ad
Voor jou gelezen op Het Nieuwsblad

“Behandeling van slaapapneu moet meer thuis gebeuren”

Laatst bijgewerkt: juli 2020
123_slaap_apneu.jpg

nieuws Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) roept op om slaapapneu zoveel mogelijk thuis te behandelen. Het is comfortabeler en het leunt veel dichter aan bij de normale slaapomstandigheden. Ook het instellen van het CPAP-apparaat, dat het syndroom behandelt, moet bij de patiënt thuis kunnen, klinkt het.

zie ook artikel : Wat is slaapapneu en hoe kan je het voorkomen en behandelen?

Obstructief slaapapneusyndroom (OSAS) is een vrij veel voorkomende slaapstoornis. Door een obstructie in de bovenste luchtwegen stopt de slaper gedurende een aantal seconden met ademen. OSAS kan veel oorzaken hebben, onder andere een vernauwing van de luchtwegen, vaak door een teveel aan vet. Overgewicht en ouder worden zijn zeer belangrijke risicofactoren. Het zijn daarbij meestal mannen (75 procent) die ermee kampen.

De diagnose wordt vastgesteld door een slaaptest, waarvoor patiënten een nachtje naar het ziekenhuis moeten. De huidige wetgeving voorziet namelijk enkel in een terugbetaling als de test in het ziekenhuis wordt afgenomen. Dit zorgmodel is echter zwaar en duur, klinkt het bij het KCE.
Belangrijke rol van huisartsen
Op basis van het zorgmodel van vijf andere landen (Duitsland, Groot-Brittannië, Finland, Frankrijk en Nederland) stelt het KCE een aantal mogelijkheden voor om de behandeling van OSAS te hervormen.

Thuisdiagnose moet zoveel mogelijk worden aangemoedigd, tenzij bij vermoeden van een ‘complexe’ OSAS, waarbij patiënten ook hartproblemen of een neuromusculaire aandoening hebben. Ook het instellen van het CPAP-apparaat, een toestel dat tijdens de slaap lucht in de luchtwegen blaast om OSAS te behandelen, moet volledig bij de patiënt thuis kunnen.

Het KCE wil voorts dat huisartsen een grotere rol spelen bij de behandeling van slaapapneu. Zij zouden bij een vermoeden van slaapapneu een slaaptest moeten kunnen voorschrijven en de behandeling moeten kunnen opvolgen. Nu kan enkel een arts-specialist dat.

Artikel uit Het Nieuwsblad
bron: https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20200703_91801594

Het Nieuwsblad
ad


pub