Knieblessures

Laatst bijgewerkt: mei 2016

dossier In veel sporten loopt men de kans om een knieblessure te krijgen. Zeker is dit het geval bij de voetbalsport; eigenlijk is een zware knieblessure de nachtmerrie van iedere (prof) voetballer. Door een ogenschijnlijk simpele verdraaiing kun je zo enkele maanden buitenspel staan. Afhankelijk van de richting van de verdraaiing en van de kracht waarmee het gebeurt, kunnen banden en/of meniscussen scheuren. Meestal draait het onderbeen dan naar buiten, terwijl de voet in de grond vast staat. De binnenste band, de binnenmeniscus en ook de voorste kruisband kunnen dan beschadigd raken. Bij een ernstig knieletsel treedt binnen enkele uren een forse zwelling van het gewricht op. Dit wijst op een bloeding in de knie. Het is een reden om een arts de blessure te laten beoordelen.

anat-sp-men-knie-400.jpg

Anatomie

Het kniegewricht wordt gevormd door drie botten en kan buigen, strekken en er zijn draaiingen mogelijk. De botten zijn het dijbeen, het scheenbeen en de knieschijf. Op de plaats waar de botten elkaar raken, zijn ze bekleed met kraakbeen. Kraakbeen is een veerkrachtig weefsel, maar gevoelig voor beschadiging. Tussen dijbeen en scheenbeen zitten nog twee halve maantjes van kraakbeen, de buiten- en de binnenmeniscus. Zij werken als schokbrekers en verbeteren het contact tussen dijbeen en scheenbeen. De botten worden op hun plaats gehouden door het gewrichtskapsel. Dit kapsel is op een aantal plaatsen versterkt met gewrichtsbanden. Binnenin de knie zitten twee heel belangrijke banden. Dit zijn de achterste en de voorste kruisband. De kruisbanden zorgen ervoor dat in elke stand van de knie, het onder en het bovenbeen op de juiste plaats ten opzichte van elkaar blijven. De banden en de meniscussen zorgen ervoor dat de bewegingen van de knie binnen bepaalde grenzen blijven. Dit doen zij samen met de omgevende spieren. Deze samenwerking maakt dat u bij het sporten niet steeds door de knieën zwikt. Een goede werking van de spieren is onmisbaar.

Een gescheurde voorste kruisband

scheur-voorste-kruisb-180.jpg
Een gescheurde voorste kruisband zal nooit meer vastgroeien. De banddelen verschrompelen en na een aantal weken zijn ze verdwenen. Dit betekent dus dat de kruisband voortaan zal ontbreken. De knie zal speling overhouden. Dit kan zodanig zijn dat men steeds door de knie zwikt bij sport of zelfs in het dagelijks leven. De speling kan in 80% van de gevallen opgevangen worden door de spieren rond de knie.
Deze moeten wel extra getraind worden, eventueel onder begeleiding van een kinsesist. Na 6 tot 10 weken kan men zich weer in het dagelijks leven redden. Het lukt helaas niet iedereen om via deze weg weer tot het oude sportniveau te komen. Er zijn dan verschillende overwegingen mogelijk, of stoppen met de voorheen beoefende sport of een minder kniebelastende sport gaan doen (bijvoorbeeld tennis, roeien, zwemmen, fietsen).

