzet.

Ook tijdens operaties waarbij de patiënt onder narcose is, meet het toestel of de patiënt al dan niet nog pijn voelt. Vooral bij patiënten die veel ademhalingsproblemen kunnen ondervinden van een narcose, zoals obese patiënten of patiënten met aandoeningen van het longvlies, bewijst het meettoestel zijn nut.
Ook voor gesedeerde patiënten op intensieve zorgen die niet aan kunnen geven of ze pijn hebben, biedt het toestel zijn nut. Op regelmatige basis kan nu gemeten worden of de patiënt al dan niet pijn voelt, waardoor de pijnmedicatie juist kan afgesteld worden.

Voor chronische pijnpatiënten is er de CPM of Conditioned Pain Modulator. Dat toestel meet chronische pijn die veroorzaakt wordt door een verstoring van het controlesysteem dat signalen van de hersenen naar het ruggenmerg stuurt. Het toestel meet eerst de drempelwaarden voor detectie van warmte, pijnlijke hitte, koude en extreme koude bij de patiënt. Daarna wordt een continue koude- of warmtestimulus net boven deze detectiedrempels aan de patiënt toegediend. Patiënten met een verstoorde werking van dit controlesysteem, zullen bijvoorbeeld bij maar één graad minder dan de gewone koudedrempel al aangeven dat ze extreme koude voelen. Het toestel detecteert met andere woorden of de chronische pijn al dan niet veroorzaakt of verergerd wordt door een defect in het controlesysteem van het centrale zenuwstelsel. Als de artsen dit weten, kunnen ze de pijn veel gerichter proberen te behandelen met aangepaste pijnmedicatie.






pub