40 procent meer heupprothesen op 10 jaar tijd

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws In 2007 werden in ons land 23.791 kunstheupen geplaatst, tegenover 17.010 tien jaar daarvoor. De grootste stijging was te merken bij patiënten onder de 65 jaar. Dat blijkt uit cijfers van de Christelijke Mutualiteit.
In 65% van de gevallen waren pijnklachten en artrose de aanleiding, in 25% van de gevallen waren heupfracturen de reden, en 10% waren heringrepen. In de groep van protheses na een breuk valt slechts een stijging van 13% op te merken; vooral artrose is dus verantwoordelijk voor de stijging.
De gemiddelde hospitalisatieduur bedraagt nu 11 dagen, de helft in vergelijking met 10 jaar geleden. In vergelijking met vorig decennium betaalt de ziekteverzekering daardoor nog altijd evenveel; het aandeel dat de patiënt zélf moet ophoesten is wél met 23% gestegen. De CM wijt die stijging aan de erelonen van de artsen en aan de prijs van de prothese zelf.
Toch zijn er belangrijke variaties tussen de ziekenhuizen. De mediane verblijfsduur per praktijk varieert van 5 tot 16 dagen. Ook qua bloedtransfusies zijn er grote verschillen: in de meeste ziekenhuizen worden die toegediend bij 20-30% van de ingrepen, maar dit varieert in bepaalde ziekenhuizen van quasi nihil tot meer dan 70%.



verschenen op : 23/09/2009 , bijgewerkt op 22/08/2019


pub