Zwangerschapshypertensie: hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap

Laatst bijgewerkt: October 2016

dossier Een hoge bloeddruk of hypertensie tijdens de zwangerschap is een belangrijke oorzaak van soms ernstige zwangerschapscomplicaties die kunnen leiden tot een vroeggeboorte en zelfs tot de dood van moeder en/of kind.

Meestal merkt u weinig of niets van een hoge bloeddruk. Daarom is het belangrijk dat uw bloeddruk in het begin en tijdens de hele duur van de zwangerschap regelmatig wordt gemeten. Normaal gebeurt dat bij elke zwangerschapscontrole.

Indien tijdens de zwangerschap een verhoogde bloeddruk wordt vastgesteld, zal u extra opgevolgd worden en kan een behandeling nodig zijn. Soms kunnen ernstige complicaties optreden, zoals pre-eclampsie, en moet u in het ziekenhuis worden opgenomen.

Hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap

123-zw-buik-RR-hypertensie-170-02.jpg
Men spreekt van hypertensie tijdens de zwangerschap bij bloeddrukwaarden gelijk aan of hoger dan 140 mmHg systolisch en/of 90 mmHg diastolisch.
Milde hypertensie : 140-149/90-99 mmHg
Matig ernstige hypertensie : 150-159/100-109 mmHg
Ernstige hypertensie : = 160/110 mmHg.
Men maakt een onderscheid tussen 'chronische hypertensie' die reeds bestond voor de zwangerschap of die ontstaat in de eerste weken van de zwangerschap, en zwangerschapshypetensie die ontstaat na de 20ste zwangerschapsweek bij een vrouw die voor de zwangerschap een normale bloeddruk had.

Zwangerschapshypetensie
• bloeddruk van 140 mmHg of meer systolische of bovendruk en/of 90 mmHG of meer diastolische of bovendruk (minstens tweemaal gemeten),
• die ontstaat na de 20ste zwangerschapsweek (meestal in de periode rond de bevalling, soms pas 3 tot 6 dagen na de bevalling),
• bij een vrouw die voordien een normale bloeddruk had.
• Na de bevalling zakt de bloeddruk over het algemeen weer snel naar normale waarden binnen de 6 weken na de bevalling.
Zwangerschapshypertensie zou optreden bij 5 à 10 % van alle zwangerschappen en bij 10 à 15 % eerste zwangerschappen.

Chronische hypertensie
• Bloeddruk gelijk aan of hoger dan 140 mmHg systolisch en/of 90 mmHg diastolisch
• die bestond voor de zwangerschap of voor de 20ste zwangerschapsweek wordt vastgesteld
• die na de bevalling minstens 12 weken hoog blijft.
Ongeveer twee à drie procent van de vrouwen heeft voor de zwangerschap al een verhoogde bloeddruk. Dit percentage stijgt onder meer met toenemende leeftijd en een toenemend gewicht van de moeder.

Oorzaken zwangerschapshypertensie

De precieze oorzaak van zwangerschapshypertensie is nog niet gekend. Waarschijnlijk spelen de aanleg en de ontwikkeling van de placenta in de eerste helft van de zwangerschap een rol. Dat zou kunnen verklaren waarom de bloeddruk bij zwangerschapshypertensie na de bevalling meestal na enkele dagen weer normaal wordt.
Mogelijk gaat het om een combinatie van immunologische factoren (een soort afstotingsreactie van de foetus) en erfelijke factoren.

Wie loopt een verhoogd risico op zwangerschapshypertensie?
• Zwangerschapshypertensie komt vooral voor bij een eerste zwangerschap. Bij lichte vormen verloopt een volgende zwangerschap doorgaans normaal.
• Bij een ernstige vorm van zwangerschapshypertensie of bij pre-eclampsie bestaat in een volgende zwangerschap een grotere kans op het opnieuw optreden van zwangerschapshypertensie of pre-eclampsie. Het verloop is dan wel vaak minder ernstig.
• Bij een nieuwe zwangerschap tien jaar na een vorige zwangerschap, is het risico op zwangerschapshypertensie even hoog als bij een eerste zwangerschap.
• Ook bij een meerlingzwangerschap is de kans op zwangerschapshypertensie groter.
• Zwangerschapshypertensie komt meer voor bij een zwangerschap op jonge leeftijd (voor 20 jaar) of op latere leeftijd (vanaf 40 jaar).
• Vermoedelijk spelen ook erfelijke factoren een rol. Vrouwen waarvan de moeder of zus een ernstige vorm van zwangerschapshypertensie hebben gehad, lopen zelf ongeveer vijfmaal zoveel kans ook een hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap te krijgen.
• Een aantal ziekten verhogen de kans op zwangerschapshypertensie en pre-eclampsie: diabetes, nierziekten, sommige auto-immuunziekten zoals Lupus, een al eerder bestaande hoge bloeddruk.
• Overgewicht (BMI van 30 kg/m2 of meer) verhoogt de kans op (zwangerschaps)hypertensie.
• Mogelijk speelt ook een stress een rol, maar dat is niet echt bewezen.

