Verhoogd risico op bloedingen met nieuwe bloedverdunners NOAC’s

Laatst bijgewerkt: juni 2015
bloed-vloeib-anticoag-170_400_08.jpg

nieuws Nieuwe bloedverdunners, ook wel nieuwe orale anticoagulantia (NOAC) genoemd, hebben een beduidend hoger risico op maag- en darmbloedingen dan de klassieke behandeling met vitamine K-antagonisten. Dit geldt vooral bij mensen die worden behandeld voor diep veneuze trombose, een trombo-embolie of voor acuut coronair syndroom.

Dat blijkt uit onderzoek van het Erasmus MC in Rotterdam. De studie analyseerde de gegevens van 150.000 patiënten uit 43 internationale studies. Uit de analyse blijkt dat het risico op maag- en darmbloedingen in het algemeen met 45% toeneemt ten opzichte van de standaardbehandeling.

Bloedverdunners zorgen ervoor dat bloed dun genoeg blijft, zodat er geen stolsels (trombose) ontstaan in de circulatie. Ze worden bijvoorbeeld toegediend aan mensen met boezemfibrilleren (hartritmestoornis) en mensen die langdurig bedlegerig zijn, waardoor zij een verhoogd risico hebben op trombose. De bloed verdunnende werking van deze middelen heeft ook een keerzijde. Het risico op (na)bloeden bij een ingreep, bijvoorbeeld een kies trekken of een operatie, is groter. Ook is het risico op het ontstaan van spontane bloedingen, zoals een bloedneus of maag-darm bloeding, hoger. Patiënten moeten daarom hun bloed regelmatig laten controleren om te vermijden dat hun bloed te dun zou worden.

Nieuwe bloedverdunners (NOAC’s) zijn veel gemakkelijker in het gebruik. Patiënten slikken dagelijks een vaste dosering en hoeven hun bloed niet geregeld te laten controleren. De effectiviteit is bovendien gelijk aan de oude therapie. Het nadeel van deze middelen is dat er nog geen goed getest antidotum beschikbaar is om de werking van het middel snel te stoppen, bijvoorbeeld in het geval van een ernstige bloeding.

De risicotoename hangt echter sterk af van de reden waarvoor de NOAC’s worden ingezet. Bij mensen met atriumfibrilleren nam de kans op gastrointestinale bloedingen toe met 21%. Werden NOAC’s ingezet na orthopedische chirurgie dan nam het risico op gastrointestinale bloedingen af, met 22% ten opzichte van de gangbare therapie. Bij veneuze trombose is het risico verhoogd met 59%, bij acuut coronair syndroom geven NOAC’s zelfs ruim vijf maal zo veel kans (OR van 5,21) op een gastrointestinale bloeding dan de standaardtherapie met vitamine K-antagonisten.
Ook maakt het uit welk middel wordt ingezet. De risicotoename bij apixaban was 23%, bij dabigatran 58%, bij rivaroxaban 48%. Edoxaban lijkt een gunstige uitzondering.



verschenen op : 11/08/2013 , bijgewerkt op 10/06/2015


pub