Hoe vaak moet iemand met diabetes de bloedsuiker controleren?

Laatst bijgewerkt: december 2019
wereld-diabetesdag-150.jpg

nieuws Morgen, 14 november, is het de Internationale Diabetesdag georganiseerd door de Verenigde Naties. Thema van de Internationale Diabetesdag is diabetes bij kinderen en jongeren (www.worlddiabetesday.org). Naar aanleiding van de Internationale Diabetesdag organiseert de Vlaamse Diabetesvereniging volgend weekend (van 16 tot 18 november) een Jongerenweekend in Bree (Limburg).

Voor diabetici is het belangrijk dat ze zeer geregeld hun bloedsuiker controleren. De bloedsuikers van een diabetespatiënt laten voortdurende schommelingen zien, samenhangend met de insulinetoediening (tijdstip, hoeveelheid en soort), de activiteit, de voeding (wat, hoeveel en wanneer), stress en andere factoren. Via bloedsuikertesten komt men onmiddellijk te weten hoe hoog de bloedsuiker staat op het ogenblik van de meting zelf. Om de juiste hoeveelheid insuline te vinden die nodig is voor een bepaalde situatie, zijn bloedsuikerbepalingen richtinggevend. Zonder deze werkt men in het blinde en verhoogt het risico op acute ontregelingen (hypo- en hyperglycemie) en complicaties op lange termijn.
Zelf je bloedsuikers testen geeft je ook een beter inzicht in je diabetes. Door vergelijking van de eigen meetcijfers met de streefcijfers voor de bloedsuiker, wordt men meer gemotiveerd om de insulinedosis, voeding en activiteit in elkaar te doen passen . Wie zichzelf controleert wordt ook zelfstandiger. Men kan de insulinedosissen op basis van de meetresultaten bijsturen en door snel in te grijpen bij alarmtekens acute complicaties voorkomen. Door de betere globale suikerregeling voorkomt men ook de chronische complicaties.

De frequentie van de controles hangt af van het probleem waarvoor ze uitgevoerd wordt en steeds in overleg met de arts.
• zwangeren: min. 4x/per dag (nl. vóór elke hoofdmaaltijd en bij het slapengaan) vaak 6 x per dag.
• op puntstellen van de insulinebehandeling: min. 4x/dag
• voortdurende aanpassing van de insulinetherapie a.h.v. de gemeten glycemieën (via een schema): meestal meerdere x /dag
• stabiele diabetes (= geen wijziging in dieet of lichaamsbeweging): 1 - 2x/week een dagprofiel terwijl de andere dagen minder frequent wordt gecontroleerd.
• ziekte: frequente glycemiebepaling, alsook acetonurie.
• glycemiebepaling voor het slapen gaan, voor een lange autorit, voor een sportinspanning: Sommige diabeten gebruiken de bloedglucosetest niet enkel voor het verkrijgen van een betere regeling, maar ook om hypoglycemie te voorkomen.
• bij onduidelijke symptomen: Om een valse van een echte hypoglycemie te onderscheiden.
• Om even uit de regelmaat van zijn dieet te treden en bv. ter gelegenheid van een feestmaaltijd: Na een tijdje leert de diabeet (voortgaande op zijn glycemieveranderingen) hoe hij bij feestjes met wat extra kortwerkende insuline toch goed geregeld kan blijven. Dit mag natuurlijk geen dagelijkse gewoonte worden, wegens gevaar voor gewichtstoename. 






pub