Nachtelijke autoreizen: slapen en rijden gaan niet samen

Laatst bijgewerkt: november 2015
In dit artikel
Nachtelijke autoreizen: slapen en rijden gaan niet samen

dossier Een kwart van de verkeersongevallen zou te wijten zijn aan slaperigheid achter het stuur en bijna vier op tien ongevallen aan verminderde aandacht. Rijden met een slaaptekort is dus zeer gevaarlijk.
Er wordt aangenomen dat een derde van de Belgen met slaapproblemen te kampen heeft. Dat kan te maken hebben met een tekort aan slaap. Of met een verstoring van de biologische klok.

verkeer-ongeval-170_400_05.jpg
Veel verkeersongevallen waarbij slaperigheid een rol speelt, gebeuren tussen 14 en 16u, de periode waarin onze waakzaamheid verzwakt. Ook de periode tussen 2 uur 's nachts en 6u 's ochtends betekent een hoger risico voor bestuurders. Een andere mogelijke oorzaak is het slaapapneu-syndroom. Dit is een stoornis waarbij het zachte gehemelte van de slaper zich tijdens de slaap zodanig ontspant, dat normaal ademen een probleem wordt. Dit leidt tot een verstoring van het slaappatroon en een tekort aan diepe slaap. Ook korte, snelle samentrekkingen van voet- been- of armspieren tijdens de nacht verstoren de normale slaap en kunnen tot vermoeidheid overdag leiden. Bepaalde geneesmiddelen en alcohol kunnen de slaap negatief beïnvloeden

zie ook artikel : Slaapapneu-test

Slaperigheidssignalen

Indien je tijdens het rijden een van de volgende symptomen opmerkt, beschouw dat als een duidelijke waarschuwing en stop met rijden om een dutje te doen.
• zware oogleden
• droge mond
• moeite om de ogen open te houden
• knikkebollen
• voortdurend geeuwen
• onsamenhangende gedachten
• concentratiestoornissen
• problemen om je blik te richten
• je herinnert je niet wat er de laatste kilometers gebeurd is of wat je gezien hebt
• je bent een keer van links naar rechts gegaan op de baan
• je hebt een verkeersbord niet gezien of de verkeerslichten genegeerd
• je hebt de neiging naar een aankomende tegenligger toe te rijden

zie ook artikel : Slaperigheidstest

Reizen

auto-valiezen.jpg
Veel mensen die op vakantie vertrekken, rijden 's nachts of vertrekken heel vroeg in de ochtend. Enkele tips om problemen te vermijden.
• gun jezelf genoeg slaap de nacht voor je vertrek.
• Rijd niet op ogenblikken dat je lichaam een dieptepunt kent, meestal tussen 2 en 4 in de namiddag en tussen 2 en 6 's nachts.
• Vermijd om alleen te rijden. Vraag een passagier om je te verwittigen indien je tekenen van vermoeidheid vertoont. Stof of laat een ander rijden bij de eerste tekenen van slaperigheid.
• Vermijd dat de passagier vooraan slaapt.
• Plan je reis zo dat je weet waar je kan stoppen. Stop zeker om de 2 uur of om de 200 km. Stop eerder indien je je moe voelt.

Tips bij reizen in de hitte

• Zorg voor een maximale circulatie van frisse lucht in de auto. Hitte in de wagen heeft een negatieve invloed op de rijvaardigheid van de chauffeur.

• Wie over airco beschikt, zet de binnentemperatuur een vijftal graden lager dan de buitentemperatuur. Dan word je niet verkouden.

• De airco belast de motor zwaar als je lang in de file staat. Hij kan oververhitten. Hou de koelwatertemperatuurmeter of het verklikkerlichtje in de gaten. Als er oververhitting dreigt, zet dan de verwarming aan om de warmte af te voeren. Tank ook tijdig, de airco doet de auto meer verbruiken.

• Drink veel, maar alleen water.

• Leg een handdoek of zonwerend scherm op het dashboard als je moet aanschuiven in de file. Het dashboard absorbeert snel de warmte.

• 's Nachts is er minder verkeer en is het minder warm, maar tussen drie en vier uur 's ochtends wordt het gevaarlijk voor de chauffeur. Die krijgt dan een dipje en rijdt minder waakzaam.

• Loop je tijdverlies op, tracht dat dan niet te recupereren door minder vaak te stoppen. Rustpauzes zijn absoluut nodig, liefst om de twee uur.


bron: Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid, standaard
verschenen op : 17/03/2003 , bijgewerkt op 01/11/2015


pub