Tranen in de lente

Laatst bijgewerkt: april 2009

nieuws Voor zowat 1 Belg op 6 is de lente synoniem van tranende ogen, een verstopte of lopende neus, nies- en hoestbuien… Zij lijden aan hooikoorts of seizoensgebonden allergische rhinitis. In België zijn het vooral de pollen van hazelaars, berken en grassen die verantwoordelijk zijn.
Afhankelijk van de pollen waarop u allergisch reageert, kan de hooikoortsperiode enkele weken tot enkele maanden duren. De pollen van bomen zoals berk, eik, haagbeuk, hazelaar en els ontwikkelen zich tussen februari en mei, terwijl graspollen hun piek bereiken tussen mei en juli. Sommige kruidachtige planten (zoals paardenbloem, madelief, weegbree, zuring) verspreiden hun stuifmeelpollen vooral in de zomer en het begin van de herfst.
Wanneer u vermoedt dat u aan hooikoorts lijdt, dan kan dat vermoeden eventueel bevestigd worden via speciale tests waarbij de stuifmeelextracten worden aangebracht op de huid, in het bloed of in de neus. Dat de klachten elk jaar opnieuw op een bepaald tijdstip opduiken, is alleszins een eerste aanduiding dat het om hooikoorts gaat en niet om bv. astma of een allergie voor huisstofmijt.

Een allergie voor pollen (of huisstofmijt) kan u niet voorkomen, maar u kan wel een aantal maatregelen nemen om de gevolgen tot een minimum te beperken.
- Ideaal maar in de praktijk wellicht voor de meesten onder ons een wensdroom, is tijdens het pollenseizoen met vakantie te vertrekken naar de bergen (boven 1500 m komen er bijna geen pollen meer voor) of aan zee.
- Blijf bij ongunstige weersomstandigheden (warm, droog en winderig weer) zoveel mogelijk binnen en hou ramen en deuren gesloten, zeker op het einde van de namiddag als de pollenconcentraties het hoogst zijn. Lucht uw huis bij voorkeur ’s ochtends want dan is er minder stuifmeel in de lucht.
- Vermijd bossen en weilanden, en ga liever niet camperen of picknicken in de vrije natuur.
- Houd het raam van de auto gesloten.
- Draag een zonnebril en wrijf niet in uw ogen maar verminder de irritatie door te spoelen met lauw water of leg een vochtig washandje op de ogen.
- Maai het gras niet zelf.
- Haal geen boeketten met bloeiende planten in huis waarop u mogelijk allergisch zal reageren.

Bij een eerste aanval van hooikoorts, overlegt u het best met uw arts of en zo ja welke geneesmiddelen u eventueel zou kunnen nemen. Meestal zal een anti-allergisch middel, een zogeheten antihistaminicum worden voorgeschreven. De oudere antihistaminica hadden nogal wat bijwerkingen (ondermeer een zeer vervelende slaperigheid), die bij de nieuwere, weliswaar duurdere, producten grotendeels zijn verdwenen. De vorm waarin het geneesmiddel wordt genomen (tabletten, vloeibare vorm, neusspray of -druppels…) is afhankelijk van het soort allergische reactie. Als u bv. vooral last hebt van een lopende neus zijn neusdruppels het meest aangewezen. Bij een meer veralgemeende reactie, zullen tabletten effectiever zijn. De behandeling wordt het best reeds voor het seizoen begonnen en de geneesmiddelen moeten genomen worden ook als er weinig klachten zijn.
In sommige omstandigheden, bv. tijdens zwangerschap en borstvoeding, zijn deze producten minder aangewezen. In dat geval kan de arts eventueel een luchtwegverwijdend middel voorschrijven.
In ernstige gevallen en bij jongere mensen kan een hyposensibilisatie worden overwogen. Door het gedurende enkele maanden in steeds hogere dosis inspuiten van de allergenen, probeert men het afweersysteem immuun te maken voor de stuifmeelkorrels.
Op de website van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid vindt u een dagelijks pollenbericht voor hooikoortspatiënten en ook een lijst met de belangrijkste allergieverwekkende planten.
www.airallergy.be



verschenen op : 30/11/2010


pub