Hoe kunt u prostaatkanker voorkomen?

Laatst bijgewerkt: October 2015
123-p-prostaat-kanker-170-10.jpg

tips Prostaatkanker is een van de meest voorkomende kankers bij mannen. In Europa krijgt ongeveer 1 man op 10 ooit prostaatkanker.

Over de precieze oorzaken van prostaatkanker is nog weinig bekend. Toch heeft men de belangrijkste risicofactoren in kaart kunnen brengen. Aan een aantal daarvan (zoals uw leeftijd of erfelijkheid) kunt u weinig veranderen, maar andere risicofactoren hebt u wel (gedeeltelijk) in eigen handen.

Niet-vermijdbare risicofactoren

1. Leeftijd
Dit is de belangrijkste risicofactor: hoe ouder u wordt, hoe groter de kans dat u prostaatkanker krijgt. Bij mannen jonger dan 40 jaar komt prostaatkanker nauwelijks voor, vanaf 55 jaar stijgt het risico en bij mannen boven de 70 komt heel frequent prostaatkanker voor. Maar dan groeien de kankercellen vaak zo langzaam dat ze geen enkel probleem veroorzaken.

2. Erfelijkheid / familiale voorgeschiedenis
• Vijf tot tien procent van alle gevallen van prostaatkanker zijn erfelijk bepaald. Bij mannen die voor de leeftijd van 55 jaar prostaatkanker krijgen, is dat zelfs 40%.
• Mannen met een eerstegraadsverwant met prostaatkanker hebben een twee tot vier keer verhoogde kans om ook prostaatkanker te krijgen. Voor mannen met twee of meer eerstegraadsverwanten met prostaatkanker is dat risico zelfs vijf tot tien keer verhoogd.
• Mannen waarvan een eerstegraadsverwant (bv. moeder) borstkanker heeft gehad (of een erfelijke genafwijking voor borstkanker), hebben eveneens een verhoogd risico op prostaatkanker.

3. Lichaamslengte
Hoe langer een man is, hoe hoger zijn risico op prostaatkanker. Lichaamslengte op zichzelf is waarschijnlijk geen directe oorzaak van de ziekte. Lichaamslengte weerspiegelt bepaalde groeipatronen vroeg in het leven.

4. Etnische afkomst
Prostaatkanker komt vaker voor bij mannen van het zwarte ras, of de daarmee gemengde nakomelingen, in vergelijking met blanke of Aziatische mannen.

5. Andere kankers
Mannen die blaas-, nier-, long-, schildklier- of huidkanker hebben gehad, hebben een verhoogd risico op prostaatkanker.

6. Lynch syndroom
Mannen met het Lynch syndroom, een erfelijke vorm van darmkanker, hebben ook een verhoogd risico op prostaatkanker.

7. Ziekte van Parkinson
Sommige mensen die lijden aan de ziekte van Parkinson lopen blijkbaar een hoger risico op melanoom (huidkankersoort) en prostaatkanker. Dat verband blijkt erfelijk te zijn. Ook bij verwanten van dergelijke Parkinsonpatiënten komen melanoom en prostaatkanker vaker voor.

Vermijdbare risicofactoren

1. Hoge bloeddruk
De kans dat een man overlijdt aan prostaatkanker ligt hoger als hij een verhoogde bloeddruk heeft. Er zijn ook aanwijzingen dat een verhoogde bloeddruk de kans op het ontstaan van prostaatkanker zou verhogen.

2. Verhoogd cholesterolgehalte
Zowel een verhoogd totaal cholesterol als hogere waarden voor LDL-cholesterol (‘slechte’ cholesterol) zijn geassocieerd zijn met een verhoogd risico op prostaatkanker. Vooral bij agressieve vormen van prostaatkanker wordt een verband vastgesteld.
Mogelijk zou een behandeling van een te hoog cholesterolgehalte (bijvoorbeeld met statines) kunnen leiden tot een lagere kans op (agressieve) prostaatkanker of een herval kunnen voorkomen.

3. Tekort vitamine D
Sommige studies suggereren dat een tej-kort aan vitamine D (door te weinig blootstelling aan de zon) de kans op prostaatkanker zou opleveren.
Of vitamine D supplementen de kans op prostaatkanker verlagen, is echter niet aangetoond.

4. Dieet
• Een voeding met een zeer hoge calciuminname (meer dan 2 mg calcium per dag) verhoogt waarschijnlijk het risico op prostaatkanker.
• Overmatige consumptie van rood vlees (van rund, varken en lam) en bereide vleeswaren zouden de kans op prostaatkanker iets verhogen. Het risico blijkt vooral samen te hangen met de manier waarop het vlees bereid werd, namelijk met gegrild of gebarbecued vlees. Daarbij kunnen kankerverwekkende stoffen, heterocyclische amines (HCA's) en polycyclische aromatische hydrocarbonen (PAC's), ontstaan. De consumptie van gemalen rood vlees - américain - blijkt bijvoorbeeld geen hoger risico op (agressieve) prostaatkanker op te leveren.
• Of verzadigde vetten (meestal van dierlijke oorsprong) de kans op prostaatkanker verhogen, is niet duidelijk. Transvetzuren (verharde vetten) zouden het risico mogelijk wél verhogen.
• Of onverzadigde vetten (bv. olijfolie, koolzaadolie) een gunstig effect hebben, is evenmin duidelijk.
• Consumptie van vis, en dan vooral van vette vis die rijk is aan omega-3 vetzuren, zou wel een beschermend effect hebben, vooral dan tegen agressieve vormen van prostaatkanker.
Groenten, en dan vooral kruisbloemigen (zoals alle koolsoorten), uien, look en wortelen, hebben een beschermend effect.
Groene thee zou mogelijk een licht beschermend effect hebben.
• Mogelijk hebben lycopeen (een stof die aanwezig is in onder meer gekookte tomaten) en fyto-oestrogenen (aanwezig in sommige sojaproducten) een gunstig effect op het voorkomen van prostaatkanker. Er zijn geen bewijzen dat supplementen met lycopeen of fyto-oestrogenen eenzelfde gunstig effect hebben.
• Het is evenmin aangetoond dat supplementen van bijvoorbeeld selenium en vitamine E de kans op prostaatkanker verminderen. Ze zouden in hoge dosis zelfs de kans op prostaatkanker kunnen verhogen.

