Vlaming ervaart meer geluidshinder van verkeer

Laatst bijgewerkt: februari 2019
123-geluid-lawaai-verkeer-auto-03-19.jpg

nieuws

In 2018 voerde het Departement Omgeving een schriftelijk leefomgevingsonderzoek uit dat peilde naar de hinder die de Vlaming ondervindt van geluid, geur en lichtvervuiling.

Uit het onderzoek blijkt dat geluid de voornaamste bron van hinder is: 29% van de Vlamingen gaf aan zich gehinderd te voelen door geluid, 15% door geur en 7% door licht.
Het was het vijfde onderzoek van het Departement Omgeving  in een reeks van identieke enquêtes die sinds 2001 worden afgenomen. De vraagstelling is bij elke enquête vrijwel identiek, zodat het mogelijk is de ervaren hinder te vergelijken met voorgaande enquêtes en eventuele tendensen op te sporen. 

Hoewel de algemene tevredenheid over de leefkwaliteit toeneemt, is het opvallend dat de geluidshinder die wordt ervaren door straatverkeer na vele jaren van afname voor het eerst toeneemt. Uit de bevraging blijkt dat geluid de voornaamste bron van hinder is: 29% van de Vlamingen gaf aan zich gehinderd te voelen door geluid, 15% door geur en 7% door licht. 

Geluidshinder
Verkeer is veruit de voornaamste bron van geluidshinder (31%), gevolgd door burenlawaai (17%), industriële (15%), recreatieve (13%) en landbouw (6%) activiteiten.

Erg opvallend is de belangrijke toename, ten opzichte van vorige peiling uit 2013, van de geluidshinder die wordt ondervonden van straatverkeer (stijgt van 22,4% in 2013 naar 27,6% in 2018), en dit na vele jaren van afname (van 29,9% in 2001 over 27,3% in 2004 tot 25,1% in 2008). Een vergelijkbare evolutie is er op vlak van geurhinder door straatverkeer en de perceptie over de drukte van het verkeer in de woonomgeving. In minder mate valt ook opnieuw een toename van geluidshinder van luchtverkeer (van 5,0% in 2013 naar 6,4% in 2018) op na jaren van afname (komende van 9,0% in 2001). Ook opvallend is dat vier op de tien ondervraagden aangeven dat zij hun buurt omschrijven als een buurt met veel tot zeer veel verkeer. Dit aandeel ligt merkelijk hoger dan bij de vorige peiling in 2013 (28%). Geluidshinder van treinverkeer vertoont een voorzichtig positieve trend, want daar waar in 2001 nog 3,8% van de respondenten aangaf hierdoor gehinderd te zijn, is dat in 2018 nog maar 2,6%. Ook de slaapverstoring als gevolg van treinverkeer lijkt te zijn gedaald, van 4,7% in 2004 tot 3,8% in 2018.

Bij burenlawaai zijn de meest hinderlijke activiteiten huisdieren (7,8%), tuinonderhoud (4,3%) en doe-het-zelf-activiteiten (4,0%). 

Onder industriële activiteiten valt onder meer de stijgende trend van geluidshinder van bouw- en sloopactiviteiten op (van 4,7% in 2001 naar 6,8% in 2013 tot 8,6% in 2018). Het laden en lossen van vrachtwagens is ook een belangrijke bron van geluidshinder binnen de categorie industriële activiteiten. Ze is gestegen van 4,2% in 2013 naar 6,0% in 2018. 

Recreatieve activiteiten die geluidshinder veroorzaken zijn onder meer muziek in auto’s (5,3%, waar dit in 2004 nog 8,1% bedroeg) en mensen op straat (5,2%). 

Opmerkelijk ook is de gestage toename van hinder door het geluid van landbouwwerktuigen: van 2,2% in 2001 over 3,2% in 2008 tot 4,6% in 2018.

Geluidshinder is één van de thema’s waar met gezonde publieke ruimte op wordt ingezet. Meer info op www.gezondepubliekeruimte.be.

Geurhinder
In vergelijking met de eerste peiling uit 2001 ondervinden steeds minder Vlamingen geurhinder van allerhande activiteiten. Belangrijke uitzondering hierop is de rook uit schoorstenen, die door steeds meer Vlamingen als hinderlijk wordt ervaren. 

Opvallend is dat in 2018 één op de tien Vlamingen (10,4%) aangeeft hinder te ondervinden van de geur van rook afkomstig uit de schoorsteen van buren. Deze bron was voor de eerste keer opgenomen in de peiling van 2004, en het aandeel geurgehinderden van deze bron bedroeg toen ‘slechts’ 4,3%. Sindsdien is dit percentage gestegen naar 5,9% in 2008, 7,4% in 2013 tot de 10,4% in 2018. Daarnaast kan over de voorbije 5 jaar een stijging van het aantal gehinderden door geur van straatverkeer worden opgemerkt (van 8,2% in 2013 naar 10,4% in 2018). 

Wat betreft lichtvervuiling tonen de resultaten een toename van hinder van verlichting van gemeente- en gewestwegen, terwijl de verlichting van autosnelwegen daarentegen steeds minder als bron van lichthinder wordt vermeld.

U kunt het ‘Eindrapport schriftelijk leefmilieu onderzoek 4’ hier downloaden


pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt