ad

Nieuwe gezondheidsdoelstelling over voeding en beweging

Laatst bijgewerkt: augustus 2019
actieplan-bewegen08-15-150.jpg

nieuws De Vlaamse regering heeft een nieuwe Vlaamse gezondheidsdoelstelling rond voeding en beweging voor de periode 2008-2015 vastgelegd.
De epidemie van overgewicht en zwaarlijvigheid, die mondiaal steeds verder om zich heen grijpt, reflecteert de veranderingen in leefpatroon en maatschappij van de laatste decennia. Opvallend is dat de toename in obesitas vaak nog hoger is in landen in ontwikkeling dan in de westerse landen. Vlaanderen onderscheidt zich wat dat betreft nauwelijks van de rest van wereld. Eén op drie Vlamingen (32,3%) heeft overgewicht. Een op negen Vlamingen (11,5%) is zwaarlijvig.

De WGO verwacht een toename van personen met overgewicht van 2005 tot 2015 met 43%, en van zwaarlijvigheid met maar liefst 70%. De doelstelling om tegen 2015 het percentage personen met een gezond gewicht in Vlaanderen minstens te behouden, klinkt dan misschien niet ambitieus, het impliceert wel dat we resoluut zouden ingaan tegen de mondiale trend.

Zonder zwaarlijvigheid zou diabetes bij mannen 53% minder voorkomen, en bij vrouwen 26% minder. Gezonder gaan eten, volgens de aanbevelingen van de actieve voedingsdriehoek, doet het voorkomen van hart- en vaataandoeningen en de sterfte door deze cardiovasculaire aandoeningen met een kwart dalen. De gezondheidswinst door lichamelijke activiteit is natuurlijk het grootst bij die personen die fysiek inactief zijn. In Nederland schrijft men 6% van de sterfte toe aan onvoldoende beweging.
De gezondheidsdoelstelling Voeding en Beweging is opgebouwd rond vijf subdoelstellingen:

1. Het percentage personen dat voldoende fysiek actief is (om gezondheidswinst te halen) moet tegen 2015 met 10 procentpunten stijgen. Zo bewegen vandaag slechts 39% van de volwassen Vlamingen meer dan 30 minuten per dag. Dat moeten we naar 1 op de 2 volwassen Vlamingen kunnen opkrikken.

2. Het percentage sedentaire personen in alle leeftijdsgroepen zou tegen 2015 met 10 procentpunten moeten dalen. Dat betekent bijvoorbeeld dat we bij de personen ouder dan 60 het aantal sedentairen willen verminderen van 45% naar 35%.

3. Het percentage moeders dat op dag 6 na de bevalling borstvoeding geeft, hopen we met 10% te zien stijgen. Van nagenoeg twee op drie (64%) gaan we dan binnen zeven jaar naar drie op vier (74%). Borstvoeding blijkt immers een beschermend effect te hebben ten aanzien van zwaarlijvigheid.

4. Tegen 2015 willen we dat het aantal personen dat evenwichtig eet, in overeenstemming met de aanbevelingen van de actieve voedingsdriehoek, met 10% stijgt. De gemiddelde inname van water, groenten, fruit en melkproducten (en calciumverrijkte sojaproducten) moet stijgen. De gemiddelde inname van de restgroep moet dalen met 10%. Dagelijkse consumptie van de groep vlees, vis en eieren en vervangproducten (peulvruchten) blijft beperkt tot 100 gram.

5. Tegen 2015 moet het percentage personen met een gezond gewicht minstens behouden blijven. Ik vertelde u al dat we onszelf hiermee de niet geringe opdracht stellen om te weerstaan aan een spijtige mondiale trend naar meer overgewicht en zwaarlijvigheid.

Met dit plan sluit Vlaanderen zich aan bij de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie en recente Europese beleidsinitiatieven tegen obesitas en voor een leefwijze met evenwichtige voeding en voldoende beweging. Om de afgesproken gezondheidsdoelstelling te halen wordt een actieplan voor voeding en beweging opgesteld waardoor de bevolking in de komende jaren steeds herkenbare en consistente boodschappen krijgt.

Klik hier voor de samenvatting van het actieplan (.pdf)



Klik hier om het hele actieplan te downloaden (.pdf) - 2008-2015




ad


pub