5. Overgewicht
Er zijn tot nu toe geen bewijzen dat overgewicht of obesitas de kans op prostaatkanker verhoogt. Overgewicht en obesitas zouden wél de kans op agressieve vormen van prostaatkanker en overlijden ingeval van prostaatkanker verhogen.

6. Hormonen
Anabole steroïden die gebruikt worden als doping in de sport en bij bodybuilding, kunnen mogelijk prostaatkanker veroorzaken en de evolutie ervan versnellen.

7. Sterilisatie (vasectomie)
Of sterilisatie het risico op prostaatkanker verhoogt, is zeer omstreden. Sommige onderzoeken tonen een verband aan, vooral dan met agressieve kankertypes. Andere onderzoeken tonen geen enkel verband. Als er al een verhoogd risico zou bestaan, dan is dat alleszins verwaarloosbaar klein.

Preventief effect van aspirine op prostaatkanker
Dagelijkse inname van aspirine zou het risico op prostaatkanker met ca. 10% kunnen verminderen. Aspirine vertraagt ook de groei van prostaatkanker en vermindert het overlijdensrisico. Er bestaat echter nog onduidelijkheid over de dosis en voor hoelang men aspirine moet nemen.
Mogelijk zou ook paracetamol de kans op (agressieve) prostaatkankers verminderen.
Begin zeker niet op eigen houtje aspirine te slikken, want dit kan ook bijwerkingen hebben (bv. een maagbloeding). Bespreek dit eerst met uw huisarts.

Geen risicofactoren

Factoren die geen invloed hebben op het ontstaan van prostaatkanker:
• Vergrote prostaat
Bij de meeste mannen wordt de prostaat groter met de leeftijd, vooral na 50 jaar. Deze ziekte wordt prostaatadenoom genoemd (of BHP: benigne prostaat hyperplasie). Het fenomeen is waarschijnlijk te wijten aan hormonale veranderingen; in bepaalde gevallen geeft dit problemen bij het urineren, omdat de prostaat op de urinewegen drukt. Een prostaatadenoom betekent niet dat er aanleg is om prostaatkanker te ontwikkelen.
• Ontsteking van de prostaat
Tot nu toe is er geen bewijs dat acute of chronische ontstekingen van de prostaat (prostatitis) de kans op prostaatkanker verhoogt.
• Alcoholgebruik.
• Kaalheid
Er is geen bewijs dat mannen met hormonale haaruitval (androgenetische alopecie) een verhoogd risico op prostaatkanker hebben.
• Sedentaire levensstijl en/of gebrek aan lichaamsbeweging
Alhoewel sommige onderzoeken aantonen dat een sedentaire levensstijl (bv. een kantoorjob) het risico op prostaatkanker verhoogt, wordt een dergelijk verband door de meeste andere studies tegengesproken. Er zijn wel studies die aantonen dat intense sportbeoefening (niet recreatief) het risico op prostaatkanker zou verminderen bij mannen jonger dan 65 jaar.
Voor mannen die prostaatkanker hebben is voldoende beweging wél belangrijk. Het heeft een gunstig effect op de behandeling en de overlevingskansen.
• Roken
Roken is geen risicofactor voor het ontstaan van prostaatkanker. Roken is wél geassocieerd met een ernstiger beloop van prostaatkanker en een verhoogde sterftekans.
• Seksueel overdraagbare aandoeningen.
• Wisselende seksuele contacten of zelfbevrediging (masturbatie)
Frequente zaadlozingen zouden integendeel een positief effect hebben en mogelijk het risico op prostaatkanker verminderen.
• Verstoring van het circadiane ritme door bijvoorbeeld ploegenarbeid of nachtwerk.

Bronnen
www.nationaalkompas.nl/gezondheid-en-ziekte/ziekten-en-aandoeningen/kanker/prostaatkanker/beschrijving/
www.wkof.nl/nl/kanker/kankersoorten/verlaag-je-risico-op-prostaatkanker
https://www.esmo.org/content/download/6629/115201/file/NL-Prostaatkanker-Gids-voor-Patienten.pdf
http://www.prostaatwijzer.nl/
http://www.kanker.be
http://www.cancer.org/cancer/prostatecancer/detailedguide/prostate-cancer-risk-factors
http://www.cancerresearchuk.org/health-professional/cancer-statistics/statistics-by-cancer-type/prostate-cancer#heading-Three



verschenen op : 23/10/2015
pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt