Waarom stretchen?

Laatst bijgewerkt: maart 2009

nieuws Stretchen is een methode om lenigheid te bevorderen of te onderhouden.
Men moet een duidelijk onderscheid maken tussen stretchen als methode om lenigheidoefeningen uit te voeren en stretchen als lenigheidtraining. In de opwarming en afkoeling voor je gaat sporten, zal men voornamelijk gebruik maken van stretchen als methode om lenigheidoefeningen uit te voeren. Bepaalde spiergroepen hebben door training de neiging om te verkorten, waardoor de blessuregevoeligheid stijgt. Een verminderde flexibiliteit is één van de oorzaken van pees- en spierletsels.

Een slechte lenigheid kan er ook voor zorgen dat bewegingen technisch minder perfect uitgevoerd worden. Door te stretchen maken we de spieren langer. Een vergrote gewrichtsbeweeglijkheid (gevolg van een langere spier) is vooral belangrijk bij versnellingsacties, draaimomenten, slag- en werpbewegingen. Bovendien kunnen ze door een grotere contractielengte meer kracht leveren.
Doordat je de spieren rekt, zijn ze minder gespannen. Gevolg: een betere doorbloeding en meer zuurstof. De spieren worden soepeler, waardoor de beweging soepeler, meer gecoördineerd verloopt.

Lenigheidtraining is een doorgedreven programma van rekoefeningen met als doel een toename van de lenigheid te verkrijgen. Dagelijks één tot twee keer een stretchingprogramma afwerken (en dit zes dagen op zeven) is ideaal om de lenigheid te verbeteren. Om de geboekte winst niet verloren laten te gaan moet minstens 2 keer per week gestretcht worden. De verschillende oefeningen worden per oefensessie best 2 tot 5 keer herhaald.

Samengevat kunnen we stellen dat er gestretcht wordt met verschillende bedoelingen:
1. voorkomen van spierpijn na een belangrijke inspanning
2. spierrelaxatie
3. blessurepreventie
4. revalidatie
5. prestatieverbetering

Meer info:
www.cjsm.vlaanderen.be/gezondsporten/preventie/letselpreventie/stretching/index.htm



verschenen op : 30/11/2010


pub