17 veelgestelde vragen over borstvoeding

Laatst bijgewerkt: October 2017
123-baby-pasgeb-bv-borstv-10-17.jpg

tips

1. Wanneer moet u uw kindje voor de eerste keer aanleggen?
Leg uw kindje de eerste maal aan zo snel mogelijk na de bevalling, en zeker binnen één uur na de geboorte. 
De eerste dag na de bevalling zal uw baby veel willen rusten. Leg uw kindje dan aan telkens hij/zij even wakker is, maar zeker elke 5 uur. 
Vanaf de tweede dag legt u de baby aan zo vaak en zolang het er om vraagt. Ook 's nachts. Het is normaal dat uw kindje de eerste paar dagen minstens 8 à 10 voedingen per dag krijgt.

Borstvoeding geven moet u leren. De eerste dagen zijn oefendagen. Vraag raad aan de vroedvrouwen of de verpleging. Zij staan u bij met praktische hulp, tips, informatie over techniek ... Het is belangrijk dat u meteen leert uw baby op de juiste manier aan te leggen. Dat voorkomt mogelijke problemen zoals tepelkloven en pijnlijke tepels. Leer de verschillende voedingshoudingen zodat u kunt afwisselen, bv. voor borstvoeding ‘s nachts of wanneer er een melkklier verstopt is.

2. Wat als uw baby niet bij u is?
Indien uw baby niet bij u op de kamer mag blijven en u graag borstvoeding wilt geven, hebt u wat extra ondersteuning nodig.

Is uw baby groot genoeg en voldoende sterk om aan de borst te zuigen, ga dan vaak naar hem/haar toe en leg zoveel als mogelijk aan. Maak afspraken met de verpleegkundigen die uw baby verzorgen, zodat ook zij weten dat u borstvoeding zal geven. Zij zullen u informeren over de mogelijkheden van uw kindje.

Indien u om de één of andere reden de baby niet kan of mag aanleggen en u toch borstvoeding wilt geven, zal u tijdelijk moeten kiezen voor afkolven. Zo brengt u de borstvoeding op gang en kan uw baby misschien toch uw melk krijgen. De vroedvrouwen zullen u hierbij begeleiden en advies geven.
Met een beetje geduld en inzet kan uw baby later overschakelen op de borst.

3. Hoe vaak en hoe lang moet u borstvoeding geven?
Het best is om de baby volgens zijn ritme en zonder beperkingen aan de borst te laten drinken. Borstvoeding werkt volgens vraag en aanbod: 
hoe meer uw baby drinkt, hoe meer melk er aangemaakt wordt. Omdat moedermelk licht verteerbaar is, zal uw baby snel weer honger hebben en in het begin dag en nacht om voeding vragen. Leer de eerste hongersignalen te herkennen (huilen is vaak een laattijdig teken van honger) 

• Het is normaal en ook nodig dat baby’s de eerste twee weken minstens acht tot twaalf keer borstvoeding vragen in 24 uur. Dat lijkt vermoeiend, maar het is nodig om een goede melkproductie op te bouwen. De baby moet veel drinken om goed te kunnen groeien. De borstvoeding komt zo snel op gang en de baby komt op gewicht. 

• Na enkele weken valt het drinkritme van sommige baby’s terug op zes tot zeven voedingen, andere blijven maanden lang veel voedingen vragen. Het schema kan ook wisselend zijn. Zolang uw baby goed groeit en levendig blijft, hoeft u zich geen zorgen te maken. Anderzijds moet u een slaperige baby, die geen interesse vertoont in eten, aanmoedigen om te eten en regelmatig wakker maken zodat hij minstens acht tot twaalf keer per dag eet en regelmatig plas- en stoelgangluiers heeft.

• Geen tijdsbeperking bij het voeden: aan eerste borst laten drinken zolang baby wil (normaal 15 à 20 minuten), daarna tweedede borst aanbieden (10-15 minuten); sommige baby’s drinken maar aan één borst per voeding; de eerste weken wordt aangeraden om beide borsten aan te bieden voor een goede stimulatie van de melkproductie. 

4. Hoe weet u of uw baby genoeg heeft?
Uw kindje mag zo lang en zo vaak drinken als het zelf wil. Het bepaalt zijn eigen voedingsschema. Sommige baby's zijn wat luier en moet men wat meer stimuleren. Andere baby's zijn actiever en willen erg veel drinken.
Indien u de eerste dagen zo'n 8 tot 10 voedingen per dag geeft en uw kindje goed drinkt, heeft het waarschijnlijk genoeg.

