ad

Twintig knelpunten en aanbevelingen rond ADHD

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws De Koning Boudewijnstichting bracht direct betrokkenen bij de ADHD-problematiek samen om spanningsvelden in kaart te brengen en adviezen te formuleren om beter om te gaan met ADHD: kinderen en jongeren met ADHD, ouders, leerkrachten, directies, CLB-medewerkers, zorgverstrekkers…
In de eerste plaats benadrukken de deelnemers dat ADHD meer is dan een goedaardige gedragsvariant. Een tijdige herkenning en diagnosestelling door gespecialiseerde en multidisciplinaire teams (bestaande uit bvb. een kinderpsychiater, een kinderarts of -neuroloog, een psycholoog, een orthopedagoog, een maatschappelijk werker …) zijn noodzakelijk om te voorkomen dat iemand met ADHD in een negatieve spiraal terechtkomt. Helaas kampen deze multidisciplinaire teams met ellenlange wachtlijsten. Ook is er nood aan een betere overgang tussen diagnose en behandeling om een zoektocht naar aangepaste zorg te voorkomen. Bovendien is degelijke zorg – zowel medische als niet medische - duur en voor sommige gezinnen zelfs niet haalbaar.
Er zijn heel wat capabele spelers voorhanden binnen het werkveld, maar zij missen vaak de nodige protocollen om soepel en op een kwaliteitsvolle manier in te gaan op de behoeften van de hulpvrager. Kwaliteitsbewaking is wenselijk.
Er moet ook meer aandacht komen voor ouderondersteuning. Deze ondersteuning mag echter niet de centrale rol van de ouder in de regie van het zorgtraject wegnemen. Empowerment van ouders is aangewezen om de regie te kunnen voeren in thuis- en schoolmilieu. Er gaat heel veel ouderinzet naar de schoolse prestaties, waardoor de thuisbegeleiding in de verdrukking komt.
Ook rijst de vraag of de scholen, zelfs met hun recente opdrachten rond zorgbeleid, wel altijd voldoende kunnen inspelen op de noden van een ADHD-kind. Er is nood aan betere communicatie (inclusief concrete afspraken rond verwachtingen én engagementen) en betere samenwerking tussen ouders, school en zorgsector. Bovendien moet de mogelijke participatie van het CLB (Centra voor Leerlingenbegeleiding) hierin verder worden uitgeklaard.
De brochure ‘ADHD: een pleidooi voor gedeelde zorg’ is een bundeling van de knelpunten en voorstellen die de deelnemers aan het traject hebben geformuleerd. Ze plaatst die niet alleen in een breder kader, ze besteedt ook aandacht aan de talrijke initiatieven die her en der worden genomen.

Twintig knelpunten en aanbevelingen rond ADHD

ADHD in media en maatschappij
1. Kinderen, jongeren en volwassenen met ADHD moeten een stem krijgen. Ze moeten meer worden betrokken bij de maatschappelijke discussie rond ADHD en inspraak krijgen in het beleid.
2. Sportfederaties, jeugdbewegingen en verenigingen moeten ondersteund worden bij hun inspanningen om kinderen en jongeren met een ontwikkelingsstoornis te integreren in hun activiteiten.
3. De media worden opgeroepen een evenwichtig beeld te schetsen over ADHD en over het gebruik van medicatie. Ook de positieve aspecten van ADHD mogen meer in de verf worden gezet.
ADHD, van diagnose tot behandeling

De negatieve spiraal doorbreken
4. ADHD moet ernstig worden genomen. Het is meer dan een ‘goedaardige gedragsvariant’.
5. Een gemotiveerd verslag bij diagnose is belangrijk. Naast de diagnose geeft het een beschrijving van de specifieke beperkingen van het kind, evenals zijn of haar sterke kanten. Het gemotiveerd verslag moet de basis vormen voor een zorgplan thuis, op school en daarbuiten.

Puzzelwerk voor specialisten
6. Een ADHD-diagnose wordt bij voorkeur gesteld door een multidisciplinair team. Het aantal stafmedewerkers in deze centra moet worden uitgebreid zodat de wachtlijsten krimpen. Ook een betere regionale spreiding van deze centra is gewenst.

Behandeling stoelt op verscheidene pijlers
7. De medische wereld en de wetenschappers worden opgeroepen meer onderzoek te doen naar de oorzaken en behandeling van ADHD, en actuele informatie en onderzoeksresultaten sneller vrij te geven aan alle betrokkenen.
8. Een behandeling van ADHD met geneesmiddelen hoort thuis in een breder zorgtraject. Medicijnen alleen volstaan niet.
9. De behandeling van ADHD is te duur. In de eerste plaats moet de medicatie uitgebreider worden terugbetaald, maar ook de kostprijs van andere therapievormen en begeleiding ligt voor veel gezinnen te hoog.

Regie van de zorg
10. De behandeling en begeleiding van ADHD moet aangepast zijn aan de draagkracht en capaciteiten van het gezin en de ouders. De ouders moeten de coördinerende rol blijven opnemen in het zorgtraject, maar vaak moeten ze daarin beter worden ondersteund. Mogelijk kan de huisarts hierin een rol spelen.
11. De hulpverlening rond ADHD is meestal niet afgestemd op de sociaal-economisch zwakkeren. Voor hen dient de drempel tot hulpverlening verlaagd te worden.

