Voorzichtig met een hond

Laatst bijgewerkt: oktober 2008

nieuws Elk jaar worden 100.000 Belgen, voornamelijk kinderen, gebeten door een hond. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 2% van de kinderen jonger dan 16 jaar ooit gebeten is door een hond. In bijna 8 gevallen op 10 is bij het bijtincident een bekende hond betrokken, en in meer dan 6 gevallen op 10 gebeurde het bijtincident thuis. Meestal zijn jonge kinderen het slachtoffer: de gemiddelde leeftijd van de slachtoffers die thuis door een hond gebeten worden, is vier à vijf jaar. Er worden meer jongens dan meisjes gebeten. In de overgrote meerderheid van de gevallen beet de hond als reactie op iets wat het kind deed. Het gaat meestal om heel banale acties van het kind, zoals spelen met de hond, de hond aanraken, de hond aaien of knuffelen, de hond benaderen terwijl hij eet of slaapt, enz. Het blijkt overigens een mythe te zijn dat kindvriendelijke rassen geen kinderen bijten, dat een goed opgevoede hond niet zou bijten of dat kinderen die lief zijn voor de hond niet worden gebeten.

De gevolgen van een hondenbeet kunnen, vooral bij kinderen, zeer ernstig zijn. Jonge kinderen worden bij een bijtongeval vooral aan hoofd, aangezicht, hals en/of bovenlichaam gekwetst, terwijl oudere kinderen en volwassenen vooral in handen en voeten worden gebeten.
Onderzoek heeft aangetoond dat van alle 100 bijtincidenten, 67 kinderen mogelijk niet gebeten zouden zijn als zij en hun ouders geleerd hadden hoe veilig om te gaan met honden. Daarom heeft de vzw De Blauwe Hond internationaal een preventiecampagne ontwikkeld om ouders en kinderen te leren omgaan met hun hond. Aan de hand van een CD-rom leren kinderen van drie tot zes jaar spelenderwijs potentiële risicosituaties te herkennen en adequaat te reageren. Het leereffect blijkt groter te zijn als de ouders het spel samen met hun kinderen spelen.

Enkele tips.
• De aanwezigheid van een huisdier houdt altijd een risico in. Laat kinderen en honden nooit zonder toezicht alleen. Dat geldt vooral voor kinderen jonger dan 3 jaar.
• Een gesocialiseerde hond heeft geleerd om zich te integreren in verschillende situaties (aanwezigheid van vreemden, van kinderen, lawaai...). De belangrijkste fases van dat leerproces vinden plaats als de hond tussen 3 weken en 3 maanden oud is. Voor een optimale communicatie tussen hond en kind, zouden de eerste contacten gelegd moeten worden als de hond een pup is van minder dan 12 weken oud.
• Een hond is geen speelgoed. Leer kinderen dat ze de hond geen pijn mogen doen, uitdagen of opjagen en dat ze de hond niet mogen plagen, zelfs niet voor de grap (bv. aan de oren of aan de staart trekken).
• Leer kinderen dat ze de hond met rust moeten laten als hij eet (bv. geen bot uit z'n bek trekken) of slaapt.
• Leer kinderen dat ze een voorwerp (speelgoed, kussen...) laten vallen als de hond dat wil afpakken. Ze moeten stil blijven zitten en wachten tot de hond wegloopt.
• Leer kinderen dat ze de hond niet mogen naderen als hij gromt of zijn tanden toont, maar dat ze een volwassene moeten verwittigen. Ze moeten ter plaatse blijven staan, armen los naast het lichaam en in de lucht kijken of langzaam en zonder bruuske bewegingen achteruit gaan. Ze mogen vooral niet gaan lopen.
• Leer kinderen dat ze hun gezicht ver van de kop van de hond moeten houden en hem niet in de ogen mogen kijken. Dit contact is voor een hond bedreigend.
• Leer kinderen dat ze op afstand moeten blijven als een teefje met puppy’s zit.
• Leer kinderen dat ze op afstand moeten blijven als twee honden vechten, zelfs als de eigen hond in het gevecht betrokken is.
• Leer kinderen dat ze een vreemde hond niet mogen aanraken zonder toestemming van het baasje.

www.blauwehond.be
www.blauwe-hond.nl



verschenen op : 30/11/2010


pub