Screening ovariumkanker is zinloos

Laatst bijgewerkt: juli 2011
vr-oz-dr-gynaec-170_400_06.jpg

nieuws Het vroegtijdig opsporen van ovarium- of eierstokkanker met CA-125-metingen in het bloed en transvaginale echo’s heeft weinig zin omdat het het aantal overlijdens door kanker niet vermindert. Dat blijkt uit een langdurige studie gepubliceerd in het Journal of the American Medical Association (JAMA).
In ons land neemt eierstokkanker 5 % in van het totaal aantal kwaadaardige aandoeningen bij de vrouw. Slechts één vierde van de ovariumkankers wordt vroegtijdig ontdekt. Zestig procent wordt pas gevonden als de kanker zich al heeft uitgezaaid en de overlevingskansen beperkt zijn.

Om het effect van screenen te onderzoeken werden bijna 80.000 vrouwen tussen de 55 en 74 jaar willekeurig in een screeningsgroep of in een controlegroep geplaatst. Bij de vrouwen in de screeningsgroep werden vier tot zes jaarlijkse CA-125-metingen gedaan en vier jaarlijkse vaginale echo’s gemaakt. De vrouwen uit de controlegroep kregen geen extra onderzoeken.

Na 12 jaar waren er in de gescreende groep 118 vrouwen aan ovariumkanker overleden, in de controlegroep waren dat er 100. Verder werden er in de gescreende groep 3285 vrouwen fout-positief bevonden. 1080 van deze vrouwen ondergingen naar aanleiding van de foute diagnose een operatie, waarbij er bij 163 vrouwen minstens één serieuze complicatie ontstond (zoals infecties). De onderzoekers besluiten dan ook dat de screening niet effectief is.






pub