ADHD op school
De zorgzame school
12. Er is nood aan een betere omkadering in de school opdat kinderen en jongeren met ADHD zo goed mogelijk kunnen functioneren in het gewone onderwijs. Een hele reeks van mogelijke maatregelen werd opgesomd: kleinere klasgroepen of een verruiming van de omkadering; openstellen van het Geïntegreerd Onderwijs (GON) voor kinderen met ADHD; leer- en ontwikkelingsstoornissen opnemen als criterium voor zorgverbreding in het decreet Gelijke Onderwijskansen (GOK); betere omkadering van CLB's; financiële middelen voor ontwikkeling en distributie van didactische hulpmiddelen, specifiek voor ADHD-kinderen.
13. Ouders van ADHD-kinderen verlangen van school en leerkracht in de eerste plaats acceptatie, begrip en een positieve houding zodat het kind kansen krijgt om zich te ontplooien. De leerkracht is geen diagnosticus, wel een sleutelfiguur in het hele zorgtraject.
14. Leerlingenzorg dient een gezamenlijke verantwoordelijkheid te zijn waarin alle betrokken partijen kind/jongere, ouder, school, CLB en zorgverstrekker - hun plaats en aandeel hebben.
Goed gestart … het eerste gesprek
15. Openheid en vertrouwen tussen school en ouders zijn ontzettend belangrijk. Liefst is die openheid er al tijdens de aanmelding of inschrijving van het kind of de jongere. Alleen als de school vertrouwen wekt, zullen de ouders geneigd zijn volledig open kaart te spelen.
16. De overgang van de ene school naar de andere, van het basisonderwijs naar het secundaire of van het ene schoolnet naar het andere verloopt vaak problematisch voor een kind met ADHD. Toch kan het anders… als iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt, openheid nastreeft en leerlingendossiers vlotter worden uitgewisseld.
Anticiperen en goede afspraken maken
17. Zorg op school is gebaat bij een goed uitgewerkt zorgbeleid.
18. Ouders en zorgverstrekkers zouden meer betrokken moeten worden bij het zorgbeleid op school.
Opleiding in omgaan met …
19. In de opleiding van elke leerkracht en opvoeder moet een module ADHD worden opgenomen. Bovendien is er grote nood aan nascholing.

Rol van het CLB
20. CLBs moeten verder uitklaren wat hun rol is bij de diagnose en begeleiding - binnen en buiten de school - van kinderen en jongeren met ADHD.

www.kbs-frb.be
www.mijnbijzonderbrein.be

zie ook artikel : ADHD - Aandachtsstoornis met hyperactiviteit

Financiële steun voor ADHD-initiatieven

De Koning Boudewijnstichting lanceert een oproep voot multidisciplinaire initiatieven die de ontwikkelingskansen van kinderen en jongeren met ADHD verbeteren. Bijzondere aandacht gaat naar projecten die oog hebben voor de ‘bijkomende stoornissen’ waarmee 85% van de kinderen en jongeren met ADHD hebben af te rekenen (gedrags-, leer-, angst-, … stoornissen).
De oproep is gericht aan alle personen, organisaties of instellingen die een project voorstellen dat de grenzen van hun eigen organisatie (oudervereniging, school, zorg, jeugdwerk …) overstijgt.
- ADHD-verenigingen, ADHD-ouderverenigingen, ADHD-expertisecentra, etc.
- Scholen (leerkrachten en directies), ouderverenigingen, onderwijskoepels, jeugd- en sportverenigingen, organisatoren van jeugdkampen etc.
- Centra voor Leerlingenbegeleiding, (beroeps)verenigingen van zorgverstrekkers (artsen, psychiaters, psychologen, orthopedagogen, kinesisten, logopedisten …), Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg, Centra voor Ontwikkelingsstoornissen, multidisciplinaire diagnose- en begeleidingsteams, individuele zorgverstrekkers etc.
- Organisaties en instellingen uit de Bijzondere Jeugdzorg, aanvullende en ondersteunende diensten in ouder- en opvoedingsbegeleiding, etc.
- Alle organisaties of instellingen die op een of andere manier rond deze problematiek werken.

De projecten moeten:
- Als doel hebben de ontwikkelingskansen van kinderen en jongeren met ADHD te verbeteren.
- Oog hebben voor de comorbide stoornissen die vaak met ADHD optreden.
- Een multidisciplinair karakter hebben en de samenwerking tussen verschillende betrokkenen (ouders, school, CLB, zorg …) bevorderen.
- Inspelen op knelpunten, ideeën en voorstellen die werden ontwikkeld tijdens het dialoogtraject (zie brochure ADHD: een pleidooi voor gedeelde zorg).
- De mogelijkheid in zich dragen om uit te groeien tot voorbeelden van ‘goede praktijk’. Die met andere woorden inspirerend werken en navolging kunnen krijgen bij andere betrokkenen die met de problematiek van ADHD in aanraking komen.

Info: www.kbs-frb.be
070-233 065
proj@kbs-frb.be
De projecten moeten voor 10 juli worden ingediend.




ad


pub