Een baby is verzadigd als:
• Hij gemiddeld 6 tot 8 x per dag (de eerste weken 8 tot 12 x) drinkt.
• Hij ritmisch zuigt en luid slikt tijdens de voeding.
• Hij minstens 6 plasluiers per dag heeft en zijn urine kleurloos tot lichtgeel is.
• Hij in de eerste weken regelmatig stoelgangluiers heeft.
• Hij er levendig, tevreden en gelukkig uit ziet.
•  Hij regelmatig bijkomt in gewicht (de eerste dagen mag uw baby wél afvallen)

5. Mag uw baby een fopspeen krijgen?
Het geven van een fopspeen tijdens de eerste week is niet aangewezen, enerzijds om hem/haar niet te verwarren, anderzijds omdat uw kindje te vlug getroost wordt en door het zuigen aan de speen een volgende voeding zal uitstellen.
Aangeraden wordt om in de eerste levensweken of in ieder geval totdat de borstvoeding goed verloopt, terughoudend om te gaan met het aanbieden van een fopspeen. Als u een fopspeen wil gebruiken, geef die dan alleen tijdens slaapjes en in bed.

6. Hoe lang moet u borstvoeding geven?
Exclusieve borstvoeding is gedurende de eerste 4 à 6 levensmaanden de aanbevolen voeding voor alle zuigelingen. Exclusieve borstvoeding betekent moedermelk zonder consumptie van water, fruitsap, kunstvoeding, vaste voeding, en supplementen. Bijvoeding met (suiker)water of kunstvoeding wordt afgeraden, ook tijdens de eerste levensdagen. Als de baby dorst heeft kan een extra borstvoeding aangeboden worden. 

• Borstvoeding kan gegeven worden zolang het kind goed ontwikkelt. Vanaf de leeftijd van 4 à 6 maanden kan borstvoeding verder gegeven worden in combinatie met vaste voeding, onder andere om het ijzeraanbod voldoende hoog te houden en om de mondmotoriek te ontwikkelen.

• Als borstvoeding toch gecombineerd wordt met kunstvoeding is dit geen reden om de borstvoeding volledig te stoppen. Gedeeltelijke borstvoeding is ook waardevol. Zelfs voor een korte periode heeft borstvoeding een positieve invloed op jouw gezondheid en die van uw baby. U kunt nog steeds ’s ochtends, ’s avonds en tijdens het weekend borstvoeding geven als u terug gaat werken.

• In afwezigheid van volledige borstvoeding is kunstvoeding op basis van koemelk het enige alternatief, en dit minimaal tot de leeftijd van 12 maanden. Koemelk mag pas vanaf de leeftijd van 3 jaar worden gegeven. 

7. Is het zinvol om langer dan 6 maanden borstvoeding te geven?
Elke week of maand dat u (langer) borstvoeding geeft, heeft extra gezondheidsvoordelen voor de baby en de moeder op korte en lange termijn. Een aantal voordelen van borstvoeding stijgen ook met de duur van de borstvoeding.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en UNICEF adviseren om na zes maanden exclusieve borstvoeding vanaf dan – naast bijvoeding – nog door te gaan met borstvoeding tot de leeftijd van 2 jaar of langer zolang moeder en kind het wensen.
Na 6 maanden heeft de baby naast moedermelk wel vaste voeding nodig om de ijzervoorraad op peil te houden.

8. Hoe bewaart u afgekolfde melk?
Hygiënisch vers afgekolfde moedermelk bewaart u in afgedekte, gesteriliseerde flesjes of potjes of in steriele moedermelkbewaarzakjes: 
• 4 uur op kamertemperatuur tot 25°C 
• of? 72 uur achteraan in de koelkast (1 – 4°C) 
• of? 2 weken in het vriesvak van de koelkast 
• of  3 - 6 maanden in de diepvriezer (-18°C of lager).?

Ontdooien van bevroren moedermelk: 
• traag ontdooien: achteraan in de koelkast, maximaal 24 uur bewaren, niet opnieuw invriezen.?
• Snel ontdooien: onder stromend water (van koud naar warmer). De moedermelk kunt onmiddellijk gebruiken om de baby te voeden. Ze is niet geschikt om te bewaren.

