Eén op drie negeert eerste tekenen urineverlies

Laatst bijgewerkt: juli 2017
123-vr-toilet-urine-incontinentie-07-17.jpg

nieuws

Over ongewild urineverlies bestaan nog veel misverstanden en attitudeproblemen. Zo denken veel mensen foutief dat urine-incontinentie hoort bij verouderen of normaal is na een bevalling. Dat blijkt een studie van de Liberale Mutualiteit Oost-Vlaanderen, waaraan het UZ Gent meewerkte. 

In België heeft meer dan 10 procent van de thuiswonende bevolking ouder dan 30 jaar last van urine-incontinentie. 
Bij 2.085 deelnemers aan de enquête – met en zonder incontinentie – werd gepeild naar de kennis en attitudes over urineverlies. 
• 36 procent denkt dat de eerste tekenen van ongewild urineverlies kunnen worden genegeerd. 
• Liefst 79 procent vindt het moeilijk en gênant om over urine-incontinentie te praten. Zelfs aan de huisarts durven we dit soort problemen niet te melden.

Niet normaal bij verouderen...

Een op twee denkt foutief dat urine-incontinentie normaal is bij verouderen. Urine-incontinentie hoort niet bij het normale verouderingsproces. De urinewegen verouderen uiteraard. Ook ziektes kunnen een rol spelen. Die factoren kunnen het moeilijker maken om droog te blijven. Het gebrek aan kennis bij patiënten en verzorgers kan ervoor zorgen dat de stap naar passende hulp niet gezet wordt.

... en na bevalling

Een andere misvatting is dat urine-incontinentie ook gangbaar zou zijn na een bevalling. Vier op de tien respondenten van de bevraging geloven dat. Maar dat idee klopt helemaal niet. Tijdens de zwangerschap en de bevalling zijn er veranderingen ter hoogte van de bekkenbodem. En bij beschadiging van die structuren kan incontinentie ontstaan. Toch is het niet normaal. Ter preventie en als eerstelijnsbehandeling wordt daarom bekkenbodemkine sterk aangeraden bij pas bevallen vrouwen.

Misleidende reclame?

Reclame voor incontinentiemateriaal wekt de indruk dat urineverlies bij het leven hoort. Ook daardoor zoeken mensen met ongewild urineverlies geen hulp en blijven ze lapmiddeltjes gebruiken zoals opvangmateriaal. 

Uit het onderzoek blijkt bovendien dat een belangrijk deel van de respondenten (43 %) niet weet dat er medicatie bestaat voor bepaalde vormen van urine-incontinentie. 

Impact op levensstijl en seksuele betrekkingen

Het is wel bekend dat urine-incontinentie een negatieve impact heeft op activiteiten van het dagelijkse leven (86 %), seksuele activiteiten (62 %), het sociale leven (86 %), de levenskwaliteit (75 %) en dat urineverlies  psychische problemen kan veroorzaken (83 %). 
Ook de impact op partners of mantelzorgers mag niet onderschat worden. Zo zijn er mantelzorgers die ’s nachts verschillende keren opstaan om hun partner naar het toilet te helpen of wisselen ze luiers bij iemand die eigenlijk hun seksuele partner is.

Gesubsidieerde incontinentie

Het kostenplaatje van ongewild urineverlies is bekend bij slechts de helft van de respondenten. In België is er geen terugbetaling van opvangmateriaal, wel een tegemoetkoming voor bepaalde categorieën van zorgbehoevende personen en bij personen met onbehandelbare incontinentie. De grootste kosten zijn dus voor de patiënt. Bij ernstige incontinentie kunnen de kosten voor alleen nog maar het opvangmateriaal tot 160 euro per maand oplopen. Thuiszorg en woonzorgcentra worden gefinancierd op basis van zorgafhankelijkheid. Als deze zorgverleners iemand weer droog krijgen of droog kunnen houden, resulteert dat in minder subsidiëring. Zo wordt incontinentie als het ware gesubsidieerd.

Niet aarzelen

Het onderzoek wijst duidelijk op vele misverstanden rond ongewenst urineverlies die te vaak voor onnodig leed zorgen. Educatie over gezonde plasgewoontes en incontinentie is beperkt, waardoor we niet goed weten wat normaal plasgedrag is. Daardoor kunnen plasproblemen ontstaan en wordt incontinentie niet aangepakt. 

Tijdig het probleem aanpakken, is belangrijk. Net als een goede omkadering in de zorg. Blaasproblemen zijn complex en vereisen een professionele en multidisciplinaire aanpak. Een duidelijk zorgpad ontbreekt nog. Zorgverleners zijn ook niet altijd voldoende opgeleid in de materie. Bovendien is er nood aan meer openheid. Aarzel dus niet om over ongewenst urineverlies te spreken met de huisarts.

Roadshow

Minder taboe, meer openheid. Minder ophouden, meer praten. Daarom start LM Oost-Vlaanderen na dit onderzoek een bewustwordingscampagne: met een roadshow brengen we dit najaar de juiste informatie, tips, plaskalenders en getuigenissen naar de mensen. Ook chatsessies met de dienst Urologie van het UZ Gent staan op het programma. 

Bron:
http://www.uzgent.be/nl/home/nieuws/Paginas/Pak-urineverlies-tijdig-aan.aspx
http://lm.be/Oost-Vlaanderen/Nieuws/Pages/1-op-3-negeert-eerste-tekenen-urineverlies.aspx



verschenen op : 04/07/2017


pub