Screening op borstkanker leidt niet tot minder sterfte.

Laatst bijgewerkt: november 2019

nieuws Screening op borstkanker heeft er niet toe geleid dat de sterfte aan borstkanker in enkele West-Europese landen is gedaald. Tot die conclusie komt een onderzoeksgroep van het International Prevention Research Institute in Lyon in een artikel in British Medical Journal.

De onderzoekers vergeleken cijfers over de sterfte aan borstkanker in de jaren 1980 tot 2006 in drie paren van aan elkaar grenzende landen: Zweden en Noorwegen, Nederland en België (Vlaanderen) en Noord-Ierland en Ierland. Elk van de aanpalende landen heeft een vergelijkbare gezondheidszorg en ook de risicofactoren voor borstkanker zijn vergelijkbaar. Ze verschillen wel in het tijdstip waarop een veralgemeende borstkankeropsporing via mammografie werd ingevoerd: in het ene land omstreeks 1990 ingevoerd, en in het andere land tien tot vijftien jaar later.

De verwachting van de onderzoekers was dat in de landen waar borstkankerscreening eerder was ingevoerd ook een lager sterftecijfer zouden hebben. De trends in sterftecijfers tengevolge van borstkanker varieerden echter nauwelijks tussen landen waar vrouwen al heel lang op borstkanker worden gescreend en landen waarin dat in een belangrijk deel van de onderzochte periode niet gebeurde. In Nederland, waar screening in 1989 begon, daalde de sterfte met 25 %, nauwelijks meer dan in Vlaanderen, dat pas in 2001 met screening begon (24,6%). Tussen Zweden (1986, 16%) en Noorwegen (1996, 24%) is het verschil zelfs omgekeerd. Tussen Noord-Ierland (het Verenigd Koninkrijk begon in 1990 met borstkankerscreening) en Ierland (2000) bedraagt de daling resp. 29,6 en 26,7 %.

Er blijkt dus geen relatie te bestaan tussen de daling van het sterftecijfer en de screeningsprogramma’s. Meer zelfs, de grootste daling in sterftecijfer lag bij vrouwen tussen 40 en 49 jaar die in geen enkel land in aanmerking komen voor (gratis) screening.
Volgens de onderzoekers zijn de dalende sterftecijfers vooral te danken aan een betere behandeling en een efficiënter gezondheidszorg en dus niet aan de screeningscampagnes.

Lees het oorspronkelijke artikel op:
www.bmj.com/content/343/bmj.d4411






pub