Kunt u zwangerschapshypertensie voorkomen?

U kunt zwangerschapshypertensie of complicaties zoals pre-eclampsie niet voorkomen. De enige voorzorgsmaatregel is geregeld uw bloeddruk laten controleren zodat bij eventuele complicaties tijdig kan opgetreden worden.
• De Nederlandse Gezondheidsraad adviseert zwangere vrouwen om dagelijks 10 mg extra vitamine D te slikken. Dat zou het risico op een te hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap verminderen. Het bewijs daarvoor is nogal mager, maar het kan zeker geen kwaad om tijdens de zwangerschap extra vitamine D te slikken.

• Er zijn geen bewijzen dat een zoutarm of zoutloos dieet de kans op zwangerschapshypertensie of complicaties zoals pre-eclampsie zou verminderen. U kunt dus een matige hoeveelheid zout gebruiken (± 5 g per dag). Bij reeds voor de zwangerschap bestaande hoge bloeddruk, zou een zoutarm dieet wel zinvol kunnen zijn.

• Er zijn evenmin bewijzen dat een dieet rijk aan bepaalde onverzadigde vetzuren (zoals visolie) of extra magnesium of calcium, enig verschil maakt.

• Alhoewel overgewicht mogelijk een risicofactor is, wordt niet aangeraden om tijdens de zwangerschap een vermageringsdieet te volgen.

• Het is niet aangetoond dat rust zwangerschapshypertensie kan voorkomen. Als de bloeddruk verhoogd is, wordt wel aangeraden om het rustig aan te doen: minder werk buitenshuis, huishoudelijke hulp... Ook bedrust heeft weinig of geen effect op het risico op zwangerschapshypertensie of pre-eclampsie. In geval van een verhoogde bloeddruk zou slapen in linker zijligging mogelijk de kans op pre-eclampsie kunnen verminderen.

• Bij een verhoogde bloeddruk zou het dagelijks innemen van een lage dosis aspirine mogelijk de kans op complicaties zoals pre-eclampsie kunnen verminderen. Dit wordt echter alleen aangeraden bij vrouwen met bijkomende risicofactoren zoals diabetes, een nierziekte, sommige immuunstoornissen zoals Lupus enzovoorts, of als u bij een vorige zwangerschap zwangerschapshypertensie of pre-eclampsie hebt gehad.

• Wanneer bestaande ziekten een rol spelen (bijvoorbeeld diabetes of een nierziekte), moeten die uiteraard adequaat behandeld worden.

Klachten bij een hoge bloeddruk

Meestal merkt u niets van (zwangerschaps)hypertensie. Als het om een ernstige vorm gaat, komen er wel vaak klachten voor.
Mogelijke klachten zijn:
• hoofdpijn;
• gezichtsstoornissen (wazig zien, sterretjes zien...);
• buikpijn onder de ribben of een drukkend gevoel in de buik;
• tintelingen of pijn in de vingers;
• opzwellen van gezicht, handen en/of voeten (oedeem);
• problemen bij het plassen;
• misselijkheid en braken.

Indien dergelijke klachten optreden, moet u zo snel mogelijk een arts raadplegen. Ze kunnen namelijk een eerste teken zijn van een ernstige complicatie, zoals pre-eclampsie.

Is een hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap gevaarlijk?

Zowel een voorafbestaande hoge bloeddruk als zwangerschapshypertensie kunnen bij de moeder en het kind tot soms ernstige complicaties lijden. Hoe hoger de bloeddruk, hoe groter het risico op deze complicaties. Vooral de hoogte van de diastolische of onderdruk is bij een zwangerschap doorslaggevend.

• De kans op complicaties is over het algemeen niet verhoogd bij een lichte verhoging van de bloeddruk (een bovendruk tot 140 mmHg en/of een onderdruk tot 90 mmHg).
• Wanneer de diastolische of onderdruk hoger ligt dan 90 mmHg en/of de systolische onderdruk boven 140 mmHg komt, neemt de kans op complicaties toe, zeker wanneer ook het eiwitgehalte in het bloed hoog is (proteïnurie).

