Skiletsels : andere letsels dan vroeger

Laatst bijgewerkt: november 2015

dossier Met de verbetering van het skimateriaal en de toenemende populariteit van nieuwe skivormen zoals skisurfen en snowboarding, stelt men ook een verschuiving in aantal en soort skiletsels vast.

Door de verbetering van het materiaal, en dan vooral de bindingen, vermindert het aantal letsels aan de onderste ledematen (voet, enkel en scheenbeen) stelselmatig, aldus prof. Romain Meeusen van de Dienst Sportgeneeskunde van de VUB. De knieletsels, die soms ernstige gevolgen kunnen hebben, blijven daarentegen nagenoeg constant of hebben zelfs de neiging om licht toe te nemen. Ongeveer één op vijf skiletsels hebben tegenwoordig te maken met de knie.

Als gevolg van de daling van het aantal onderbeenletsels is het aantal letsels van de bovenste ledematen proprotioneel toegenomen. Hier is de zogeheten skiduim de meest voorkomende blessure.

2. Oorzaken

ski-man-170.jpg
Ongeveer twee op tien ongevallen zijn een gevolg van een botsing, vaak tegen hoge snelheid. In slechts één op tien gevallen is de blessure een gevolg van een valpartij, zo stelt prof. Meeusen.

• Een fel onderschatte oorzaak van ski-ongevallen is de vermoeidheid. "De meeste ongevallen gebeuren in de namiddag. Volgens sommige studies zou dit te maken hebben met alcoholgebruik tijdens de middag, maar dit is nooit afdoend bewezen. Wat daarentegen wél vaststaat is dat veel recreatieskiërs op het einde van de skidag te kampen hebben met een zogeheten hypoglycemie, een tekort aan suikers in hun bloed omdat ze in de loop van de dag te weinig koolhydraten hebben gegeten. Dit leidt onvermijdelijk tot vermoeidheid, wat het risico op ongevallen sterk verhoogt," aldus Meeusen.

Als je voelt dat je vermoeid raakt, doe je er daarom goed aan een rustpauze te voorzien. En van die gelegenheid gebruik te maken om even wat te eten (bv. energierepen, chocolade, enz.), maar vooral om wat te drinken.

• Sporten in een koude omgeving zorgt namelijk voor een groot vochtverlies. In een koude, droge vrieslucht verdampt het zweet immers zeer gemakkelijk waardoor men nauwelijks merkt dat men zweet. Bovendien bestaat de meeste skikleding tegenwoordig uit ‘ademende’ materialen. Het thermoregulerend ondergoed voert het zweet snel van de huid weg en de beschermende buitenlagen zorgen voor een aangename ventilatie. Het gevolg is dat je al echt zeer hard moet gaan om toch nog een bezweet en klam gevoel te krijgen. Verder weten veel mensen niet eens dat je gewoon door te ademen ook veel vocht kwijtraakt. De wolkjes die je op sommige winterochtenden voor je uit kunt blazen, zijn het resultaat van de waterdamp in de uitgeademde lucht.

Vermijd echter om alcohol te drinken. Dit zorgt misschien even voor een warm gevoel. Maar alcohol is een slechte dorstlesser omdat het het lichaam stimuleert om vocht af te scheiden. Licht benevelde personen voelen de effecten van koude bovendien minder snel en gedragen zich ook roekelozer op de skipiste.

zie ook artikel : Sporten in de winter: onderkoeling dreigt (hypothermie & winterkoude)

3. Bescherm uw huid

persoon-ski.jpg
Dat we onze huid in de zomer moeten beschermen tegen overdreven zonlicht, weet ondertussen het kleinste kind. UV-stralen drogen de huid niet alleen uit en versnellen de huidveroudering, maar verhogen ook het risico op huidkanker.
In de bergen moet men zich zo mogelijk nog beter beschermen tegen de UV-straling van de zon. Hoe hoger men gaat, hoe meer UV-stralen (gemiddeld 4% meer per 300 m, wat betekent dat op een hoogte van 2.000 m er bijna 30% meer UV-stralen zijn). Bovendien worden die stralen ook nog eens weerkaatst door de sneeuw. De koude en de wind zorgen er bovendien voor dat we minder snel voelen dat de zon brandt, waardoor we kunnen verbranden zonder het zelf te merken.
Gebruik dus ook bij het skiën een zonnecrème met een voldoende hoge beschermingsfactor (factor 10 of meer) die zowel een UV-A als een UV-B- filter bevat (de zg. ‘écran total’).
Ook een bescherming van de lippen, handen en voeten tegen de koude is zeker geen overbodige luxe.

Regelmatig aanbrengen van een beschermende lippencrème (vier, vijfmaal per dag) kan gesprongen en gekloven lippen voorkomen.

Kloven in de handen - een probleem waarmee vooral vrouwen hebben te maken omdat ze meer dan mannen met water en zeep omgaan - kunnen voorkomen worden met een goede handcrème, op voorwaarde dat men ze tenminste vijf, zes keer per dag aanbrengt. In tegenstelling tot wat sommigen misschien denken, verhoogt het dragen van rubberen handschoenen bij de afwas, het risico op kloven, omdat de huid van de handen op die manier juist week en vochtig wordt en verder uitdroogt onder het rubber. Veel efficiënter is het om onder de rubberen handschoenen een paar lichte, katoenen handschoenen te dragen.

zie ook artikel : Winterkoude en de huid

4. Skiën en knieletsels: hoe lang nog onafscheidelijk?

De klassieke "gipsvoet"' van eertijds heeft in het straatbeeld van de skioorden plaats gemaakt voor de veel meer imponerende kniebraces. In de zestiger en zeventiger jaren was dat nog hoofdzakelijk wegens beschadiging van de collaterale ligamenten van de binnenknie. Dit laatste nam slechts af met het invoeren van skibindingen die vooraan in dwarse richting meegeven.

Vandaag is het meestal een kruisbandkwetsuur, voornamelijk door het achterwaarts hellen van de skiër. Bij het bruusk terug recht trekken van de romp, komen de knieën onder hevige spanning waarbij de voorste kruisband overbelast wordt.

Dit komt vooral voor bij het slecht neerkomen na een sprong, waarbij men door evenwichtsverlies achterwaarts helt. Hierbij raakt het achtereinde van de ski's het eerst de grond en worden de voeten langs de bindingen om afgeremd. Hierdoor wordt het onderbeen voorwaarts gedrukt, dus van de romp weg. Dit veroorzaakt een "schuifladebeweging van de knieën" en resulteert in een overbelasting van de voorste kruisband.
Bewegingsanalyses met video doen vermoeden dat de voorste kruisband reeds voor het eigenlijk neervallen scheurt. Het is het daarop volgend gevoel van instabiliteit en de hevige pijn die de skiër uiteindelijk doen vallen. Deze situatie komt vooral bij gevorderde skiërs voor. Beginnelingen laten zich eerder naar achter vallen, waardoor de knieën terzelfdertijd gebogen en naar binnen geroteerd worden. Dit leidt weer tot een "schuifladebeweging" van de kniën met het gekende gevolg.

Dergelijke kwetsuren zouden te voorkomen zijn door middel van een flexibele of elastische verbinding tussen ski en schoen, zo zegt prof. Bart Van Gheluwe van het Hoger Instituut voor Lichamelijke Opvoeding en Kinesitherapie van de VUB. "Hierdoor wordt de krachtwerking op het onderbeen bij het achterwaarts hellen of vallen vertraagd en verminderd zodat de voortste kruisband minder onder spanning komt."

Helaas is de stijve en vaste tip van de huidige skischoenen hier niet erg geschikt voor, aldus Van Gheluwe. De kunststoffen waaruit ze bestaan, zijn thermoplastisch waardoor moeilijk de gewenste elasticiteit bekomen wordt.

Daarom poogt men het probleem nu op te lossen door speciale skibindingen te ontwerpen die in horizontale en verticale richting mee bewegen. "Hoewel dit soort bindingen wegens het eerder experimenteel karakter nog niet erg gebruikelijk is, is het toch te hopen dat een nieuwe generatie van skibindingen het aantal kniekwetsuren gevoelig zal kunnen terug dringen," aldus nog Van Gheluwe.

externe link : Werkgroepverder.be

5. Skiduim, geen banale verstuiking

ski-landschap.jpg
De skiduim is het meest voorkomende skiletsel aan de bovenste ledematen. Vaak wordt dit afgedaan als een banale verstuiking en wordt een nauwkeurig onderzoek weken uitgesteld. Nochtans is een skiduim niet onschuldig. Ernstige, niet behandelde duimkwetsuren kunnen zorgen voor een chronische instabiliteit van de duim en voor vervroegde artrose van het getroffen gewricht.

Bij een skiduim is de gewrichtsband aan de binnenkant van het basisgewricht tussen het middenhandsbeentje en het basiskootje van de duim gekwetst. Meestal ontstaat het letsels doordat men tijdens het skiën een val tracht op te vangen terwijl men de skistok nog vasthoudt. Hierbij spreidt men automatisch de duimen, waardoor de binnenste gewrichtsband kan scheuren.