9. Moet u soms bijvoeden?
Tenzij in uitzonderlijke gevallen én op advies van de kinderarts moet een 'borstkindje' de eerste week nooit bijvoeding of extra water krijgen. Zeker in de opstart van de borstvoeding moet een baby vooral aan de borst drinken om de melkproductie op het peil van zijn behoeften te krijgen. Indien u tussenin gaat bijvoeden, bestaat de kans dat de baby bij de volgende voeding minder lang of minder krachtig zal zuigen, wat de melkproductie negatief beïnvloedt.
Een baby kan ook dorst hebben, vooral op warme zomerdagen. Het volstaat meestal om als moeder voldoende te drinken en de baby extra aan te leggen. Extra drank vermindert de eetlust waardoor hij geen melkvoeding zal drinken. 

10. Hoe kunt u stuwing voorkomen?
Als de baby twee tot vier dagen oud is, nemen de vocht- en bloedtoevoer naar de borsten toe en de melkproductie komt verder op gang. Hierdoor raken de borsten vol. Het is belangrijk hierbij onderscheid te maken tussen ‘volle borsten’ en pathologische stuwing. Bij pathologische stuwing staan de borsten strak en gespannen, is er sprake van oedeem in de tepelhof en/of de hele borst en ervaart de moeder pijn. Doordat de tepelhof gespannen is, kan de baby niet goed aanhappen. Hierdoor kan de moeder pijnlijke tepels krijgen en krijgt de baby onvoldoende melk binnen. 

Stuwing kan worden voorkomen door de borsten goed leeg te laten drinken en dus vroeg, frequent en lang genoeg aan te leggen. Als toch pathologische stuwing optreedt, kan warmte op de borst, in combinatie met voorzichtige massage en kolven met de hand of met een kolfapparaat kunnen behulpzaam zijn. 
Bij ernstige stuwing is het belangrijk dat de moeder eerst haar borsten kolft totdat ze zachter aanvoelen. Daarna kan de baby weer goed worden aangelegd. Eventueel kan pijnmedicatie nodig zijn (paracetamol of ibuprofen in normale dosering).

11. Hoe vermijdt u tepelkloven?
Tepels kan u tijdens de zwangerschap nauwelijks voorbereiden op het zware werk na de bevalling. Daarom zijn gevoelige tot licht pijnlijke tepels in het begin van de borstvoeding normaal. De ene moeder heeft er meer last van dan de andere.
Tepelkloven vermijdt u vooral door een juiste aanlegtechniek. Wanneer de tepel na het eerste zuigen van de baby pijn blijft doen, haalt u het kindje best van de borst en begint u opnieuw.

Om kloven te voorkomen kan u naast een goede aanlegtechniek nog een paar dingen doen:
• Zorg dat uw kindje nooit aan de tepel trekt maar houdt hem/haar dicht genoeg zodat het goed bij de borst kan.
• Zorg dat de baby niet alleen tepel maar zoveel tepelhof binnenkrijgt als mogelijk is.
• Wrijf na elke voeding, maar ook tussen de voedingen door, de tepel in met een dikke druppel moedermelk en laat goed opdrogen. Het is de beste en goedkoopste zalf die er is.
• Indien uw borsten erg hard en gestuwd zijn, vraagt u een kwartier voor de voeding een warmwaterkruik en masseert u het tepelhof zachtjes tot er een beetje melk uitkomt en de baby de tepel makkelijker kan grijpen.
Indien u ondanks alle moeite toch tepelkloven hebt, vraagt u advies aan de vroedvrouw/verpleegkundige.

12. Moet u extra eten of drinken?
Neen, als u evenwichtig en gevarieerd eet en iets meer drinkt, kunt u geen voedseltekorten krijgen als moeder. 

•  Zorg voor een evenwichtige en gevarieerde voeding
• Borstvoeding verbruikt ongeveer 700 cal/dag, eet dus iets meer.
• In theorie zijn extra vitamines niet nodig voor de moeder, maar voedingssupplementen die speciaal aangepast aan de zwangerschap en borstvoeding zijn aangeraden omdat borstvoedende vrouwen een grotere nood hebben aan specifieke micronutriënten (bijvoorbeeld extra jodium) die ook doorgegeven worden via de melk. Raadpleeg hiervoor uw arts of gynaecoloog.
• Wees matig met eten en drinken dat caffeïne bevat, zoals cola, koffie, chocolade.  Cafeïne kan de baby onrustig en prikkelbaar maken, en slapeloosheid veroorzaken. 

13. Mag u alcohol drinken? 
Alcohol komt via de moedermelk bij uw baby terecht. Dit is niet goed voor baby’s ontwikkeling. Alcohol vermindert verder de melkproductie en zorgt voor een minder goede toeschietreflex. Ook de smaak en geur van moedermelk veranderen onder invloed van alcohol. 