Mogelijke complicaties
• Uw nieren en lever werken tijdelijk minder goed.
• Uw bloed stolt minder goed.
• Verminderde bloedtoevoer naar de placenta (moederkoek). Hierdoor groeit het ongeboren kind minder goed en kan de conditie van de baby achteruitgaan. In het ergste geval kan de moederkoek loskomen.
• Mogelijk vroeggeboorte of overlijden van de foetus.

123-txt-preeclamspie-hogeRR-zw-08-16.jpg
Pre-eclampsie
Pre-eclampsie, ook wel zwangerschapsvergiftiging genoemd, is een ernstige vorm van (zwangerschaps)hypertensie waarbij er ook eiwitverlies in de urine is (proteïnurie). Dat wijst op schade aan de nieren.
De kans op ernstige complicaties bij moeder en kind neemt dan toe, zoals uitvallen van de nieren, bloedingen in de lever en/of de hersenen, vochtophoping en de longen, en bij de baby groeivertraging, zuurstoftekort en overlijden.
In geval van pre-eclampsie zult u waarschijnlijk (tijdelijk) in het ziekenhuis worden opgenomen om u beter te kunnen opvolgen en eventueel te kunnen behandelen.

zie ook artikel : Pre-eclampsie (zwangerschapsvergiftiging) : eenvoudige versie

Eclampsie
Soms leidt pre-eclampsie tot eclampsie. Dan krijgt u stuipen of een epileptische aanval. Dat is een medische noodsituatie die onmiddellijk medisch ingrijpen vereist. Het kan soms levensbedreigend zijn, zowel voor moeder als kind. Afhankelijk van de toestand van het kind en als het kind levensvatbaar is, zal de bevalling worden ingeleid of indien nodig een keizersnede worden uitgevoerd.

HELLP-syndroom
Het HELLP-syndroom is een ernstige vorm van pre-eclampsie. HELLP staat voor Hemolyse (afbraak van de rode bloedcellen), Elevated Liver enzymes (verhoogde leverenzymen) en Low Platelets (een laag aantal bloedplaatjes). Alhoewel het HELLP-syndroom vooral voorkomt in combinatie met een hoge bloeddruk, kan het soms ook optreden bij vrouwen met een normale bloeddruk.
Het HELLP-syndroom is een noodsituatie waarvoor ziekenhuisopname noodzakelijk is. Indien de toestand van het kind dat vereist en als het kind levensvatbaar is, zal een keizersnede worden uitgevoerd.

zie ook artikel : Pre-eclampsie : medisch gerichte versie

Hoe wordt hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap opgespoord?

• Bij het begin van de zwangerschap en nadien bij elke prenatale controle zal uw arts uw bloeddruk meten. Het is normaal dat de bloeddruk in het begin van de zwangerschap een beetje daalt en in het derde trimester een beetje stijgt. Een diastolische of onderdruk hoger dan 90 mmHg wordt tijdens de zwangerschap beschouwd als te hoog.
• Bij elke prenatale controle zal de arts ook het eiwitgehalte in de urine (proteïnurie) bepalen, zeker als u een verhoogde bloeddruk hebt of tot een risicogroep behoort. Een verhoogd eiwitgehalte in het bloed kan wijzen op (een gevaar voor) pre-eclampsie. Eiwit in de urine kan ook andere oorzaken hebben, bijvoorbeeld een blaasontsteking of vaginale afscheiding. Het is dus niet altijd een teken van pre-eclampsie.
• Afhankelijk van de ernst van de hypertensie en het bestaan van pre-eclampsie, zal uw bloeddruk frequent gecontroleerd worden en zullen eventueel bijkomende onderzoeken worden uitgevoerd, zoals controle van de nier- en leverfunctie, van de urine en het bloed. Ook zal de toestand van de foetus nauwgezet opgevolgd worden. Voor de beoordeling van de conditie van de baby wordt onder meer de grootte van de baby nagegaan, bijvoorbeeld door echoscopisch onderzoek. Vaak wordt een hartfilmpje van de baby gemaakt.

Behandeling van hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap

De behandeling van een vooraf bestaande hoge bloeddruk en van zwangerschapshypertensie hangt onder meer af van de hoogte van de bloeddruk en het optreden van complicaties. Mogelijk zal u bloeddrukverlagende geneesmiddelen moeten nemen en de zwangerschap zal extra opgevolgd worden, zodat bij complicaties snel kan worden ingegrepen. Indien nodig zal u ook (tijdelijk) in het ziekenhuis worden opgenomen.

Wanneer is een behandeling nodig?
• Wanneer u voor de zwangerschap reeds een hoge bloeddruk had en daarvoor behandeld werd met bloeddrukverlagende geneesmiddelen, zal die behandeling meestal worden verdergezet. Indien nodig zal het type of de dosis geneesmiddelen aangepast worden.
• Bij een diastolische of onderdruk van 90-95 mmHg of een systolische of bovendruk van 140-150 mmHg zijn bloeddrukverlagende geneesmiddelen meestal niet nodig. Tenzij u klachten krijgt die kunnen wijzen op nierschade of complicaties zoals pre-eclampsie, of als uw bloeddruk verder stijgt.
• Een behandeling met bloeddrukverlagende geneesmiddelen wordt aangeraden:
- bij ernstige hoge bloeddruk (onderdruk boven 100-110 mmHg en/of bovendruk boven 160 mmHg),
- als er klachten (hoofdpijn, buikpijn, braken, opzwellen handen, voeten of gezicht....) of tekenen (bijv. eiwit in de urine, groeiachterstand van de baby...) zijn die kunnen wijzen op complicaties.
Waarschijnlijk zal u (tijdelijk) in het ziekenhuis worden opgenomen voor verdere controle en opvolging.
• In geval van pre-eclampsie of HELLP-syndroom zult u altijd in het ziekenhuis worden opgenomen en een behandeling krijgen.

Welke behandeling?

1. Bloeddrukverlagende middelen (hypertensiva)
• Middelen die de voorkeur verdienen voor de behandeling van hypertensie in de zwangerschap zijn:
- een betablokker, bij voorkeur labetalol (Trandate)
- calciumantagonisten zoals nifedipine, nicardipine en verapamil
- methyldopa
• Plaspillen (diuretica) worden afgeraden, zeker bij tekenen van pre-eclampsie.
• ACE-remmers (Angiotensine converting enzyme inhibitoren), angiotensinereceptorblokkers (sartanen) en directe renineremmers mogen niet gebruikt worden tijdens de zwangerschap. Ook de betablokker atenolol wordt afgeraden.
Indien u deze middelen voor de zwangerschap gebruikte, moeten deze (liefst nog voor de zwangerschap) worden vervangen door andere antihypertensiva.

2. Aspirine om pre-eclampsie te voorkomen
Bij vrouwen met chronische hypertensie (die dus voor de zwangerschap reeds bestond) en bij een hoog tot matig risico op pre-eclampsie wordt aanbevolen om vanaf het einde van het eerste trimester acetylsalicylzuur in lage dosis (60 tot 100 mg per dag) te nemen.

Dit is het geval bij volgende risicofactoren:
• pre-eclampsie bij een vorige zwangerschap,
• chronische hypertensie,
• diabetes,
• nieraandoening,
• auto-immuunziekte (zoals Lupus),
• een eerste zwangerschap
• interval van meer dan 10 jaar tussen twee zwangerschappen
• meerlingenzwangerschap
• leeftijd van 40 jaar of hoger
• BMI = 35
• pre-eclampsie bij moeder of zuster.

Omwille van een mogelijk verhoogd bloedingsrisico tijdens de bevalling, wordt uit voorzorg aangeraden om de inname van acetylsalicylzuur 5 à 10 dagen vóór de voorziene bevallingsdatum te stoppen.

3. Geneesmiddelen om stuipen te voorkomen
In geval van ernstige pre-eclampsie of eclampsie (stuipen) zal u via een infuus magnesiumsulfaat krijgen om stuipen te voorkomen of te doen stoppen.

4. Geneesmiddelen bij dreigende vroeggeboorte
Als er een kans is dat de baby op korte tijd zal geboren worden voor 33-34 weken, zal u waarschijnlijk corticosteroïden (bijnierschorshormonen) krijgen om de longen van de baby sneller te laten rijpen. Dit gebeurt door een injectie in uw bil, die eenmalig herhaald wordt na 12 of 24 uur.

5. Pijnstillers
Eventueel zal u ook pijnstillers krijgen om de belasting voor het ?lichaam zo laag mogelijk te houden.


De bevalling
Bij ernstige klachten en afhankelijk van de toestand van moeder of kind zal de bevalling vervroegd worden ingeleid of is een keizersnede nodig. Zo mogelijk wordt daarmee gewacht tot week 37 of 38.
Indien dat niet mogelijk is, bijvoorbeeld na een eclamptische aanval, zal de bevalling vroeger moeten gebeuren, ongeacht de zwangerschapsduur. De consequenties van een vroeggeboorte kunnen natuurlijk zeer groot zijn.

