ad

Behandeling van oprispingen en reflux bij kinderen

Laatst bijgewerkt: april 2020
In dit artikel
Behandeling van oprispingen en reflux bij kinderen

dossier Oprisping is het terugvloeien van voedsel uit de slokdarm of maag. Dit komt heel vaak voor bij zuigelingen en jonge kinderen. Alle zuigelingen geven wel eens melk terug, de ene meer dan de andere. Soms is er echter meer aan de hand en kan een behandeling nodig zijn.

Oprispingen zijn normaal en verdwijnen meestal vanzelf als de baby een jaar oud is. Dat komt meestal doordat de sluitspier tussen de slokdarm en de maag bij kinderen soms nog niet helemaal ontwikkeld is. In de loop van het eerste levensjaar zal de sluitspier zich meestal verder ontwikkelen. Hierdoor verminderen en verdwijnen de klachten meestal.
Wees niet ongerust over de hoeveelheid of het aantal keren dat een kindje teruggeeft. Het is niet nodig om de voeding te wijzigen of om andere maatregelen te nemen.

baby-braken-melk-170_400_09.jpg
Je kan wel zorgen dat het niet verergert:
• Laat een baby rustig drinken.
• Laat een baby niet te lang huilen voor voeding.
• Dring geen voeding op. Voed enkel op vraag.

Bij flesvoeding:
• Zorg voor een correcte bereiding: 1 maatschepje poeder per 30 ml water.
• Een voeding moet ongeveer 15 minuten duren. Pas zo nodig de speen aan.
• Verminder het aantal voedingen niet te snel. Zo kan de maag van een baby de hoeveelheid per fles nog aan.
• Hou een baby na de voeding even rechtop om een boertje te laten. Beweeg een baby na de voeding zo weinig mogelijk.
• Indikken van de voeding (bv. met johannesbroodpitmeel, rijstzetmeel, maïszetmeel) heeft slechts een beperkte invloed op het aantal oprispingen. De zogenaamde anti-regurgitatie-melken (AR-melken) bevatten reeds indikkingsmiddelen.

Buikligging wordt niet aanbevolen bij zeer jonge kinderen gezien het mogelijk verhoogd risico van plotse dood. Rugligging met verhoogd hoofdeinde heeft geen invloed op de reflux. Linkerzijligging kan wel de reflux verminderen.
Sommige kinderartsen adviseren om eerder met bijvoeding te beginnen dan de richtlijnen (vanaf 6 maanden), maar doe dit alleen op advies van een kinderarts.

Wanneer naar de dokter?

Als je je toch ongerust maakt, raadpleeg je het best een dokter. Ga zeker naar de dokter:
• Als de klachten verergeren.
• Als de baby ziek lijkt: koorts, diarree, braken, slecht bijkomen in gewicht, ...
• Bij weigeren te eten, huilen tijdens of na de voeding, bloed in braaksel of stoelgang.
• Wanneer het teruggeven vaak gebeurt en er andere tekens zoals pijn, frequent huilen, echt braken slechte gewichtsevolutie of tragere ontwikkeling bijkomen.
• Als een baby rond 5 à 6 weken systematisch, vlak na elke voeding, met een grote gulp 'alle' voedsel teruggeeft en niet in gewicht toeneemt.
Het kan dan namelijk om gastro-oesofageale refluxziekte gaan.

Refluxziekte

baby-braken--170_400_09.jpg
Refluxziekte ontstaat wanneer de slokdarm aangetast is door het veelvuldig regurgiteren.
Refluxziekte treedt frequenter op bij prematuur geboren kinderen en bij kinderen met risicofactoren zoals neurologische stoornissen of aangeboren slokdarmafwijkingen.

Mogelijke klachten
Volgende klachten kunnen wijzen op refluxziekte:
• Het oprispen houdt aan, zelfs nadat de arts maatregelen heeft genomen.
• De baby is lastig tijdens en na de maaltijden.
• De baby groeit niet goed.
• De baby huilt heel vaak door pijn bij het slikken.
• braken van streepjes bloed
• slaapproblemen
• ademhalingsproblemen.




ad


pub