• Drink geen alcohol of beperk dit tot een kleine hoeveelheid bij een speciale gelegenheid. Drink het dan vlak na de voedingsbeurt en wacht 2 à 3 uur vooraleer het kind terug te voeden. 
• In tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt, zorgt alcohol niet voor een verhoogde melkproductie. 

14. Mag u geneesmiddelen nemen als u borstvoeding geeft? 
Indien u geneesmiddelen moet nemen, moet altijd nagegaan worden of er geen nadelige effecten zijn voor moeder en kind. Best is alle medicatie te vermijden die niet absoluut noodzakelijk is. 

• Neem nooit een geneesmiddel op eigen houtje, maar bespreek dit altijd vooraf met uw vroedvrouw of uw arts. Stop ook nooit op eigen houtje met geneesmiddelen die uw arts heeft voorgeschreven. 
• Bijna altijd kan uw arts een geneesmiddel kiezen dat geen nadelige effecten op uw baby of uw melkproductie heeft. Ook langdurig gebruik van medicatie voor hoge bloeddruk, depressie, epilepsie enzovoort kan compatibel zijn met borstvoeding.
• In sommige gevallen kan tijdelijk afgekolfd worden. 

15. Mag u de anticonceptiepil gebruiken als u borstvoeding geeft?
Zolang u uitsluitend borstvoeding geeft, wordt de hervatting van uw menstruatiecyclus nog wat uitgesteld en kunt u gerust zijn… in theorie. De menstruatiecyclus kan immers opnieuw op gang komen terwijl u nog borstvoeding geeft en nog voor de eerste maandstonden kan al een eisprong plaatsgevonden hebben. Een voorbehoedsmiddel is dus wenselijk als u niet meteen opnieuw zwanger wilt worden. Praat erover met uw arts of vroedvrouw.

• Anticonceptiepillen die oestrogenen bevatten worden de eerste 6 tot 8 weken na de bevalling afgeraden, omdat zij een nadelig effect op de borstvoeding (samenstelling en hoeveelheid) kunnen hebben. Er zijn geen nadelige effecten op de zuigeling gezien. Na 8 weken kunt u het gebruik van een pil met estradiol of een sub-50-pil met ethinylestradiol overwegen. 
• Progestagenen in de anticonceptiepil, in een spiraal of per injectie beïnvloeden de borstvoeding niet. Het komt niet of nauwelijks in de moedermelk en ook hiervan zijn geen nadelige effecten op de zuigeling bekend. U kunt een pil met een progestageen in de dosering zoals die toegepast wordt in de anticonceptiepil, gebruiken tijdens de borstvoeding. 

zie ook artikel : Welke anticonceptie kunt u gebruiken na een zwangerschap?

16. Mag u borstvoeding geven als u rookt? 
Veel rokende moeders zijn geneigd om flesvoeding te geven. Maar moedermelk, zelfs van een rokende moeder, bevat zoveel beschermende stoffen dat ze nog altijd verkozen wordt boven flesvoeding. 
Wanneer het onmogelijk lijkt te stoppen met roken of uw rookstop verder te zetten na de geboorte van uw kind, dan kunt u er op letten dat u pas rookt na het geven van de borst, en zo lang mogelijk voor de volgende voeding.
Het is natuurlijk beter om niet te roken.

17. Mag u uw haar kleuren als u borstvoeding geeft?
Ja dat mag, als u geen specifieke allergieën of hoofdhuidklachten hebt.

Bronnen
www.kindengezin.be/voeding-en-beweging/borstvoeding/
www.kindengezin.be/img/consensus130625.pdf
www.kindengezin.be/img/KIN127_wijzerborstvoeding_05.pdf
www.uzleuven.be/nl/gynaecologie-en-verloskunde/veelgestelde-vragen-over-borstvoeding
www.uza.be/behandeling/borstvoeding
www.health.belgium.be/nl/borstvoeding-natuurlijk/mythes-en-waarheden-over-borstvoeding
www.ncj.nl/richtlijnen/alle-richtlijnen/richtlijn/?richtlijn=27


verschenen op : 04/10/2017 , bijgewerkt op 02/10/2017

Reageer zelf

verberg bovenstaande gegevens :
je naam en emailadres verschijnen dan niet bij je reactie.
hou me op de hoogte van reacties :
telkens iemand een reactie plaatst bij dit bericht ontvang je een e-mail.
tekens over.
pub