Borstkanker bij mannen

Laatst bijgewerkt: februari 2020

dossier Veel mensen staan er niet bij stil dat borstkanker ook bij mannen kan voorkomen, maar jaarlijks worden in België een honderdtal mannen behandeld voor borstkanker. Net zoals vrouwen zouden mannen aangemoedigd moeten worden om bij bepaalde symptomen een arts te raadplegen. 

Borstkanker bij mannen is een zeldzame ziekte, maar het aantal mannen met borstkanker neemt de laatste jaren wel  toe. Jaarlijks wordt de diagnose gesteld bij iets meer dan honderd mannen. De gemiddelde leeftijd van een man met borstkanker ligt tussen 60 en 65 jaar, gemiddeld vijf jaar later dan die van de vrouw, zo blijkt uit cijfers van het Kankerregister.

In tegenstelling tot vrouwen worden mannen niet aangemoedigd om hun borsten te controleren en artsen denken bij mannen zelden spontaan aan een borstonderzoek. Bovendien tonen studies aan dat mannen de neiging hebben om symptomen van borstkanker te negeren en een bezoek aan de dokter liefst zolang mogelijk uit te stellen. Feit is dat de meeste mannen de mogelijkheid van borstkanker niet overwegen, en als ze dat wel doen kan het een zware dobber zijn om met een ‘vrouwelijke’ ziekte als borstkanker te kampen. 
Anatomie 
De borsten van volwassen mannen zijn vergelijkbaar met die van een vrouw voor de puberteit. Ze bestaan uit een aantal vertakte kanaaltjes die afgelijnd zijn met cellen. Bij meisjes ontwikkelen deze kanaaltjes en cellen zich onder invloed van de hormoonproductie die op gang komt tijdens de puberteit. Ook bij mannen reageert het borstweefsel op hormonale stimulansen. Zo heeft ongeveer 40% van alle jongens tijdens de puberteit -tijdelijk- last van vergrote borsten. Dat noemt men gynaecomastie. Gynaecomastie tijdens de adolescentie verdwijnt doorgaans na maximaal twee jaar.

De groei van borstweefsel kan bij mannen gestimuleerd worden door het gebruik van sommige geneesmiddelen en door bepaalde ziektes, bijvoorbeeld door oestrogeentherapie die voorgeschreven kan worden bij prostaatkanker, maar ook door geneesmiddelen voor de behandeling van hartziekten (digitalis), hoge bloeddruk (reserpine, spironolactone) en migraine (ergotamine). Gynaecomastie kan ook optreden bij bepaalde kankers (teelbalkanker, bijnierkanker), levercirrose, chronische nierdialyse en het syndroom van Klinefelter (zie verder). Het volume van mannenborsten kan ook toenemen door vetopstapeling. 

Risicofactoren

Leeftijd
Net zoals dat het geval is bij vrouwen, neemt het risico op borstkanker ook bij mannen ook toe met de leeftijd. 
Familiale voorgeschiedenis
Het verband tussen borstkanker bij mannen en een familiale belasting werd nog niet grondig bestudeerd. Er is sowieso niet veel onderzoek naar borstkanker bij mannen omdat het om een zeldzame ziekte gaat. Toch zijn er een aantal studies die erop wijzen dat borstkanker bij vrouwelijke familieleden in de eerste graad (moeder, zus, dochter) het risico bij mannelijke verwanten verhoogt. Ook borstkanker bij mannelijke familieleden is een risicofactor.
Vooral afwijkingen in het BRCA2-gen zouden verantwoordelijk zijn voor een verhoogd risico bij mannen. Mannen met borstkanker en een BRCA-afwijking hebben bovendien ook een hoger risico op prostaatkanker.
De factor ‘familiale voorgeschiedenis’ zou bij mannen nog belangrijker zijn omdat borstkanker bij mannen zelden voorkomt. 

zie ook artikel : Erfelijke borstkanker

Verhoogde oestrogeenspiegel
Meestal is borstkanker bij mannen hormoongevoelig, wat het vermoeden doet rijzen dat oestrogenen op de een of andere manier een rol spelen bij het ontstaan van borstkanker bij de man. Het oestrogeengehalte bij mannen kan stijgen door hormonale geneesmiddelen, overgewicht en blootstelling aan oestrogenen in het milieu. 
Syndroom van Klinefelter
Een van de belangrijkste risicofactoren voor borstkanker is het Syndroom van Klinefelter. Mannen met dit syndroom zijn drager van één extra X-chromosoom (XXY), wat gepaard gaat met symptomen als weinig ontwikkelde geslachtsorganen, hormonale stoornissen en gynaecomastie. Deze mannen hebben meestal ook weinig testosteron (een mannelijk hormoon), wat resulteert in een hoge verhouding oestrogeen-androgeen. Studies toonden aan dat mannen met het syndroom van Klinefelter 20 tot 60 keer meer risico lopen op borstkanker dan andere mannen.

zie ook artikel : Syndroom van Klinefelter

Gynaecomastie
Het precieze verband tussen gynaecomastie en borstkanker is niet duidelijk. Gynaecomastie is een abnormale vergroting van de borst bij de man die meestal te voelen is als een elastische zwelling van ongeveer één à twee centimeter achter de tepel.
Afwijkingen aan de teelballen
Afwijkingen aan de teelballen, zoals een verminderde teelbalfunctie, zouden ook het risico op borstkanker verhogen. Zo zijn er studies die een verhoogd risico vaststelden na een teelbalontsteking, verwondingen aan de geslachtsorganen en een voorgeschiedenis van niet ingedaalde teelballen. Maar er zijn ook studies die helemaal geen verband konden vaststellen met een verhoogd risico op borstkanker.