Een andere mogelijkheid is een operatie. Hierbij wordt een nieuwe kruisband in de knie gemaakt. Hiervoor wordt vaak een stuk van de eigen kniepees gebruikt. Het is echter een grote ingreep met enige dagen ziekenhuisverblijf. Na een aantal weken kan de intensieve revalidatie o.l.v. een kinesist beginnen. Van de operatie tot de eerste sportwedstrijd moet u gemiddeld op een jaar herstel rekenen.
Om tot een juiste behandeling te komen, moet er goed overlegd worden tussen de sporter en de orthopedisch chirurg en eventueel de sportarts. Zaken die meespelen in de beslissing zijn leeftijd, ambitie, niveau, aard van de blessure, beroep, motivatie voor revalidatie en andere.
Het is uiteraard belangrijk om de voorste kruisband scheuring zoveel mogelijk te voorkomen. Een goede techniek staat bovenaan de lijst van preventieve maatregelen. Pas op wanneer u op een hoger of lager niveau dan u gewend bent, meetraint. Wanneer u vermoeid bent, zoals aan het einde van een training, moet u ook voorzichtiger zijn. Een goede warming up zorgt onder andere voor een betere coördinatie van de spieren en voorkomt blessures.
Wanneer u een knieblessure oploopt, laat dan door een deskundige vaststellen wat er aan de hand is. Laat de blessure niet verergeren en revalideer goed voordat u het veld weer opgaat.

Voorkómen knieblessures

• Bouw de intensiteit en de omvang van je trainingen verstandig op, om overbelasting te voorkomen.
• Doe de onderstaande voorbeeldoefeningen voor je bovenbenen om een (nieuwe) knieblessure te voorkomen.
• Zorg voor een goede warming-up. Daarmee verminder je de kans op een blessure aanzienlijk, want je bereidt de spieren en de rest van je lichaam voor op de inspanning. Kijk voor een goede warming up voor hockey op www.voorkomblessures.nl.
• Ook het dragen van de juiste sportschoenen kan knieblessures voorkomen.
• Vermoeidheid verslechtert je coördinatie en vermindert je spierkracht, waardoor de kans op verstappen en verdraaien groter wordt. Zorg dus dat je conditie op peil is!

Oefeningen

1. Quadriceps
Ga languit op de grond of op een bank zitten, met een opgerolde handdoek of een kussentje in je knieholte.
Strek je been en houd dit 30 seconden vast.
Herhaal dit vijf keer.
Verzwaar de oefening door een gewicht of zandzakje om de enkel te hangen.

2. Quadriceps
Ga met je voeten op schouderbreedte uit elkaar staan.
Veer vanuit rechtstand iets door de knieën nooit verder dan 90 graden.
Strek vervolgens je benen weer.
Doe dit rustig gedurende 30 seconden.
Herhaal de oefening drie keer.

3. Quadriceps
Dit is dezelfde oefening als oefening 6, maar nu op één been.
Verzwaar de oefening door je ogen te sluiten en/of met je armen te zwaaien.
Doe dit rustig gedurende 30 tot 60 seconden.
Herhaal de oefening drie keer .

4. Bovenbeenspieren
Ga met je voeten op schouderbreedte uit elkaar staan.
Buig je knieën tot 90 graden en houd dit 30 tot 60 seconden vast.
Schud je benen goed uit en herhaal de oefening.

5. Quadriceps
Ga met je voeten op schouderbreedte uit elkaar staan
Stap met één been naar voren, waarbij je knie tot 90 à 100 graden gebogen wordt.
Je knie mag niet voorbij je tenen komen.
Maak verende bewegingen, waarbij je het gewicht afwisselend verplaatst van het achterste naar het voorste been zonder terug te stappen.
Je kunt de oefening verzwaren door volledig terug te stappen en weer uit te stappen. Herhaal de oefening voor het andere been.

6. Quadriceps/hamstrings
Ga op een stoel zitten en houd je romp licht voorover gebogen.
Door je knieën iets te strekken kom je net vrij van de stoel.
Ga niet verder met de romp naar voren.

7. Quadriceps/hamstrings
Ga op een stoel zitten en houd je romp licht voorover gebogen.
Houd één been (bijna) gestrekt vooruit en zo mogelijk los van de grond.
Houd je armen naar voren.
Probeer je nu met het andere been op te drukken totdat je weer nèt vrij bent van de stoel.


bron: VSG, Vereniging voor Sportgeneeskunde
verschenen op : 01/06/2016 , bijgewerkt op 31/05/2016


pub