Bij een volledige scheur is een spontane heling onmogelijk en is een chirurgische ingreep noodzakelijk om de normale werking van de duim te herstellen. "Indien men een volledige scheur alleen maar immobiliseert, b.v. met een gips of een verband, vormt er zich littekenweefsel dat de gewrichtsband zodanig verlengt dat hij geen nut meer heeft voor de stabiliteit van het gewricht," aldus dr. Luc De Smet van het Universitair Ziekenhuis van Leuven. "Het gevolg is dat het gewricht nadien bij elke krachtige greep verwrongen wordt. Dit is pijnlijk en kan ook vochtuitstortingen en zwellingen veroorzaken. Bovendien wordt door de veelvuldige abnormale bewegingen het kraakbeen van het gewricht beschadigd, wat tot vroegtijdige artrose leidt."

Hoe te herkennen ?

• Na de valpartij is de duim meestal pijnlijk en gezwollen. Vaak treedt er een bloeding op rond het gewricht. De zwelling kleurt dan eerst rood en vervolgens blauw. In de volgende dagen kan deze kleur evolueren tot diepblauw en zwart bij ernstige bloedingen.
• Elke beweging van de duim is pijnlijk, vooral wanneer men deze naar buiten duwt. Bij ernstige letsels kan het gevoel aan de binnenzijde van de duim verminderd of zelfs verdwenen zijn.
• Na enkele dagen ontzwelt de duim en concentreert de pijn zich voornamelijk aan de binnenzijde van de duim. In de loop van de volgende weken neemt de pijn geleidelijk af. Hierin schuilt echter het verraderlijke karakter van dit letsel, vermits dit het valse idee kan geven dat het letsel herstelt is. Pas later, wanneer men de duim weer intensiever gebruikt, komen de pijnklachten terug.
• Soms is de gewrichtsband niet gescheurd, maar is een stukje bot van één van de kootjes afgerukt. Om deze reden wordt bij het onderzoek van een dergelijk letsel altijd een radiografie gemaakt.

Behandeling

• Bij bloeding en zwelling moet men de gekwetste hand onmiddellijk zo hoog mogelijk houden. Hoe hoger, hoe beter.
• Vervolgens moet men aandacht besteden aan een efficiënte pijnbestrijding. Dr. De Smet: "Dit gebeurt best door het gewricht met ijs af te koelen en door enkele dagen een drukverband of een gips aan te leggen.

• Indien de gewrichtsband volledig gescheurd is, is een chirurgisch herstel absoluut noodzakelijk. Dit moet binnen de 12 dagen gebeuren. De ingreep wordt onder lokale verdoving uitgevoerd. Meestal gebeurt dit ambulant (dus zonder opname in het ziekenhuis). Indien men langer wacht, kunnen de gescheurde uiteinden van de gewrichtsband niet meer gehecht worden. In dit geval moet deze gereconstrueerd worden met een peesstrook. Dit soort ingrepen is moeilijker en geeft minder goede resultaten."

• Bij handarbeiders of mensen die als gevolg van een dergelijk letsel reeds artrose hebben, kan het soms noodzakelijk zijn het gewricht te blokkeren (artrodese). Hiervoor worden de kraakbeenvlakken van het gewricht chirurgisch verwijderd en laat men de beentjes vervolgens in een bepaalde stand aan elkaar vastgroeien.

Is preventie mogelijk ?

Aangepast materiaal is belangrijk. Zo hebben b.v. aangepaste skischoenen en -bindingen het aantal enkelkwetsuren drastisch doen afnemen.
Voor gewrichtsletsels aan de duim heeft het aanpassen van het handvat van de skistok echter niet het verhoopte resultaat gehad. De anatomisch gevormde handvatten bieden b.v. niet voldoende bescherming voor de zijdelings opengesperde duimen.
Er wordt, naar analogie met de bindingen op de skilatten, ook gezocht naar een mechanisme waarbij de skistok tijdens de val niet meer aan de hand of pols gefixeerd blijft. Bij een val klemt men echter bijna steeds in een reflex de skistokken stevig vast, met alle gevolgen vandien.

Voor mensen die reeds een duimletsel opgelopen hebben, bestaan er steunverbanden in kunststof (= orthese). Deze orthese wordt individueel gemaakt, past rond de skistok en geeft een extra steun aan het duimgewricht.



verschenen op : 20/02/2003 , bijgewerkt op 03/11/2015


pub