Ochtend- of avondmens? VUB-wetenschappers ontdekken twee nieuwe chronotypes

Laatst bijgewerkt: september 2019
123-dutje-biolog-klok-slaap-bureau-moe-08-19.jpg

nieuws

Onderzoek aan de Vrije Universiteit Brussel, het Brugmann Ziekenhuis en de Russian Academy of Sciences heeft aangetoond dat er naast de gekende ‘ochtend’- en ‘avondmensen’ er wellicht nog twee andere types bestaan: het ‘dutterstype' – dat zijn mensen die vooral voor en na de lunchpauze een dipje in alertheid kennen - en het ‘namiddagtype’ dat net rond het middaguur het minst slaperig is. Deze resultaten betekenen volgens de onderzoekers een doorbraak en kan mensen onder meer helpen om hun werk-of studeertijd beter in te plannen om hun productiviteit en welzijn te verhogen. 

Voor dit onderzoek werd via een online enquête bij 1305 mensen gepeild naar hun slaapgewoontes en hun niveau van slaperigheid doorheen de dag. Om dat te bepalen, kregen de deelnemers verschillende willekeurige tijdstippen te zien tijdens de bevraging en werden ze telkens gevraagd om aan te geven hoe slaperig ze zich (denken te) voelen op die specifieke momenten.

Op basis hiervan konden de onderzoekers 4 verschillende patronen, ofwel chronotypes, onderscheiden. Ten eerste is er het ochtendtype, die aangeven zich het minst slaperig te voelen aan het begin van de dag. Ten tweede is er  het avondtype die in tegenstelling tot ochtendmensen net zeer laat op de dag alerter zijn. Ten derde ontdekten de onderzoekers voor het eerst dat er de zogenaamde ‘dutters’ zijn die vooral tussen 14u en 16u slaperig zijn en ’s ochtends en ’s avond op hun actiefst zijn. Tot slot is er ook nog het namiddagtype die net vlak voor de middag  tot vlak voor de avond het meest alert zijn.

Pieken en dalen kunnen inschatten
Het bewijs voor het bestaan van meer dan twee chronotypes is niet alleen wetenschappelijk interessant, maar kan ook een verschil betekenen in het dagelijkse leven van het grote publiek:

“Na eerdere experimenten met onder andere fruitvliegjes werd al vermoed dat er meer bestaat dan alleen de ochtend- of avondtypes of een tussenvorm van de twee. Wat dit onderzoek ons vooral leert is dat, naast een grotere diversiteit in chronotypes we zouden kunnen inspelen op onze productiviteitspieken om zo optimaal mogelijk te werken bijvoorbeeld. Concreet betekent dit dat bedrijven hun shifts of ploegen kunnen invullen met werknemers wiens chronotype het best overeenstemt met de periode van die shift. Of werknemers meer autonomie te geven zodat ze kunnen werken tijdens hun piekmomenten. Het is natuurlijk ook interessant voor de studenten die momenteel volop in de examens zitten. Kies dus het ritme dat voor jou het beste werkt, dat zal je motivatie en productiviteit ten goede komen” vertelt Prof. dr. Olivier Mairesse.




pub