ad

Afantasie: wanneer je geen mentale plaatjes kan zien

Laatst bijgewerkt: januari 2021
123-hoofd-hersenen-9-21.jpg

nieuws Wat als je helemaal geen beelden kunt oproepen bij het denken aan bijvoorbeeld een paradijselijk strand en je je zelfs het gezicht van een geliefde niet voor de geest kunt halen? Dan heb je waarschijnlijk afantasie, een aandoening waar pas de laatste jaren aandacht voor is. Een nieuwe Amerikaanse studie biedt boeiende inzichten over de precieze kenmerken van afantasie. 

Afantasie wordt in de eerste plaats gedefinieerd als het onvermogen tot mentale visualisatie, maar normaal kunnen afantasten zich ook geen andere zintuiglijke waarnemingen – geuren, texturen, smaken of geluiden – inbeelden of herinneren. Het fenomeen werd al voor het eerst beschreven in 1880, maar pas in de laatste vijf jaar wordt er systematisch onderzoek naar verricht. Volgens schattingen heeft 2 à 3% van de bevolking de aandoening. Afantasie kan genetisch bepaald zijn, wat betekent dat mensen er mee geboren worden, maar wordt soms ook veroorzaakt door een hersenletsel. Bepaalde wetenschappers geloven dat psychologische problemen, zoals angsten of depressie, eveneens aan de basis kunnen liggen. 
Wel fantasie
Meestal hebben afantasten heel weinig last van de aandoening en dikwijls zijn ze er zich helemaal niet van bewust. Mensen met afantasie hebben, in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, geen gebrek aan fantasie. Zo had de Amerikaanse animator Glen Keane afantasie, maar dat hield hem niet tegen om onder meer het Disney-personage van Ariël, De Kleine Zeemeermin, vorm te geven. Wel maakt de aandoening het voor afantasten vaak extra zwaar om het overlijden van een dierbare te verwerken, omdat ze geen beelden kunnen koppelen aan hun herinneringen van die persoon. 
Verschil met ruimtelijk geheugen
Om een beter beeld te krijgen van de kenmerken van afantasie, zetten onderzoekers van de Amerikaanse Universiteit van Chicago recent een experiment op met 61 afantasten en 52 mensen zonder de aandoening. Ze lieten hen allemaal foto’s van drie verschillende kamers zien, en vroegen om die na te tekenen, een keer uit het hoofd en een keer met de foto erbij. 

Terwijl mensen zonder de aandoening bij het uit het hoofd tekenen vaak details opnamen, zoals een groen tapijt, waren die tekeningen van afantasten veel eenvoudiger. Ze konden wel een paar voorwerpen op de juiste plek plaatsen, maar hun afbeeldingen waren in het algemeen bijzonder simpel en gevuld met schriftelijke beschrijvingen. Zo werd een ruit van op de foto in een tekening een rudimentaire vorm met het woord ‘raam’ er in geschreven. Afantasten beschikken dus inderdaad maar over een heel beperkt visueel geheugen, maar hun ruimtelijk geheugen lijkt wel goed te functioneren. Dat komt waarschijnlijk omdat de twee zaken op verschillende plaatsen in het brein worden verwerkt. 

Lees ook: Hunker naar sociaal contact gelijkaardig aan honger

Geen valse herinneringen
Interessant was ook dat afantasten minder fouten maakten in hun tekeningen, omdat ze geen last hebben van ‘valse herinneringen’. Mensen zonder de aandoening plaatsten geregeld voorwerpen die niet op de foto’s stonden toch in de kamer, bijvoorbeeld een piano. Waarschijnlijk raakten ze in de war door visuele herinneringen aan andere kamers. Omdat afantasten hun gebrek aan inbeeldingsvermogen deels compenseren met andere mentale strategieën, konden ze de taak uitvoeren met minder onjuistheden.

Toen ze de foto’s erbij mochten nemen, waren de afantasten even goed in staat om de voorstelling na te tekenen. Dat is in lijn met eerdere vaststellingen dat de aandoening het herkenningsvermogen niet aantast. Afantasten kunnen dus altijd perfect hun geliefde herkennen, maar kunnen zich hun gelaatstrekken niet meer concreet voor de geest halen wanneer die geliefde uit hun zicht verdwijnt.
Om te achterhalen wat er zich precies afspeelt in het brein van afantasten, zijn de Amerikaanse onderzoekers van plan om in een volgende studie MRI-scans van hun hersenen te bestuderen. Zo hopen ze specifieke mechanismen achter de aandoening te kunnen identificeren. 

Aan de Universiteit van Luik loopt eveneens een onderzoek naar afantasie, waartoe je kan bijdragen door een (anonieme) vragenlijst in te vullen: https://survey.alchemer.eu/s3/90302445/Afantasia

Bronnen:
https://news.uchicago.edu
https://www.scientias.nl
https://radio1.be
https://wetenschap.infonu.nl
https://www.sciencedirect.com

Lees ook: Wat doet liefde met onze hersenen?


bron: Andy Furniere - gezondheidsjournalist

Wil je onze artikels graag ontvangen in je mailbox?

Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief.

eenvoudig terug uit te schrijven
Wij verwerken jouw persoonsgegevens conform het Privacy-beleid van Gezondheid NV / Mediahuis.
ad
volgopfacebook

volgopinstagram

pub