Na de bevalling
Na de bevalling stopt de pre-eclampsie bijna meteen en herstellen uw organen van de geleden schade.
In het geval van zwangerschapshypertensie zakt de bloeddruk meestal binnen enkele weken tot het normale niveau. Bij chronische hypertensie blijft de hoge bloeddruk meestal bestaan.
Na ongeveer zes weken zijn alle tekens en symptomen van orgaanfalen verdwenen. Het kan wel meerdere maanden duren voor u lichamelijk weer helemaal fit bent.
• In geval van pre-eclampsie of HELLP-syndroom zal u na de bevalling waarschijnlijk nog enkele dagen in het ziekenhuis moeten blijven.
• Als u bloeddrukverlagende medicijnen hebt gekregen, moet u deze na de bevalling meestal nog enige tijd blijven gebruiken. Bij chronische hypertensie is de kans groot dat u ze na de bevalling verder moet blijven gebruiken.
Pasgeborenen waarvan de moeder behandeld werd met antihypertensiva, moeten extra opgevolgd worden, zeker tijdens de eerste dagen na de geboorte en bij borstvoeding.
• In de eerste weken na de bevalling zal uw (huis)arts uw bloeddruk opvolgen. Mogelijk zullen ook bijkomende bloed- en urineonderzoeken gebeuren naar de aanwezigheid van eiwitten in de urine, bloedstolling enzovoorts.

Borstvoeding
Meestal kunt u ook bij ernstige (zwangerschaps)hypertensie en pre-eclampsie uw baby borstvoeding geven.
Ook als u bloeddrukverlagende geneesmiddelen moet nemen, mag u borstvoeding geven.
Volgende bloeddrukverlagende geneesmiddelen worden als veilig beschouwd bij borstvoeding:
o de ß-blokkers labetalol en metoprolol;
o de calciumantagonisten nifedipine en nicardipine;
o de ACE-inhibitoren benezapril, captopril, enalapril en quinapril;
o methyldopa.
Plaspillen (Diuretica) kunnen de melkproductie onderdrukken en worden afgeraden als borstvoeding wil geven.
De beta-blokker Atenolol, andere ACE-remmers en angiotensine receptor antagonisten worden afgeraden.

Een volgende zwangerschap

Bij een zeer ernstige zwangerschapshypertensie, pre-eclampsie of HELLP-syndroom is er een kleine kans op herhaling in een volgende zwangerschap. Het verloop is vaak minder ernstig.
Wanneer de pre-eclampsie is opgetreden vóór de 30ste zwangerschapsweek bedraagt het herhalingsrisico tot 40 %. Voor het HELLP-syndroom bedraagt het herhalingsrisico ongeveer 5 %.

Bespreek een volgende zwangerschap het best vooraf met uw arts.
• Mogelijk moet uw bloeddrukverlagende medicatie voor de zwangerschap aangepast worden.
• In het begin van de nieuwe zwangerschap kan de arts u adviseren om een laaggedoseerd aspirinepreparaat te nemen om een herhaling van zwangerschapshypertensie of pre-eclampsie te voorkomen.

Bronnen:
• Domus Medica
http://www.domusmedica.be/varia/docman-alles/publiek/praktijkdocumenten/richtlijnen/731-zwangerschapsbegeleiding-1/file.html
http://www.domusmedica.be/documentatie/richtlijnen/overzicht/hypertensie-horizontaalmenu-384.html
• Belgisch Centrum voor farmacotherapeutische Informatie (BCFI)
http://www.bcfi.be/nl/articles/query?number=F39N02B
http://www.bcfi.be/nl/articles/2580?folia=2574
• Vlaamse Vereniging voor Obstretrie en Gynaecologie
http://www.vvog.be/artikel?id=31200809,c=105,sectie=browse
http://www.vvog.be/docs/2014/03/08065003.pdf
• UZ Leuven
https://www.uzleuven.be/gynaecologie-en-verloskunde/zwangerschapsvergiftiging
• Nederlandse Vereniging voor Obstretie en Gynaecologie
http://www.nvog.nl/Sites/Files/0000000089_Hoge_bloeddruk_in_de_zwangerschap.pdf
http://nvog-documenten.nl/uploaded/docs/Hypertensieve%20aandoeningen%20in%20de%20zwangerschap.pdf
• Erasmus MC
Pre-eclampsie en HELLP-syndroom
http://www.erasmusmc.nl/cs-patientenzorg/2419534/2419543/100560/218980/5843431-02_07aiPre-eclampsi1.pdf



verschenen op : 13/10/2016 , bijgewerkt op 11/10/2016
pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt