ad

Wie kan baarmoederhalskanker krijgen?

Laatst bijgewerkt: december 2019
afb-tek-cx-170-10.png

nieuws Baarmoederhalskanker is kanker van de baarmoederhals of cervix. Dat is het onderste versmalde gedeelte van de baarmoeder dat is verbonden met de vagina. Het buitenste deel van de baarmoederhals en het binnenste deel van de baarmoederhals zijn door middel van een kwetsbaar gebied met elkaar verbonden. In dit overgangsgebied ontstaat meestal baarmoederhalskanker.
Jaarlijks worden in Vlaanderen ongeveer 350 vrouwen getroffen door deze kanker. Na borstkanker is het de tweede meest voorkomende soort kanker onder vrouwen tussen 15 en 44 jaar in België en de zevende meest voorkomende kanker onder vrouwen in het algemeen.

Baarmoederhalskanker is in ons land verantwoordelijk voor bijna 190 overlijdens per jaar. Geschat wordt dat bijna 90 procent daarvan had kunnen vermeden worden met een regelmatige opsporing. Deze vorm van kanker ontwikkelt zich immers geleidelijk op basis van zogenaamde prekankerletsels. In deze lange precancereuze fase zorgen systematische uitstrijkjes voor de ontdekking van verdachte letsels en de vroegtijdige behandeling ervan.

Hoe ontstaat baarmoederhalskanker ?
Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door een virus, het humaan papillomavirus (HPV) genoemd. Het virus bestaat uit veel verschillende typen. Sommige typen van dit virus zijn in staat om de normale cellen in het slijmvlies op de grens van de baarmoederhals en de baarmoedermond te veranderen in afwijkende cellen (dysplasie). Dat proces gaat heel langzaam: tussen het allereerste begin en het uiteindelijk ontstaan van baarmoederhalskanker kan wel 10-15 jaar liggen. Wanneer de baarmoederhals besmet wordt met het humaan papillomavirus, wordt in 80 tot 90% van de besmettingen dit virus opgeruimd door het afweersysteem zelf. Net zoals bij de virussen die verkoudheid of griep veroorzaken. Bij 10% tot 20% van de vrouwen die besmet raken, blijft het virus sluimeren en kunnen afwijkende cellen ontstaan. Bij toename van deze afwijkende cellen ontstaat een voorstadium van baarmoederhalskanker. Als dit niet wordt behandeld, ontstaat uiteindelijk baarmoederhalskanker.
Sinds enkele jaren kunt u zich laten vaccineren tegen het HPV-virus. Dit vaccin beschermt tegen twee gevaarlijke types van het HPV-virus die baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken. Door een condoom te gebruiken hebt u ook minder kans om het virus op te lopen, maar deze bescherming is niet gegarandeerd.

Wie kan baarmoederhalskanker krijgen?
Elke vrouw die besmet is met het HPV-virus kan baarmoederhalskanker krijgen. Iedereen die seksueel actief is kan het humaan papillomavirus oplopen, het is namelijk een seksueel overdraagbare aandoening (soa) die erg besmettelijk is. Het virus is zo wijd verspreid dat 80% van alle vrouwen ooit tijdens hun seksueel actieve leven een HPV-besmetting krijgt.

Baarmoederhalskanker komt voor bij vrouwen van alle leeftijden, maar het meest bij vrouwen van 25 tot en met 64 jaar. Daarom raadt de Vlaamse overheid vrouwen tussen 25 en 64 jaar aan om de drie jaar een uitstrijkje te laten nemen. Baarmoederhalskanker kan ook uitzonderlijk optreden bij vrouwen die jonger zijn dan 25 en bij vrouwen tussen de 65 en 85 jaar.

Risicofactoren
• Vrouwen met een HPV-infectie die roken hebben bijna twee keer zoveel kans op het ontwikkelen van baarmoederhalskanker ten opzichte van niet-rokende vrouwen met HPV. Het verhoogde risico wordt veroorzaakt door de stoffen in sigarettenrook die direct effect hebben op bepaalde cellen in de baarmoederhals. Deze cellen vormen een deel van het afweersysteem van het lichaam en helpen met het bestrijden van een HPV infectie. Roken verzwakt deze cellen. In vrouwen die gestopt zijn met roken lijken deze cellen weer normaal te worden zonder enige behandeling.

• Vrouwen met een verzwakt afweersysteem kunnen niet geen HPV-infectie moeilijker 'opruimen'. Daarom komt baarmoederhalskanker vaker voor bij:
• vrouwen met HIV en AIDS
• vrouwen die medicatie nemen die het immuunsysteem onderdrukt, b.v. vrouwen die een orgaantransplantatie hebben ondergaan.

• Baarmoederhalskanker komt vaker voor bij vrouwen die nooit een uitstrijkje laten nemen omdat een uitstrijkje de voorstadia van baarmoederhalskanker opspoort.

• Baarmoederhalskanker komt vaker voor bij vrouwen die al vanaf jonge leeftijd seksueel actief zijn. Dit komt waarschijnlijk omdat de baarmoederhals bij jonge vrouwen (jonger dan 16 jaar) nog aan het veranderen is. Daardoor is hij gevoeliger voor infecties.

• De kans op besmetting met HPV is groter naarmate een vrouw of haar partner meerdere wisselende seksuele contacten hebben. Maar dat betekent niet dat wanneer een vrouw baarmoederhalskanker heeft dat zij of haar partner dus meer wisselende contacten heeft (gehad). Eén seksueel contact is immers al voldoende om besmet te raken met dit wijd verspreide virus.

• Een slechte voeding kan ook een risicofactor zijn, omdat men dan niet de noodzakelijke voedingsstoffen binnenkrijgt om het afweersysteem sterk en gezond te houden.

• In tegenstelling tot vele andere vormen van kanker is baarmoederhalskanker niet erfelijk.

Langdurig pilgebruik (langer dan 5 jaar) veroorzaakt een licht verhoogd risico op het ontstaan van baarmoederhalskanker. Het risico daalt terug na het stoppen van de pil. Na 10 jaar is het risico terug op hetzelfde niveau als dat van nooit-pilgebruiksters.

Meer info
www.allesoverkanker.be
www.kanker.be/baarmoederhalskanker
www.bevolkingsonderzoek.be/baarmoederhalskanker
www.zorg-en-gezondheid.be/HPV/




ad


pub