ad

Hoge Gezondheidsraad roept op tot correcte informatie over milieurisico’s

Laatst bijgewerkt: december 2010
hersenen-bl-170.jpg

nieuws De Hoge Gezondheidsraad heeft een advies uitgebracht over intolerantie of hypergevoeligheid voor fysische en chemische milieufactoren, zoals bijvoorbeeld elektromagnetische velden en diverse chemische stoffen.

Artsen komen meer en meer in contact met terugkerende gezondheidsklachten (hoofdpijn, misselijkheid, vermoeidheid, ...) waarvoor ze geen oorzaak kunnen vinden. De personen die er aan lijden wijten ze, in een aantal gevallen, aan een “hypergevoeligheid” voor één of meerdere milieufactoren. Vaak volgen deze personen behandelingen waarvan het nut eigenlijk niet bewezen is. Bovendien ontstaan bij deze personen vaak gedragspatronen die de klachten eerder verergeren dan verhelpen.

Sommige personen geven bijvoorbeeld aan dat ze intolerant of “hypergevoelig” zijn voor elektromagnetische velden, in het bijzonder die van de zendmasten voor mobilofonie. De klachten variëren en zijn niet specifiek. Ze komen voor bij blootstellingsniveaus die dikwijls veel lager zijn dan die waarop effecten ofwel bewezen zijn ofwel mogelijk maar nog twijfelachtig zijn. Tot op heden heeft men, voor om het even welk bestudeerd blootstellingsniveau, noch het perceptievermogen van deze velden, noch het verschijnen van de symptomen na blootstelling eraan kunnen aantonen bij personen die zich "hypergevoelig" verklaren.

Ook voor ‘multipele chemische intolerantie’ voor alledaagse chemische stoffen in hoeveelheden die doorgaans getolereerd worden door het overgrote deel van de bevolking, is tot nu toe geen enkel verklaringsmechanisme gevonden. Er zijn volgens de Hoge Gezondheidsraad wel overtuigende bewijzen dat psychofysiologische stressresponsen (zoals hyperventilatie) in combinatie met perceptuele en cognitieve factoren (aandacht, overtuigingen, angstige verwachtingen, etc.) belangrijke determinanten zijn van de zelf-gerapporteerde effecten van chemische substanties in de omgeving . De enige therapie die tot nog toe consistente resultaten heeft opgeleverd blijkt cognitieve gedragstherapie te zijn, al moet gezegd dat goed gecontroleerde studies nog steeds ontbreken.

Het risico op gezondheidschade als gevolg van blootstelling aan omgevingsfactoren beneden aanvaarde grenzen is volgens de experts dus verwaarloosbaar of zeer klein. Toch maakt een deel van de bevolking er zich ongerust over.
De bevolking moet correcte informatie ontvangen over mogelijke risico’s, de wijze van evaluatie en beheren van het risico, ze moet de gelegenheid hebben haar bezorgdheid uit te drukken en ze dient haar goedkeuring te hechten aan het aanvaarde risiconiveau. Informatie over gezondheidsrisico’s moet zo exact en expliciet mogelijk gegeven worden. Duidelijke en exacte informatie over de gevolgen voor de gezondheid van blootstelling is erg nodig, maar helaas niet altijd mogelijk. Waar deze exactheid niet mogelijk is, dient men de onzekerheid omtrent gezondheidseffecten te expliciteren en te benoemen. Bij de communicatie over gezondheidsrisico’s en omgevingsfactoren moet men ook rekening houden met de factoren die beïnvloeden hoe mensen risico’s ervaren.

Het consequent opvolgen van risicoanalyses en het verminderen van de blootstelling bij onzekerheid, samen met een transparante besluitvorming en adequaat toezicht, zou een maatschappelijke context kunnen creëren waarin het individu minder geneigd zal zijn om eventuele gezondheidsklachten toe te schrijven aan niet aanwijsbare milieuoorzaken.
Ongenuanceerde informatie en beperking van de blootstelling op niet wetenschappelijke basis lopen het risico het individu mee te slepen in een neerwaartse spiraal van meerdere klachten en steeds verdere isolering, met alle gevolgen van dien, qua kwaliteit van het leven evenals op financieel vlak.
Desondanks zullen functionele klachten toegeschreven aan intolerantie voor bepaalde omgevingsfactoren blijven bestaan en moeten deze ernstig worden genomen. Men dient dit niet te beschouwen als simulatie. Daar is er geen, of zeer zelden, sprake van. Wel is het belangrijk dat men de diagnose van ‘overgevoeligheid’ niet te pas en te onpas stelt omdat deze “beschavingsziekte” voor een deel door artsen, wetenschappers, milieuactivisten en de media gefaciliteerd wordt en mogelijk zelfs epidemische proporties kan aannemen.

Voor de patiënt is het belangrijk dat zijn ziekte herkend en erkend wordt, in de eerste plaats om een efficiënte behandeling te krijgen en in de tweede plaats om niet de speelbal te worden van allerlei juridische en medische instanties, met alle psychisch nefaste gevolgen van dien
De aanpak vraagt dus in de eerste plaats een goede diagnose met aandacht voor het multidisciplinaire karakter. Een mogelijke behandelbare organische of psychiatrische ziekte dient uitgesloten te worden.

De Hoge Gezondheidsraad roept de medische wereld op om niet zomaar behandelingen voor te stellen of maatregelen te treffen waarvan het nut niet bewezen is. Bij een aantal personen en/of groepen leidt het tot gedragspatronen die de klachten eerder in de hand werken dan verhelpen.
Artsen moeten ook aandacht hebben voor persoonlijkheidskenmerken en de Hoge Gezondheidsraad raadt aan een psychologische aanpak te proberen. Het betreft vaak kwetsbare personen die, om verschillende redenen, geleidelijk of plots moeilijkheden in het leven ervaren. Dit leidt tot socioprofessionele dysfunctie en een aantal onder hen valt door de mazen van het sociale verzekeringsnet. Verzekeringsorganismen zouden hen moeten motiveren om een psychologische of psychofarmacologische
behandeling te volgen die hun stressbestendigheid versterkt en hen helpt hun grenzen te kennen. Ook fysische revalidatie behoort daartoe. De rol van de huisarts bij het begeleiden van de patiënt is niet te onderschatten. Indien hij de patiënt verwijst naar een psychotherapeut of psychiater dan dient hij duidelijk te maken – en dit geldt voor de meeste gevallen – dat hij dit doet opdat de specialist de patiënt zou helpen zijn klachten te beheren en niet omdat de patiënt zou lijden aan een geestesziekte.
Het probleem aanpakken door drastisch de aanvaardbare of aanvaarde blootstellingsgrenzen aan milieufactoren te verlagen, met als doel individuen die intolerantie vertonen te beschermen, lijkt niet gerechtvaardigd.

Het volledige advies kan gedownload worden op www.hgr-css.be - onder rubriek adviezen.




ad


pub