Andere mogelijke risicofactoren: 
  • onderontwikkelde geslachtsorganen 
  • blootstelling aan radioactieve straling;
  • voorgeschiedenis van prostaatkanker;
  • Volgens onderzoek van het NCI (National Cancer Institute, VS) worden Afro-Amerikaanse mannen vaker (18 per miljoen) getroffen door borstkanker dan blanke mannen (8 per miljoen).

Symptomen van borstkanker bij de man

  • een gezwel 
  • afscheiding uit de tepel. Vooral vloeistof, vermengd met bloed is een alarmteken aan de wand en moet onmiddellijk worden onderzocht;
  • afwijkingen aan de tepel of de tepelhof zoals een ingetrokken tepel,  verzwering van de huid.

Diagnose

Omdat mannen minder borstweefsel hebben, zou men kunnen denken dat borstkanker bij mannen altijd vroeg wordt vastgesteld, maar dat is helemaal niet zo.  Een mogelijke verklaring hiervoor is precies de kleine omvang van mannenborsten. Omdat er zo weinig borstweefsel is, ligt een tumor sowieso dicht bij het omliggende weefsel: de huid erboven of de borstkas eronder. Daardoor kunnen tumorcellen sneller het omliggende weefsel aantasten. 
Dat de diagnose vaak laat gesteld wordt bij mannen heeft ook te maken met het gebrek aan kennis van de ziekte en aan sensibilisering en opsporing. 

Onderzoeken

Omdat mannen minder borstweefsel hebben, zou men kunnen denken dat borstkanker bij mannen altijd vroeg wordt vastgesteld, maar dat is helemaal niet zo.  Een mogelijke verklaring hiervoor is precies de kleine omvang van mannenborsten. Omdat er zo weinig borstweefsel is, ligt een tumor sowieso dicht bij het omliggende weefsel: de huid erboven of de borstkas eronder. Daardoor kunnen tumorcellen sneller het omliggende weefsel aantasten. 
Dat de diagnose vaak laat gesteld wordt bij mannen heeft ook te maken met het gebrek aan kennis van de ziekte en aan sensibilisering en opsporing. 

Soorten borstkanker

Mannen kunnen dezelfde soorten borstkanker krijgen als vrouwen.  En ook bij mannen is het invasief ductaal carcinoom de meest voorkomende borstkanker. Lobulaire carcinomen (d.i. van de melkgangen of in de melkklieren) komen bij mannen zelden voor omdat er in de  normale mannenborst geen melkgangen of -klieren aanwezig zijn.

Behandeling

Chirurgie 
Een borstsparende operatie is bij mannen meestal niet aan de orde omwille van de kleine omvang van de mannenborst. Daarom wordt bij mannen in het overgrote deel van de gevallen een mastectomie (d.i. de volledige verwijdering van de borst plus de lymfeknopen in de oksel) uitgevoerd. In een beperkt aantal gevallen (als de tumor zich heeft vastgehecht aan de borstwand) wordt een beroep gedaan op een totale radicale mastectomie.
De operatietechnieken bij mannen en vrouwen met borstkanker zijn identiek.
Radiotherapie
Bij mannen wordt radiotherapie vooral toegediend om de lymfknopen aan de onderkant van het borstbeen te bestralen.
Chemotherapie
Chemotherapeutische adjuvante behandeling na een borstoperatie zou het risico op lokale terugkeer en van het latere ontstaan van uitzaaiingen verminderen.
Hormoontherapie
Niet minder dan 70 tot 80% van de borsttumoren bij mannen zijn hormoonreceptorpositief. De respons op de therapie schommelt tussen 51% en 71% bij oestrogeenpositieve tumoren.
Hormoontherapie werd vroeger vooral toegepast bij de behandeling van uitgezaaide borstkanker, maar wordt nu ook meer en meer voorgeschreven als adjuvante therapie bij mannen met okselklieraantasting en hormoonreceptorpositieve tumoren.

Prognose

Vroeger dacht men dat mannen met borstkanker een slechtere prognose hadden dan vrouwen, maar verschillende recente studies tonen aan dat dat niet het geval is en in vergelijkbare gevallen de prognose gelijk is. Zoals bij vrouwen komt het er ook bij mannen op aan zo vroeg mogelijk de diagnose te stellen en de behandeling te starten. 

Bronnen:
www.think-pink.be
UZ Leuven 
UMC Utrecht 
American Cancer Society 
Mayo Clinic  
Cancer.net 


bron: Geneviève Ostyn



pub